Sinn Fein winnaar verkiezingen Ulster

LONDEN, 1 JUNI. Sinn Fein, de politieke vleugel van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), is de grote winnaar geworden van de verkiezingen die donderdag in Noord-Ierland zijn gehouden. De partij van Gerry Adams haalde 15,4 procent van de stemmen, de helft meer dan vier jaar geleden bij verkiezingen voor het Britse Lagerhuis.

Maar Sinn Fein mag niet deelnemen aan het centraal overleg over de politieke toekomst van Noord-Ierland dat over anderhalve week moet beginnen. Eerst moet de IRA opnieuw overgaan tot een staakt-het-vuren. De regeringen van Groot-Brittannië en Ierland hebben dat standpunt gisteravond herhaald. Sinn Fein-president Gerry Adams verklaarde dat “zonder de inbreng van Sinn Fein vredesbesprekingen geen enkele waarde hebben.” Hij weigerde zich uit te spreken over de kans dat de IRA voor het begin van het overleg op 10 juni besluit tot een staakt-het-vuren.

De Ulster Unionist Party, die de grote pleitbezorger was van de verkiezingen, verloor in vergelijking met vier jaar geleden bijna eenderde van de stemmen. Maar de UUP van David Trimble was allang blij dat ze met 24,5 procent nog steeds de grootste partij bleef, vóór de Democratic Unionist Party van dominee Ian Paisley (18,7 procent). De Social Democratic and Labour Party van de gematigde nationalist John Hume haalde 21,3 procent.

Bij de verkiezingen konden 110 vertegenwoordigers in een nieuw te vormen forum worden gekozen. De partijen moeten uit de forumleden delegaties vormen voor het vredesoverleg. Tien keer twee zetels waren gereserveerd voor de tien partijen die in heel Noord-Ierland als sterkste uit de bus zouden komen om ook kleinere organisaties kans te geven op een plaats aan de onderhandelingstafel. Van die regeling profiteerden de Progressive Unionist Party (PUP, 3,4 procent) en de Ulster Democratic Party (UDP), twee partijen die aan de protestantse paramilitairen zijn gelieerd.