'Het gat van Urk'

Het is buitengewoon stuitend te lezen dat door Ben van der Velden alle Urker vissers als fraudeurs worden aangemerkt (9 mei). Immers er staat: “De Urker vissers weten op slinkse wijze tegenslagen te pareren. Urker vissers zijn doorkneed in het omzeilen van de beperkingen die hen worden opgelegd”. “De Nederlandse vissers klagen dat de quota de afgelopen twee jaar zijn gedaald.” Maar wat dat precies betekent blijft onduidelijk zolang de vissers de plaatsen kennen waar illegaal gevangen vis zonder veel risico aan land kan worden gebracht.

Echter Urker vissers hebben geheel legaal overdraagbare quota gekocht van Engelse en Duitse vissers, die waarschijnlijk liever thuis zitten, en leven van de verhuur of verkoop van hun quota. Nederlandse vissers zijn vrije ondernemers, die meestal vier dagen en nachten onder vaak barre omstandigheden in touw zijn, om de twee uur een trek binnenhalen en verwerken. Jonge bemanningen waarvan de oudste soms onder de dertig jaar, die de verantwoordelijkheid dragen voor een miljoenen kostend schip. Zet dat eens tegen sommige in de stad studerenden die denken dat je flink kunt worden door ontgroenen.

Ik ken door mijn meevaren als zeeschilder vele vissers die zich heel gewoon aan de regels houden, zonodig terug gaan naar de Zeevaartschool, examen doen, schepen renoveren en aanpassen aan de steeds strengere eisen. Onrendabele schepen verkopen waarbij toch vele schippers van kleinere schepen het moesten afleggen. Zolang zaken onduidelijk zijn, dient Van der Velden onderzoek te doen alvorens vissers voor rotte vis uit te schelden.