Russen en Britten raken in conflict over spionagezaak

LONDEN/MOSKOU, 7 MEI. De arrestatie van een Russische ambtenaar die wordt verdacht van spionage voor de Britten dreigt te leiden tot een heftige diplomatieke confrontatie tussen Groot-Brittannië en Rusland, de zwaarste sinds het einde van de Koude Oorlog. Rusland wil negen Britse diplomaten het land uitzetten. Het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft al aangekondigd dat een aantal Russische diplomaten in dat geval hetzelfde lot wacht.

De Russische onderminister van Buitenlandse Zaken Sergej Krylov heeft de Britse ambassadeur in Moskou, Andrew Wood, gisteren op het matje geroepen en een lijst overhandigd van diplomaten die zich aan spionage zouden hebben schuldig gemaakt. Maar volgens de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Malcolm Rifkind, heeft de Russische regering tijdens dit onderhoud “geen enkel bewijsmateriaal overlegd dat die beschuldigingen staaft”. Hij noemt de verdachtmakingen “volstrekt ongegrond”.

Hoge Britse ambtenaren suggereren dat de spionagerel een politieke achtergrond heeft. De Russiche president Jeltsin, die in eigen land nogal eens wordt verweten dat hij zich halfzacht opstelt tegenover het Westen, zou zijn kansen op herverkiezing willen vergroten door zich een krachtdadiger imago aan te meten. In de verkiezingscampagne in Rusland is de verhouding met de Westerse industriële wereld een geducht thema geworden. Bovendien zou de Russische staatsveiligheidsdienst FSB, na een aantal mislukte operaties, een succes goed kunnen gebruiken. “De FSB snakt naar de vangst van een spion”, verklaarde vanmorgen de Russische dubbelagent Oleg Gordjevski, die in 1985 naar de Britten overliep en sindsdien in Engeland woont.

Het diplomatieke conflict volgt op de bekendmaking gisteren door de FSB dat de dienst een maand geleden een Russische burger had aangehouden die politieke en militaire geheimen leverde aan de Britten. Volgens de woordvoerder van de FSB, kolonel Aleksandr Zdanovitsj, zou hij niet uit ideologische maar uit materialistische motieven hebben gehandeld. Volgens de FSB legde de man tijdens ondervragingen belastende verklaringen af tegen een aantal leden van de Britse diplomatieke dienst. “Het daarop volgend onderzoek wees uit dat zij betrokken waren bij activiteiten die niet verenigbaar zijn met hun diplomatieke status”, zei de woordvoerder tegenover het persbureau Interfax, daarbij de eufemistische omschrijving voor spionage kiezend die tijdens de Koude Oorlog veel werd gebruikt.

Pag.5: 'MI6 deed minder in Rusland'

Wat voor informatie de Rus leverde, wilde de woordvoerder niet zeggen, net zomin als hoelang hij dat al deed, en wat de rol van de diplomaten was. Wel zei hij dat de Rus werkzaam was als ambtenaar bij de federale overheid en dat hij om het geld voor de Britten had gespioneerd. Zijn beloning was volgens de woordvoerder “niet gering”.

Het is niet de eerste keer dit jaar dat Moskou de Britten van spionage beticht. Op 15 februari werd een Britse zakenman uitgewezen op verdenking van spionage. Enkele weken daarvoor had het Russische ministerie van buitenlandse zaken Groot-Brittannië al beschuldigd de spionageactiviteiten in Rusland uit te breiden in plaats van te verminderen.

Een recent rapport dat aan de Britse kamercommissie voor veiligheidszaken is overlegd, bevestigt dat de Britse veiligheidsdienst MI6 nog steeds actief is in de voormalige Sovjet-Unie. De aandacht van MI6 zou vooral uitgaan naar machtsverschuivingen in de politieke en militaire top en naar het nog altijd immense kernwapenarsenaal van Rusland. Maar volgens het rapport heeft de Britse veiligheidsdienst haar activiteiten in Rusland sinds het einde van de Koude Oorlog sterk beperkt. Het budget voor inlichtingenwerk in Rusland is tot eenderde verminderd.

Uitwijzingen van elkaars diplomaten en journalisten behoorden in de jaren zeventig en tachtig tot de gebruikelijke Koude Oorlogs-rituelen. In 1971 zette de toenmalige Britse minister van buitenlandse zaken in één klap meer dan honderd Sovjets het land uit. De laatste massale uitwijzing dateert van 1989 toen elf Britse diplomaten, zakenlui en journalisten door de Sovjet-autoriteiten werden gebrandmerkt als ongewenste vreemdeling en werden uitgewezen.

Formeel heeft Moskou de negen Britten niet uitgewezen, maar Londen gevraagd hen terug te roepen.