FNV wil recht werknemer op scholing

DEN HAAG, 30 APRIL. De grootste vakcentrale, de FNV, wil dat werknemers een individueel recht op scholing krijgen van tien dagen per jaar of vijf procent van de jaarlijkse arbeidsduur. Dit staat in een nota over scholing die begin volgende maand door de Federatieraad, het hoogste orgaan van de FNV, besproken zal worden.

De FNV wil het recht op scholing in de CAO vastleggen. De Stichting van de Arbeid - het overlegorgaan van werkgevers en werknemers - zou daartoe aanbevelingen moeten doen. Wanneer de aanbevelingen binnen twee jaar onvoldoende resultaat opleveren, wordt een wettelijk recht op scholing overwogen.

Om dat te bereiken heeft de vakcentrale dan wel de hulp van de politiek nodig.

De FNV pleit voor “een meer offensieve aanpak van scholing” en haakt daarmee aan bij de gezamenlijke nota Kennis in beweging van de ministers Ritzen (Onderwijs) en Wijers (Economische Zaken).

“Voor de gehele samenleving”, schrijft de FNV, “betekent een goed geschoolde bevolking een belangrijke factor in de concurrentie met andere landen”.

De nota richt zich met name op het onderwijs door bedrijven. Behalve voor een individueel scholingsrecht pleit de FNV onder meer voor een scholingsparagraaf met scholingsverlofdagen in alle CAO's, voor gelijke deelname van werknemers, het aanstellen van scholingsadviseurs voor kleine bedrijven, een initiatiefrecht voor werknemers bij scholing en loopbaanonderbreking.

Het gaat er volgens de vakcentrale niet om de een méér te scholen en de ander minder. Er is voor iedereen een intensivering nodig. Met cijfers geeft de FNV aan dat dit niet voor alle werknemers vanzelf gebeurt.