VEB is boos op KNP BT wegens resultaten

ROTTERDAM, 29 APRIL. De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) is boos op KNP BT. De papier en verpakkingsfabrikant heeft beleggers te laat op de hoogte gebracht van de tegenvallende resultaten over het eerste kwartaal van dit jaar.

“Deze zaak moet worden uitgezocht”, aldus directeur P. de Vries van de VEB vanmorgen. In de afgelopen week presenteerde KNP BT een scherpe winstdaling. De slechte resultaten kwamen ruim drie weken nadat de Canadese grootaandeelhouder, de papierleverancier MacMillan Bloedel, via ABN Amro acht miljoen aandelen KNP op de markt bracht voor een prijs van 41 gulden. In reactie op de publikatie van de cijfers daalde de koers van KNP BT met 3,50 gulden tot 40 gulden. Vanmorgen noteerde het aandeel 39,70 gulden.

KNP BT benadrukt dat de winstdaling voornamelijk het gevolg is geweest van de winstdaling bij KNP Leykam. Deze papierdivisie leed een verlies van 7 miljoen gulden in het eerste kwartaal van 1995 tegenover een winst van 65 miljoen gulden een jaar eerder. “Die is voor de helft pas in de tweede helft van maart opgetreden”, aldus een woordvoerder. “De papierprijzen zijn ineens met grote snelheid naar beneden gegaan. In de eerste twee maanden van 1996 was volgens KNP BT nog niet duidelijk dat de winst zo sterk zou dalen.

De herplaatsing begin deze maand van de acht miljoen aandelen KNP BT door MacMillan Bloedel is volgens De Vries “uiterst ongelukkig”. MacMillan had tot 25 april een afgevaardigde (R. Findlay) in de raad van commissarissen van KNP BT. De Vries: “De vraag is of hier sprake is van een toevalige samenloop van omstandigheden. Mogelijk hangt het moment van verkoop samen met de aankomende slechte resultaten.”

Op grond van de beursregelementen zijn beursgenoteerde ondernemingen verplicht koersgevoelige informatie direct aan beleggers ter beschikking te stellen. “Een beursgenoteerde onderneming registreert maandelijks omzetten en resultaten”, aldus De Vries. “Uit de toelichting op de kwartaalcijfers blijkt bovendien dat KNP BT last heeft gehad van de ontwikkeling van grondstoffen- en verkoopprijzen. Er was dus sprake van een trend die doorzet.”