PRONKSTUK TERUG OP DE COOLSINGEL

Acht jaar geleden liep Belayneh Densamo in Rotterdam de snelste marathon aller tijden. Hij is nog steeds de enige atleet die een tijd van onder de twee uur en zeven minuten achter zijn naam heeft staan. Belangrijker nog dan zijn wereldrecord is voor Densamo olympisch succes. Daarom is de Ethiopiër, 30 jaar inmiddels, teruggekeerd naar Rotterdam om morgen te proberen zich op zijn favoriete parcours voor Atlanta te plaatsen.

Schijn bedriegt. Zo lang hij niet hardloopt, is er niets bijzonders aan Belayneh Densamo te zien. Of het moet zijn ondermaatse postuur zijn. Maar hoe klein (1.67 meter) en spichtig (60 kilo) de Ethiopiër ook is, hij is door zijn sublieme wereldrecord van 2.06,50 al acht jaar hét visitekaartje van de Rotterdam Marathon.

Hij won in totaal drie keer op de Coolsingel en doet morgen voor de zesde keer in Rotterdam mee. Toch staat hij voor het eerst met zijn goede naam op de deelnemerslijst, Densamo. En niet Densimo, zoals hij al die jaren in de uitslagen werd vermeld. “We zijn er pas achter gekomen hoe hij precies heet”, verontschuldigde wedstrijddirecteur Mario Kadiks zich gisteren tijdens de officiële presentatie van de toplopers.

Natuurlijk draagt Densamo morgen startnummer één. Hij is de topattractie hoewel de kans dat hij zal winnen niet groot is. Maar wie ooit een gouden race liep, is onsterfelijk. Densamo zelf glundert bij de herinnering aan toen. I was very happy. Hij heeft thuis in Addis Abeba vaak de beelden teruggezien. Hoe vaak weet hij niet. “Nog steeds komen er mensen bij me thuis die er om vragen. En dan kijk ik mee.”

Het was een bijzondere dag, die zondag 17 april '88 in Rotterdam. Die kleine zwarte atleet in het rood die met zijn korte benen het asfalt onder hem vermorzelde en in een wondertijd op de Coolsingel terugkeerde. Atletenmakelaar en voormalig afstandsloper Jos Hermens herinnert zich die marathon als “de ideale race”. “Het leek wel een trein, met de Ethiopiërs en Achmed Saleh. Ze offerden zich allen op voor één man.”

Hermens hield rekening met een wereldrecord, maar had Abebe Mekonnen als winnaar getipt. Het werd Densamo. “Hij is een held”, zegt de uit Ethiopië gevluchte atleet Getaneh Tessema, die op een Nederlands paspoort wacht. “Hoe kan iemand zo'n tijd lopen?”

Tessema fungeert morgen als één van de gangmakers en desgevraagd tevens als tolk voor zijn landgenoot. Densamo overspoelt hem na elke vraag met een zee van woorden. Hij wil allereerst het misverstand uit de wereld helpen dat hij rijk is geworden door zijn magische 2.06. “Ik heb helemaal niet veel gekregen”, legt de atleet verongelijkt uit.

Tegenwoordig ligt er in Rotterdam 150.000 dollar klaar voor de atleet die het wereldrecord verbetert, plus een auto óf motor. Die auto kreeg Densamo in '88 ook, maar de premie bedroeg slechts 10.000 dollar. “In Ethiopië denken de mensen dat ik elk jaar nog een bedrag krijg uit Rotterdam.”

Hij is zuinig op zijn gewonnen voertuig, een witte Mazda. Alleen bij bijzondere gelegenheden rijdt hij er in. Densamo heeft nog twee andere, minder comfortabele auto's. “Als ik naar hem toega in Ethiopië komt hij mij met de Mazda van het vliegveld halen. Die zit er fantastisch uit, als nieuw”, zegt Carolien Feith, atletenbegeleidster bij het bureau van Jos Hermens.

“Die auto hebben we later nog geregeld”, herinnert Hermens zich. “Anders zou het wel erg karig zijn geweest.” Hij kan zich de teleurstelling van Densamo wel voorstellen. “Het spijt me voor hem dat het zo is gelopen. We hadden toen een veel lager budget tot onze beschikking dan nu en in 1988 kwamen er ineens meer Ethiopiërs naar Rotterdam dan verwacht. We hebben op de avond voor de wedstrijd voor de hele groep één bedrag afgesproken en ik heb geen inzicht hoe ze dat hebben verdeeld.” Gezien de scherpe tijden die toen werden gelopen, behoedde die afspraak de organisatie voor een faillissement.

“Ik had gehoopt dat ze me na zo'n prestatie buiten het contract om hadden beloond”, zegt Densamo nu. “Als ik zo'n tijd in Amerika of Japan zou hebben gelopen, zou ik miljonair zijn geweest.”

Hermens: “Ik heb gevoeld dat er wat spanning tussen hem en mij was. Ik hoorde via-via weleens wat, want hij spreekt bijna geen Engels. Wat mij betreft no hard feelings. Maar ik kan er ook verder niets meer aan doen. De wereld is keihard. Je wordt beoordeeld op je laatste prestaties en Densamo is momenteel niet meer dan een 2.12-loper. ” Ondanks de teleurstelling over de financiële afhandeling is Densamo deze week in Rotterdam teruggekeerd voor de zestiende editie van de marathon. Hij meldde zich zelf bij de organisatie aan en heeft, zoals hij zegt, een bescheiden contractje. “Als hij goed loopt, kan hij een mooi bedrag verdienen”, vertelt Hermens. Densamo vindt geld nu niet belangrijk. Hij wil een goede tijd lopen, want hij wil naar de Olympische Spelen. Wie bij dat evenement succes boekt, is pas een echte held in zijn land.

Densamo was op zijn hoogtepunt ten tijde van Seoul in '88, maar hij mocht niet meedoen omdat Ethiopië de Spelen boycotte. De atleet heeft er nog steeds de pest over in. Vier jaar later, naar Barcelona, ging hij weer niet. Hij had nauwelijks kunnen trainen omdat er in zijn land politieke onrust heerste. Densamo werd zelfs beroofd en gechanteerd. Tot overmaat van ramp overleed later ook nog zijn coach. “Het was een vervelende periode. Ik liep weinig. Het enige dat ik deed was slapen.”

De kapitein bij de staatspolitie is inmiddels weer klaarwakker en zit vol ambities. Maar zullen de benen de geest kunnen volgen? Het zal niet eenvoudig zijn zich voor Atlanta te kwalificeren. Er mogen volgens de internationale reglementen maar drie Ethiopiërs naar de Olympische Spelen en de concurrentie is groot. Liefst zestien atleten bleven onder de limiet van 2.16. Densamo zelf liep in januari in Marrakesh 2.12,27. “De meesten zitten in die buurt. Ik zal dus een beetje harder moeten lopen.” Wat voor een tijd zal genoeg zijn? “Onder de 2.10, denk ik.”

En waar kan hij zijn laatste poging beter wagen dan in Rotterdam? Afgezien van '88 won hij de wedstrijd ook in '87 en '89. In '91 deed hij voor het laatst mee en werd toen vijfde. “Ik voel me hier thuis. Densamo en Rotterdam zijn een mooie combinatie.” Vele experts achten hem niet meer in staat om nog tot echt scherpe tijden op de marathon te kunnen komen. Hij zou in het begin van zijn carrière te veel met zijn krachten hebben gesmeten. Hermens: “Ik denk dat hij nog wel 2.10 kan lopen. Het grote gevaar is dat hij op jacht naar die tijd te enthousiast zal zijn. Dat kost te veel energie. Hij moet proberen in het begin een beetje achteraan de groep te bungelen en ontspannen te lopen. Dat heb ik hem al verteld.”

Densamo vertrouwt op zijn lichaam. “Ik ben in een goede conditie”, zegt hij “Ik kan niets beloven, maar ik ga lopen en proberen een goede tijd te halen.” Hij hoopt daarbij op fris, maar windstil weer. Een temperatuur tussen de twaalf en vijftien graden zou hem het beste uitkomen. Dergelijke wensen heeft de Belg Vincent Rousseau - deze keer geen deelnemer in Rotterdam - ook altijd, maar voor een atleet uit Afrika lijkt het wat vreemd. “Waarom? Ik train in Ethiopië vaak in de bergen en daar is het koud.”

Densamo wordt morgen omringd door sterke lopers. Desondanks ziet het er niet naar uit dat het record uit '88 zal worden verbeterd. Densamo lacht. My time is difficult. Er zijn met name in Ethiopië en Kenia vele goede lopers, maar die hebben zijn tijd nog niet benaderd. Alleen de Keniaan Sammy Lelei liep verleden jaar in Berlijn 2.07,02 en staat nu tweede op de wereldranglijst. “De meeste atleten lopen in het begin te snel. Die krijgen na 30, 35 kilometer een inzinking”, concludeert Densamo.

Misschien dat de fameuze Haile Gebrselassie een aanval op het record kan doen. De wereldkampioen loopt in Atlanta op de 5.000 en 10.000 meter, maar wil over een paar jaar overstappen op de marathon. Densamo noemt zijn landgenoot een vriend. “Onze families kennen elkaar. Onze huizen liggen maar vijf kilometer van elkaar. Haile bouwt zijn carrière heel goed op.”

Hermens denkt niet dat alleen Gebrselassie in staat zal zijn onder de 2.06.50 te lopen. Hij acht de tijd rijp voor een nieuw record. Daarvoor lijkt volgens Hermens het volgend jaar, zonder Olympische Spelen, geknipt en hij verwacht veel van de Kenianen. “Die krijgen de marathon steeds beter onder de knie. Ze trainen gericht en hebben hulp van westerse coaches. Maar het moet bij zo'n recordpoging allemaal wel op zijn plaats vallen.”

Densamo hoopt dat zijn record in ieder geval niet voor 1998 zal worden verbroken. Dan heeft het tien jaar stand gehouden. Ter gelegenheid van dat jubileum zou hij dan nog een keer in Rotterdam willen starten. Hoewel zijn enthousiasme de afgelopen weken flink is afgenomen. Op uitnodiging van de organisatie heeft Densamo voor het eerst zijn vrouw mee naar Nederland genomen, maar het kostte veel moeite om een visum voor haar te krijgen. “Ik moest dagenlang na elke training naar de Nederlandse ambassade. Ze wilden me geen stempel geven. Ik begrijp het niet. Als ik naar Japan wil, heb ik geen problemen. En in Ethiopië denken ze nog wel dat Nederland mijn tweede vaderland is!”

Zijn drie dochters zijn thuis achtergebleven. De oudste werd een week voor zijn gouden marathon van '88 geboren. Daarom noemde hij haar Kebrewesen, Nieuw Record. “Dat is een ongewone naam. Er wordt vaak gevraagd waarom ze zo heet. Tegenwoordig kan ze daar zelf op antwoorden. Ze vindt hardlopen heel leuk.” Vader Densamo bespeurt het nodige talent bij zijn dochter. “Ik denk dat ze er wel aanleg voor heeft. Alleen is ze in de grote stad geboren. Dat is een nadeel voor een atleet. Dan word je met de auto naar school gebracht en kan je krijgen wat je wil. Op het platteland moet je altijd lopen. Ik zelf liep elke dag tien kilometer heen en terug van huis naar school.”

Aan het einde van het gesprek vraagt Belayneh Densamo om foto's van de marathon van '88, want die heeft hij niet. Of ze misschien naar hem kunnen worden toegestuurd in Ethiopië. Densamo geeft zijn visitekaartje. World Marathon Record Holder staat er in gouden letters onder zijn naam.

    • Hans Klippus