Mimouna moet blijven

Mimouna, Marokkaanse, is deze maand achttien geworden. Ze zit in 4 VWO. Tweeenhalf jaar geleden kwam ze naar Nederland. Maandag werd ze opgepakt door de vreemdelingenpolitie en belandde in de cel.

Dinsdag komt de moeder van Mimouna bij ons op de Berlageschool in de Amsterdamse Pijp. Zij wordt vergezeld door een tante. Het is vooral de tante die het woord voert. De moeder van Mimouna maakt een zielige, gebroken indruk. Het is een frêle vrouw - daarin lijken moeder en dochter op elkaar. Ze wil niets drinken.

Hoe zal Mimouna er in haar cel aan toe zijn? De moeder en de tante weten het niet.

Zij weten niet eens waar Mimouna zich bevindt. De moeder mag de dochter niet bezoeken. Zij begrijpen niet waarom Mimouna zo plotseling is opgepakt. Zij hebben een brief gekregen van de vreemdelingenpolitie waarin staat dat Mimouna zich woensdag 24 april moet melden; waarom wordt ze dan maandag 22 april in een cel opgesloten?

De lerares Engels en ik begrijpen het ook niet. Hoe zit de hele zaak dan in elkaar, vragen wij. Wij weten dat Mimouna sinds drie jaar in Nederland verblijft. Maar wij wisten nog niet dat de moeder van Mimouna hier al twee jaar eerder woonde. De moeder heeft een verblijfsvergunning. Maar Mimouna krijgt die niet. De rechter heeft gezegd: “De gezinsband is verbroken.”

Moeder en dochter hebben elkaar niet nodig.

Het klinkt erg cru.

Daarmee is nog niet verklaard waarom Mimouna is opgepakt. Ik bel met de vreemdelingenpolitie - ook om erachter te komen waar Mimouna nu eigenlijk is. Een medewerker zegt: we hebben het meisje een brief gestuurd waarin staat dat zij het land moet verlaten. In dat soort gevallen voeren wij twee weken later een adrescontrole uit.

“En dan is het vaak bingo.”

Bingo.

De moeder van Mimouna zegt: zo'n brief hebben wij nooit gehad. Wel dus die andere brief - die kan zij ook laten zien.

Het lijkt sterk dat de vreemdelingenpolitie twee brieven heeft gestuurd, een waarin staat: Mimouna, woensdag melden, een andere waarin staat: Mimouna, het land uit.

Daar wringt iets.

De medewerker zegt nu: Egbert Jansen heeft deze zaak in behandeling. Hij weet er alles van. Maar hij is er nu niet. Laat u een telefoonnummer achter, dan belt hij u terug.

Maar Egbert Jansen belt niet terug.

Wel weten wij nu waar Mimouna is: in een cel in het bureau Marnixstraat. Nog steeds mag niemand haar bezoeken.

Wij hebben - toevallig deze zelfde dinsdagmiddag - op school een banenmarkt georganiseerd voor onze allochtone leerlingen. PvdA- fractievoorzitter Jacques Wallage opent de markt. De conrector profiteert van zijn aanwezigheid en leest een gedicht voor dat Mimouna geschreven heeft.

Het gaat over vrijheid. De conrector zegt ook dat Mimouna een hele goede leerlinge is, die met een lijst achten en negens bevorderd zou worden naar 5 VWO. Ik weet dat de conrector nu eens niet overdrijft. Wallage zegt dat illegale kinderen toch in ieder geval de kans moeten hebben hun opleiding af te maken. Dat de Tweede Kamer daarmee bezig is.

Voor deze banenmarkt is ook het wijkteam De Pijp aanwezig. Een van de agenten belt met een collega van het bureau Marnixstraat. “'t Is een bijzonder iets, daarom vraag ik het je. Nee, d'r zit niks geks aan, voorzover ik weet.” De moeder mag haar dochter die avond om acht uur bezoeken.

Op grond van 'nieuwe feiten en omstandigheden' is de advocaat een tweede rechtszaak begonnen. Een psychologisch rapport zou aantonen dat er wel degelijk sprake is van een zelfs hechte band tussen moeder en dochter. Wie moeder en dochter kent, twijfelt daar niet aan. Mimouna bleef in Marokko omdat de moeder nog geen geschikt huis had gevonden. Deze tweede zaak zou half mei voorkomen, maar omdat Mimouna nu opgepakt is, en het land uitgezet dreigt te worden, wordt hij vervroegd. Het wordt donderdag 25 april.

Woensdag komt Mimouna plots vrij. De conrector zegt: wij hebben het ministerie van Justitie een fax gestuurd, en ze zijn erg boos op de vreemdelingendienst.

Donderdag lopen we met de hele school - zeshonderd leerlingen - naar de rechtbank, met een spandoek Mimouna moet blijven. Honderd leerlingen mogen de zitting bijwonen, meer plaats is er niet. Zoveel leerlingen bijelkaar heb ik nog nooit zo stil gezien. Mimouna is ontroerd maar houdt zich kranig. De rechter zegt dat hij maandagmiddag uitspraak doet. Iedereen hoopt dat de nieuwe wet van Wallage voor haar niet te laat komt.