Bergen

Wat bergen bewegen. Open Space. Korte Prinsengracht 14, Amsterdam. T/m 22 juni. Wo t/m za 15-19u. Prijzen van 800 tot 20.000 gulden.

'Ik kan ze nooit genoeg bewonderen en bekijken.' Voor de Zwitserse schilder Ferdinand Hodler (1853-1918) was het al sinds zijn vroegste jeugd duidelijk: hij hield van bergen, met name van de bergen in het Berner Oberland. Van het uitzicht daarop kreeg hij nooit genoeg en hij schilderde ze keer op keer, de Jungfrau, de Mönch, de Eiger, de Montblanc. Je kunt van bergen houden, zoals Hodler, of ze haten, maar ze links laten liggen kan nooit. Daarvoor zijn bergen te imposant, angstaanjagend, majestueus en mysterieus. Het leven daar hoog op die berg zet de fantasie in werking, precies als het leven op een onbewoond eiland dat doet. En de beklimming van een berg wordt door velen behalve als een lichamelijke beproeving ook als geestelijk louterend ervaren.

De stichting Open Space in Amsterdam heeft over dit thema de tentoonstelling Wat bergen bewegen ingericht. Vier hedendaagse kunstenaars zijn er uitgekozen: de Belg Geert Bisschop, de Nederlander Marcel Zalme, de Italiaan Guido Villa en de Brit Hamish Fulton. Het aardige van de tentoonstelling is de diversiteit. Er hangen semi-documentaire foto's, tekeningen, dikhuidige schilderijen en minimalistisch drukwerk. Villa tekent dreigend gotische bergen en schildert grote doeken vol sferische flarden. Vooral zijn zuigende drieluik leent zich voor associaties. Het doezelige grijs, rood en wit kan de zee bij windkracht 10 zijn, maar ook een berglandschap waarvan de contouren maar niet willen oplichten door de dikke mist heen.

Marcel Zalme, deels in Nederland, deels in Canada opgegroeid, maakt panoramatekeningen waarbinnen bergen, een jongen, een stuwdam en huizen figureren. Zalme vertelt in zijn reeks van zeven tekeningen over een mysterieuze tocht die begint als gewone wandeling, maar zich ontpopt tot een surrealistisch drama vol anti-climaxen. Door zijn notities tot middelpunt van zijn panorama's te maken slaagt Zalme erin de claustrofobische 'berg'stemming op te roepen die ook Thomas Manns Der Zauberberg bij vlagen kenmerkt.

Fulton is de minimalist van de vier. Net als zijn landgenoot Robert Long wandelt hij al jaren 'voor de kunst'. Anders dan Long grijpt hij niet in in het landschap dat hij tegenkomt, maar maakt hij foto's van het landschap waar hij doorheen wandelt of registreert hij de stappen die hij gezet heeft als stip. In Amsterdam hangen nu drie drukwerken (unica) van wandelingen die hij in 1993 en 1995 in Japan en Frankrijk maakte. De sobere, typografisch fraaie notities onder elk drukwerk lichten toe waar het om gaat, want meer dan een minimaal kegeltje, een punt of een cirkel is er niet te zien.

De bijdrage van de Belg Bisschop is de mooiste ode aan bergen overal ter wereld. Zijn foto's, in zwart-wit of gedempte kleuren, van hopen steen, rotshellingen, bergmeren en bergpieken, zijn op zichzelf sober en weinigzeggend. Maar door de manier waarop Bisschop ze rangschikt en samenvoegt, ontstaan er fraaie ritmes van kleur en beeld. Zijn zevenluik in kruisvorm, As a whirling Dervish, toont sferische foto's in zwart-wit van een bergrug, een wandelpad, een lawine van steen en een gletsjer, met in het midden de schaduw van een man die zijn armen spreidt tegen het wit van de sneeuw. Het herinnert aan de crucifix van de Duitse romantische schilder Caspar David Friedrich, die de kunstwereld schokte door het kruis midden in de natuur te plaatsen, zonder menselijke figuren. Dat Bisschop daar nu niet meer mee schokt, doet aan de schoonheid van zijn werk niets af.

    • Lucette ter Borg