Fonds draagt bij aan schuld WBL

DEN HAAG, 23 APRIL. De Limburgse woningcorporatie WBL krijgt van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV) 103 miljoen gulden, waarvan 20 miljoen als renteloze lening, om uit de financiële problemen te komen. Dit heeft het CFV-bestuur gisteren besloten.

Een parlementaire commissie doet op het ogenblik onderzoek naar de oorzaken van de financiële nood waarin WBL verkeert en naar de rol van het ministerie van VROM daarbij. Het bestuur van het fonds, dat onder leiding staat van voormalig VROM-topambtenaar Koopman, heeft nu uitgesproken dat het het rijk medeverantwoordelijk acht. Daarom meent het fonds dat het ministerie financieel moet bijdragen. Het bestuur wil hierover een afspraak maken met staatssecretaris Tommel (Volkshuisvesting).

Het CFV-bestuur wijst erop dat het departement een belangrijke rol heeft gespeeld bij de fusie tussen de toen bijna failliete stichting SBDI en de corporaties HBL en Het Zuiden die in 1992 tot het ontstaan van WBL (Woningbeheer Limburg) leidde. Met deze operatie beoogde het ministerie een faillissement van SBDI te voorkomen.

Tommel heeft zich tot nu toe op het standpunt gesteld dat zijn departement geen cent meer hoeft bij te dragen aan WBL. Hij wil het laten bij de 13 miljoen gulden die zijn voorganger, ex-staatssecretaris Heerma, destijds in de kas van de Limburgse corporatie stortte. Blijft Tommel bij deze opvatting, dan beraadt het CFV zich op juridische stappen tegen het rijk. Het fonds zelf wordt gevuld via jaarlijkse bijdragen van de woningcorporaties.

De financiële steun van het fonds aan WBL is gebaseerd op een saneringsplan dat de corporatie vorige maand indiende. Onderdeel van dit plan is dat WBL ten minste 800 woningen verkoopt van de 7.500 woningen die de corporatie exploiteert. Dit moet 15 miljoen gulden opleveren, terwijl WBL via organisatorische maatregelen nog eens 5 miljoen op tafel moet brengen. Inmiddels is het personeel bij WBL al met zeven personen ingekrompen.

Volgens de corporatie zelf is haar voortbestaan, in afgeslankte vorm, dankzij de steun van het CFV verzekerd. Het fonds zelf acht het wenselijk dat WBL zijn woningbezit op termijn overdraagt aan financieel sterkere corporaties. Maar het fonds sluit een zelfstandig voortbestaan van WBL niet uit. Het is primair een zaak van de corporatie zelf om tot overdracht van woningen of tot fusie te besluiten, aldus het CFV.