GVB gaat plat

IN AMSTERDAM staakt vandaag en morgen bij toerbeurt het personeel van het openbare vervoer tegen het zoveelste voorstel voor sanering van het Gemeente Vervoerbedrijf (GVB). Bedrijfstechnisch gesproken is het GVB, dat tram, bus, metro en pont in Amsterdam exploiteert, al lang en breed failliet. Een verlies van 400.000 gulden per week houdt geen bedrijf vol. Gestapeld op het tekort van 100 miljoen gulden dat het GVB inmiddels heeft opgelopen, kan het vervoersbedrijf gevoeglijk bij de grotere financiële rampen van overheidsbedrijven in Nederland worden bijgeschreven.

Bij het GVB is het al heel lang mis en de verantwoordelijke gemeentebestuurders weten dat even goed als de passagiers, die in Amsterdam gewend zijn geraakt aan een onverschillige dienstverlening. Tien jaar geleden bleek al dat de gemeentelijke accountants de jaarrekeningen niet goedkeurden omdat ze te veel administratieve leemten vertoonden. De spiraal omlaag laat zich illustreren door de lange lijst van managers, interim-managers, crisismanagers en externe adviseurs die werden ingeschakeld. Tevergeefs. Het ene na het andere saneringsplan liep vast tussen de wielen van het GVB.

Bij het Gemeente Vervoerbedrijf maken de vakbonden en de ondernemingsraad de dienst uit. Die hebben met hun macht niet alleen uitzonderlijk gunstige arbeidsvoorwaarden, werktijden en personeelsbezetting afgedwongen, maar ook verbeteringen in de efficiëntie van de bedrijfsvoering tegengehouden. De directie van het GVB en de opeenvolgende wethouders die politieke verantwoordelijkheid dragen voor het GVB, hebben zich nooit doortastend genoeg getoond om dit bolwerk van arbeiderisme aan te pakken. Bij het GVB gaat de zaak 'plat', zijn voorstellen 'onaanvaardbaar' en en breken 'spontane stakingen' uit. Geen van de bestuurders was tegen die intimidatie bestand.

Amsterdam wendt zich nu tot Den Haag met het verzoek om extra rijksbijdragen voor het GVB. Dat is geen goed idee. De verdeling van de rijksbijdragen voor het stad- en streekvervoer (1996: 1,9 miljard gulden) moet niet worden aangepast om het wanbeleid in Amsterdam extra te subsidiëren. Het financieringssysteem in het openbaar vervoer bevordert toch al niet de verantwoordelijkheid van gemeenten om voor een sluitende exploitatie te zorgen. Het GVB zal dus eerst zelf zijn sanering ter hand moeten nemen in lijn met de voorstellen die crisismanager De Jong vorige week heeft gedaan.

VOORSTANDERS VAN een grotere marktwerking in het openbaar vervoer hebben met het GVB voor jaren argumenten om te wijzen op de tekortkomingen van gesyndicaliseerde overheidsdiensten. Toch leent Amsterdam, en vooral de binnenstad, zich steeds minder voor auto's. De toegangswegen slibben dicht, een goed, veilig en schoon openbaar vervoer is een absolute noodzaak. Het is nog te vroeg om het openbaar vervoer in de hoofdstad uit te besteden aan particuliere tram- of busondernemers die tegen herziene arbeidsvoorwaarden een betere dienstverlening, een fijnmazig vervoersnetwerk en een behoorlijke bedrijfsvoering bieden. Maar als het Gemeente Vervoerbedrijf en de politiek verantwoordelijken dat niet kunnen bieden, moet het aan anderen worden overgelaten.