Geloof

Als gelovige zou men blij moeten zijn met het artikel van Christien Brinkgreve 'Geloof, haat en lust' (NRC HANDELSBLAD, 11 april); iemand uit niet-gelovende, zelfs geloofverachtende, achtergrond ontdekt dat er in het geloof onvermoede waarden zitten die uitgaan boven het rationalistische en materialistische dat over het algemeen in niet-gelovende kringen heerst.

Ik was echter teleurgesteld. Om te beginnen omdat de protestantse geloofsbeleving geheel buiten zicht bleef. Maar veel ernstiger is dat Brinkgreves belangstelling vooral gewekt lijkt te zijn door dingen die slechts zijdelings, of helemaal niet met het christelijk geloof te maken hebben, of zelfs daar niet bij horen. Zeker zijn er veel gelovigen, onder wie ook ik, die vanuit het geloof “tijdsgewricht-kritiek op het materialisme” alsook op “het shoppen als moderne pelgrimage” hebben, maar als ik daarbij uitdrukkingen als “herleving van sociale en humanitaire waarden”, “progressief”, “herkenbaar als socialistische melodie” zie vermeld, word ik toch ongerust dat schrijfster het geloof onder een vlag meent te zien varen die niet de zijne is.

Nog erger wordt het als er verheerlijkend gesproken wordt over mensen die “prachtig schrijven over erotiek, haat en lust”. Ik ken ook prachtige stukjes Heilige Schrift over deze onderwerpen, zoals psalm 139 en het Hooglied, maar het moge schrijfster toch niet ontgaan zijn dat deze teksten èn voor het christelijk èn voor het joodse geloof belangrijk waren, omdat zij beluisterd werden in verband met de verhouding tot God, en ik vrees dat Brinkgreve daaraan in dit verband juist niet denkt. Geloof leidt, normaal gesproken, niet tot haat, en ook niet op de eerste plaats tot lust, maar tot hopen op God en het liefhebben van God, want het gaat om het kennen van God.