Halvering werkloosheid; Raamakkoord in België over sociaal beleid

BRUSSEL, 19 APRIL. In België is met grote opluchting gereageerd op het sluiten van een raamakkoord tussen regering en sociale partners over loonmatiging en het scheppen van banen. De inzet van de drie partijen is een halvering van de werkloosheid binnen vijf à zes jaar.

Het 'Toekomstcontract voor werkgelegenheid', waarover de achterban van werkgevers en vakbonden zich nog moeten uitspreken en die per sector nader ingevuld moet worden, kwam gisteren tot stand na ruim zestien uur van intensieve onderhandelingen. Hoofdlijn van de overeenkomst is dat de lonen in België de komende jaren niet meer mogen stijgen dan in de concurrerende buurlanden Nederland, Duitsland en Frankrijk. In ruil daarvoor zullen ondernemers en regering zich inzetten voor de groei van de werkgelegenheid, onder andere via bevordering van deeltijdarbeid, vermindering van de wekelijkse arbeidsduur naar 39 uur, vervroegde pensionering op basis van deeltijd en stimuleren van loopbaanonderbreking.

Op het eerste gezicht lijken de werkgevers als de grote overwinnaars uit de onderhandelingen te zijn gekomen. Zij hebben de verzekering dat hun concurrentiepositie de komende jaren niet zal worden aangetast door stijging van de loonkosten. De vakbonden van hun kant hebben gedaan gekregen dat het systeem van de automatische prijscompensatie blijft bestaan. Maar zij hebben geen harde garantie dat hun teruhoudendheid op loongebied door de werkgevers zal worden vertaald in voldoende nieuwe banen om “de ambitie” van halvering van de werkloosheid waar te maken. Desondanks noemen ook de vakbondsvertegenwoordigers het van grote betekenis dat die doelstelling nu ook formeel wordt onderschreven door de ondernemers.

Het tot stand komen van het sociaal akkoord wordt alom gezien als de grote verdienste van de Belgische premier, Jean-Luc Dehaene. Die heeft met zijn aanpak zijn reputatie van 'meesteronderhandelaar' weer eens bevestigd. “Het akkoord zit vol evenwichten. Evenwicht tussen loonmatiging en scheppen van banen. En evenwicht tussen verdeling van werk en flexibilisering van de arbeid”, aldus Dehaene gisteren op een persconferentie in zijn Brusselse ambtswoning.

Door Dehaene, en door de top van de werkgeversorgansaties en de vakbeweging, werd het 'Toekomstcontract' gisteren ook bejubeld als “een overwinning voor het Belgische overlegmodel”. Drie jaar geleden slaagde Dehaene er niet in de vakbonden mee te krijgen bij een bezuinigingsoperatie. De regering nam toen zelf maatregelen, en dat leidde tot stakingen. Ditmaal weet Dehaene zich verzekerd van rust in eigen huis, en kan hij zich op zijn gemak voorbereiden op het ultieme toelatingsexamen van België voor de Economische en Monetaire Unie (EMU).

    • Wim Brummelman