Popgroep probeert eens zacht te spelen

Concert: Lambchop. Gehoord: 15/4 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 18/4 Vera, Groningen.

Popmuzikanten dragen doorgaans geen bril. Maar bij de groep Lambchop uit Nashville hebben vijf van de negen muzikanten er een. Bij hun concert gisteravond in Paradiso week het gezelschap op meer punten af van het ingeburgerde popgedrag. Zanger Kurt Wagner zat op een stoel met zijn gitaar op schoot, de overige groepsleden stonden min of meer onbeweeglijk hun partijen te spelen.

Het is temidden van het muzikale geweld dat de luisteraar gewoonlijk treft, een verademing een groep te horen die met zijn negenen zo zacht mogelijk proberen te spelen. De bariton-sax van Deanna Varagona klinkt nooit als een toeter, maar steeds als diep gebromde instemming. Trompet, gitaren, drums en percussie voegen zich samen tot één klank: een vriendelijk en rustig doorkabbelend, akoestisch geluid. De uitschieters hierin zijn afkomstig van de lap steel guitar, de horizontaal liggende gitaar die zo prachtig kan 'gloeien'.

De groep klonk hier nóg ingetogener dan op haar tweede cd, het vorig jaar verschenen How I quit smoking. Maar Lambchop is ook weer niet al te serieus. Bij nadere bestudering blijkt het klokkenspel te zijn samengesteld uit sleutels die gewoonlijk worden gebruikt om moeren mee aan te draaien. En tussendoor vertelt Wagner zijn mémoires van de tijd dat hij nog in het Sea Fruit Orchestra speelde.

Wagner zingt nauwelijks, hij prevelt. Hij schijnt met zijn muziek de country van zijn woonplaats Nashville een nieuwe richting te willen geven. Maar daar is behalve de aanwezigheid van de lap steel guitar weinig van te merken. Lambchop heeft een eigen geluid waarbij de spanning onderhuids is. Want ieder moment zou Wagner in geschreeuw kunnen losbarsten, of zou Varagona haar saxofoon in zijn volle volume kunnen benutten.

    • Hester Carvalho