Libanon revisited

HOEWEL IN LIBANON Iran Israels vijand op de achtergrond is, ligt de sleutel tot beëindiging van het conflict in Damascus. Libanon speelt in deze tragedie slechts de kop van Jut waarop de Israeliërs hun machismo botvieren. Niet dat in Israel iemand meent de shi'itische terreurbeweging Hezbollah vanuit de lucht te kunnen liquideren, maar de bombardementen tot aan Beiroet toe tonen de hele regio nog weer eens ten overvloede waartoe Israel militair in staat is: de Syriërs die de vrede almaar niet willen, Arafat wiens loyaliteit moet worden afgedwongen in de strijd tegen Hamas, en de Israelische kiezer die opnieuw moet worden overtuigd van de krachtdadigheid van de regerende Arbeiderspartij van Shimon Peres.

Aanleiding voor de Israelische luchtaanvallen zijn de chronische raketbeschietingen van Hezbollah op het noorden van Israel, waarvan de burgerbevolking ter plaatse het enige, maar niet te verwaarlozen slachtoffer is. Het effect van de Israelische operaties staat intussen in geen verhouding tot de aanleiding. Massale vluchtelingenstromen zijn in Zuid-Libanon op gang gekomen en logenstraffen de Israelische uitleg dat hier met gelijke munt wordt betaald. Internationaal dreigt het propagandavoordeel dan ook aan Hezbollah toe te vallen. Het zullen wel weer de Verenigde Staten zijn die Israel van een al te harde veroordeling moeten vrijwaren.

AL IN DE JAREN zeventig maakten de Israeliërs gemene zaak met christelijke facties in het zuiden van Libanon om aan de grensoverschrijdende terreur, toen nog van de Palestijnen, een eind te maken. De climax kwam in 1982 met de tot in West-Beiroet reikende invasie van het Israelische leger. Daarmee werd weliswaar het einde van de PLO in Libanon ingeluid, maar de prijs die moest worden betaald was een gevaarlijke radicalisering van het shi'itische deel van de bevolking en een bevestiging van de Syrische greep op Israels noordelijke buur. De Hezbollah-terreur is nu ondenkbaar zonder Iraanse ondersteuning en Syrische welwillendheid. De Israelische eis aan de Libanese regering dat zij de beschietingen van Israel moet voorkomen, is formeel terecht, maar volstrekt onredelijk. Beiroet ontbreekt het aan enig gezag in eigen land.

De boodschap die de Israelische bommenwerpers overbrengen, is dan ook in de eerste plaats aan het regime in Damascus gericht. Van een normalisering van de onderlinge verhoudingen kan geen sprake zijn zolang Hezbollah de vrije hand wordt gelaten. Zoals Arafat is gedwongen tegen Hamas op te treden, zo zal Syrië's president Assad er toe moeten worden gebracht de shi'itische operaties tegen het noorden van Israel aan banden te leggen.

HIERMEE RAAKT Israel de kern van de zaak. Assad wil zijn in 1967 aan Israel verloren gegane Golanhoogte terug. Hezbollah is voor hem, zoals de PLO voorheen, een middel waarmee Israel onder druk kan worden gehouden. Een prima middel bovendien, want de Israelische represailles laten steeds weer Syrië zelf en de Syrische voorposten in Libanon ongemoeid. Omgekeerd is de bufferzone die Israel in Libanon onderhoudt een troef in het machtsspel met Damascus. Zelfs al is de militaire waarde ervan betrekkelijk, de zone kan als een harmonica uitgebreid worden iedere keer als dat van pas komt.

Frankrijk heeft zich ditmaal opgeworpen als bemiddelaar. Frankrijk zal Israel niet overtuigen als het Syrië niet overtuigt en omgekeerd. Dat hebben de Amerikanen al ontdekt. Maar de beurt is nu aan Parijs.