Angst in Tyrus na Israelische bombardementen

TYRUS, 15 APRIL. Een Israelisch F 16-gevechtsvliegtuig voert voor de derde keer een aanval uit op een luchtafweerbatterij van de Libanese, pro-Iraanse beweging Hezbollah en op een kilometer afstand is duidelijk te zien hoe het kleine gebouw op de top van een heuvel deze keer een voltreffer krijgt. Grote brokken steen vliegen in het rond en er stijgt een zwarte rookwolk ten hemel.

Twee Israelische helikopters vliegen rond en nemen alles wat beweegt met raketten onder vuur. Hier, op zo'n 15 kilometer ten zuiden van de Libanese havenstad Tyrus, werd zaterdag ook een ziekenwagen door een raket getroffen. Bij die aanval kwamen vier Libanese kinderen en twee vrouwen om het leven.

De Israelische radio herhaalde zaterdagmorgen een ultimatum aan de burgerbevolking van 45 dorpen langs de zogeheten veiligheidszone en twee dorpen in de Beka'a-vallei. Ook de inwoners van de steden Tyrus en Nabatiyeh hebben te horen gekregen dat zij daar niet langer veilig zijn: wie daar nu nog blijft wordt als Hezbollah-strijder beschouwd.

De meeste gezinnen hebben inmiddels in paniek de dorpen en steden in het zuiden verlaten. Tyrus lijkt op een spookstad. Naar schatting 400.000 burgers zijn op de vlucht geslagen: tien procent van de Libanese bevolking. In heel het gebied ten zuiden van de havenstad Sidon heerst een uiterst gespannen sfeer en op de autosnelweg langs de zee naar Beiroet is de verkeerschaos enorm. Benzine is niet meer te krijgen.

Overal zie je de shi'itische boerengezinnen langs de weg halt houden: angstig, woedend en verward. Velen onder hen zijn radeloos. Ze weten niet waarheen ze moeten, nu ook de zuidelijke buitenwijken van Beiroet waar deze shi'ieten tot nog toe bij hun familie terecht konden, onder vuur komen. Ze hebben al hun bezittingen achtergelaten.

“Als ik je vragen beantwoord, geef je me dan geld?” vraagt een moeder wanhopig. Zij heeft een baby op de arm en drie kleine kinderen aan haar voeten, en ze heeft niets meer te eten.

Riad Bin Ahmed spreekt keurig Nederlands. Na een verblijf van vijftien jaar in Nederland heeft hij zo'n acht jaar geleden met zijn broer een restaurant geopend in Sidon.

“Eigenlijk is de agressie voor ons helemaal niet zo uitzonderlijk groot”, zegt hij. “Het gaat er hier in het zuiden nu al jaren dag in dag uit zo aan toe. En daar zal ook nu weer niets aan veranderen, tenzij Israel beslist om zich uit ons land terug te trekken.”

Maar hij is verontwaardigd over de houding van de Verenigde Staten: “Wij kunnen niets doen en ook de Europese Unie kan niets doen tegen Israel. Zij kunnen hier zoveel moorden als ze willen want de VS zijn de baas en die staan achter Israel.”

“Zullen de Nederlandse lezers en kijkers nu ook eens de beelden te zien krijgen van de vier onschuldige kinderen, van al die vrouwen en ouden van dagen die hier omkomen? Zelfs de Amerikaanse media reageren nu verontwaardigd.”

In de middelbare school van Tyrus vertelt Umm Ahmed Morai, een vrouw van rond de vijftig, hoe alle inwoners uit het dorp Sharqa aan de frontlijn hier een voorlopig heenkomen vonden. Volgens haar zijn de meeste dorpen in het zuiden nu totaal verlaten, op wat ouden van dagen en zieken na. Zij ziet de Israelische aanvallen als een collectieve bestraffing.

Pagina 5: 'Hezbollah vecht voor onze rechten'

De Libanese bevolking reageert verdeeld op de gebeurtenissen. Velen steunen Hezbollah. “Hezbollah vecht voor onze rechten en voor de bevrijding van ons grondgebied”, zegt Hussein Suardi, een arbeider die afkomstig is uit Jouajeh, een dorp in de vuurlinie, dat nu volledig is verlaten. Enkele omstanders uit hetzelfde dorp zijn het grondig met hem eens. Door de Israelische vergeldingsoperatie vallen opnieuw veel onschuldige slachtoffers in het zuiden van Libanon. En terwijl de Israelische aanvallen in hevigheid toenemen, klinken ook de radiouitzendingen van de door Iran gesteunde Hezbollah militanter dan ooit. Ook voor de Hezbollah is het oorlog en de vijand is de joodse staat. De toon van de Hezbollah wordt steeds dreigender. De militie heeft op haar televisiestation al-Manar, 'het licht', zeventig kandidaat-zelfmoordcommando's voorgesteld. De jonge mannen waren beladen met springstof en zij zwoeren hun leven te geven om die lading onder de voeten van de Israelische en de Amerikaanse vijanden te laten ontploffen. Volgens de Hezbollah-televisie gaan ze in de komende uren tot zelfmoordacties over. Men is er hier duidelijk op beducht dat het geweld verder escaleert en dat de Israelische artilleriebeschietingen en luchtaanvallen in de komende dagen nog intenser en moorddadiger zullen worden. De Libanese regering verklaarde gisteren dat de bevolking maar beter niet langer de autoweg langs de kust van Beiroet naar het zuiden moet gebruiken en zij maande in een oproep de inwoners van Beiroet ook om vanaf nu binnen te blijven. De regering zegt dat zij nu ook Israelische aanvallen op het centrum van de hoofdstad verwacht. Veel Libanezen zeggen zich verongelijkt en vernederd te voelen door de internationale gemeenschap. Volgens hen zijn zij de dupe van de spanningen in Israel zelf. Men maakt zich in Libanon maar weinig illusies over de uitkomst van het beraad in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, dat vanavond begint. Het staat voor de meesten zo goed als vast dat de Amerikanen hun vetorecht zullen gebruiken tegen een veroordeling van het Israelische optreden, zoals de Libanese regering vraagt. Alle hoop is nu gevestigd op een spoedig staakt-het-vuren tussen Israel en de Hezbollah. Dat kan er misschien komen door bemiddeling van de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Hervé de Charette. “Maak je daar maar geen illusies over”, bromt een cynische Riad. “De Gaulle is allang dood.”

    • Wilfried Bossier