'Vierde macht' vindt toch gehoor bij premier

DEN HAAG, 13 APRIL. Als minister van Financiën beschouwde Wim Kok de Centraal Economische Commissie (CEC) als een blok aan het been. “Wanneer Wim premier wordt, kan de CEC wel inpakken”, zei een topambtenaar van Financiën twee jaar geleden. En in één zin schetste hij de houding van Kok ten opzichte van wat beschouwd wordt als het belangrijkste ambtelijke adviescollege van het kabinet op sociaal-economisch terrein. Kok vindt de invloed van de 'vierde macht' te groot; helemaal als ambtelijke adviezen haaks staan op beslissingen van politici. 'Wij maken beleid, ambtenaren voeren het uit', is Koks redenering.

Maar Kok lijkt, in zijn functie als premier, milder geworden. Helemaal nu de CEC adviezen en tabellen presenteren die zijn beleid ondersteunen. In een advies over de begroting 1997 aan de ministerraad schrijven de topambtenaren dat er volgend jaar geen ruimte is voor lastenverlichting. Extra bezuinigingen zijn echter ook niet nodig. En op een partijbijeenkomst in Leiden zei de premier afgelopen woensdag exact hetzelfde.

In hun “vertrouwelijke advies”, zo onderstreepte Kok gisteren tijdens zijn wekelijkse persconferentie, presenteren de top-ambtenaren een staatje dat Kok de natie niet wil onthouden. In de periode 1990-1995 bedroeg de gemiddelde economische groei in Nederland 1,9 procent per jaar; 0,4 procentpunt meer dan het gemiddelde in de Europese Unie. De werkgelegenheid steeg in Nederland met 1,1 procent per jaar, terwijl er in de andere landen sprake was van een daling van 0,6 procent per jaar. Het overheidstekort daalde in Nederland in deze periode met 1,6 procent, terwijl in de andere landen dit tekort met 1,5 procent steeg. De staatsschuld stabiliseerde in Nederland, in de andere landen van de Europese Unie werd een stijging van 0,6 procent geconstateerd.

“In vergelijking met andere landen staat de Nederlandse economie er redelijk goed voor”, zei Kok terwijl hij met een voldane blik het halve A-viertje met de tabel weer in de binnenzak. Toch zullen het “pittige begrotingsbesprekingen” worden, maar één ding is duidelijk: “De begroting van 1997 zal voldoen aan de EMU-vereisten. Daar twijfel ik niet aan.”