'Tot raketaanvallen ophouden'; Israel weigert met Libanon te praten

TEL AVIV, 13 APRIL. Israel weigert een politieke dialoog met Libanon zolang Hezbollah Noord-Israel vanuit Zuid-Libanon blijft bestoken met raketten. Dat heeft de Israelische minister van buitenlandse zaken, Ehud Barak, gisteren gezegd.

Het Israelische offensief tegen de moslim-fundamentalistische beweging Hezbollah is gisteren verder geëscaleerd. Onder andere werd een Syrisch-Libanese legerpositie getroffen. De VS willen dat Iran en Syrië Hezbollah overreden zijn raketaanvallen op Noord-Israel te staken.

Minister Barak verduidelijkte het Israelische standpunt gisteravond na een oproep van de Libanese premier Rafiq Hariri “de strijd te staken en te praten.” Volgens minister Barak heeft de Libanese regering kostbare tijd voorbij laten gaan om tegen Hezbollah op te treden. “Nu kan over niets worden gesproken”, zei hij. Daarmee gaf hij aan dat Israel Hezbollah zover wil terugdringen dat Noord-Israel buiten het bereik van de katjoesja-raketten komt te liggen.

In een vraaggesprek met de Amerikaanse televisiezender CNN zei Hariri gisteravond dat het Israelische militaire optreden tegen Hezbollah in zijn land “het probleem niet zal oplossen”, maar integendeel Hezbollah slechts zal versterken. Volgens de Libanese premier is Israels bezetting van Zuid-Libanon het kernprobleem van het conflict tussen Israel en Libanon.

Israel heeft de grootscheepse militaire actie tegen Hezbollah de naam 'Druiven der gramschap' (anvei za'am) gegeven, naar een boek van John Steinbeck.

Volgens Israelische schattingen gaven zo'n 150.000 Libanezen gisteren gehoor aan het Israelische ultimatum 41 stadjes en dorpen in Zuid-Libanon te verlaten. Vervolgens werden posities van Hezbollah in de verlaten plaatsen vanuit de lucht en door zware artillerie bestookt. In een van de dorpen werden acht Libanese burgers gedood, die ondanks de Israelische waarschuwingen waren achtergebleven. In totaal zouden nu 19 doden en 70 gewonden zijn gevallen bij de raketaanvallen van Hezbollah op Noord-Israel en bij het Israelische offensief in Libanon. De Israelische aanvallen werden vannacht voortgezet en na een korte onderbreking wegens slecht weer vanochtend hervat.

Het hoofd van de Israelische militaire inlichtingendienst, generaal Moshe Ya'alon, bevestigde gisteren dat een aanval was uitgevoerd op een gezamenlijke Syrisch-Libanese anti-luchtdoelpositie bij Beiroet. Volgens Syrië werd als gevolg van een inslaande raket een Syrische soldaat gedood. Zeven Syrische soldaten werden gewond. Tijdens een persconferentie in Tel Aviv vertoonde de Israelische legerwoordvoerder opnamen van de raket-aanval op de Syrische militaire positie. Het filmpje liet zien dat vanuit deze positie op de helikopter werd geschoten die daarna met een raket precies in de opstelling van het luchtdoelafweergeschut schoot.

Pagina 4: VS willen dat Syrië en Iran Hezbollah beteugelen

Regeringswoordvoerder Uri Dromi zei dat “wij noch het Libanese noch het Syrische leger als mikpunt kiezen”. “Maar helaas is het Syrische leger overal”. Syrië heeft meer dan 30.000 militairen in Libanon. Minister Barak zei gisteren dat “we verwachten dat niemand ons in de acties tegen Hezbollah hindert”. Hij zei dat in antwoord op een vraag in een tv-vraaggesprek betreffende een mogelijke Syrische interventie in de strijd. Israelische commentatoren verwachten evenmin dat Damascus zich in de strijd in Libanon zal mengen, ondanks de Syrische verliezen.

Israels opperbevelhebber generaal Amnon Lipkin-Shahak sprak gisteren de verwachting uit dat Hezbollah de katjoesja-raketaanvallen op Israel zal voortzetten. Generaal Moshe Ya'alon zei gisteren dat het Israelische leger de huidige acties in Libanon tegen Libanon lang kan volhouden. Tot zover onze correspondent. Een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken herhaalde gisteren dat Hezbollah naar Washingtons mening door zijn katjoesja-raketaanvallen op Noord-Israel verantwoordelijk is voor de huidige crisis. Hij riep Syrië en Iran op de beweging in te tomen. “Wij geloven dat zij die invloed op Hezbollah hebben die invloed moeten gebruiken.”

Hoewel het Witte Huis eerder nog - zoals in eerdere Israelisch-Arabische crises gebruikelijk was - “alle partijen” opriep zelfbeheersing te betrachten, liet de woordvoerder van het State Department dat gisteren nadrukkelijk na. “Wij kunnen de verschillende Israelische regeringen geen advies geven wanneer ze moeten handelen en hoe ze moeten handelen”, zei hij, “Alle regeringen moeten voor zichzelf beslissen hoe ze hun burgers tegen een aanval moeten beschermen. De Israelische regering heeft deze week moeten antwoorden op kwaadaardige aanvallen op burgers (..) en zij heeft die actie ondernomen die zij denkt te moeten ondernemen om onschuldige burgers in Israel te beschermen.”

“Als vriend van Israel en als een land dat vrede wil zien komen in Libanon en tussen Syrië en Israel zijn wij in staat om te pleiten voor zelfbeheersing van de zijde van Hezbollah en om te betogen dat een terroristische groep als Hezbollah mooet inzien dat haar acties consequenties hebben”, voegde hij eraan toe. Daarbij wees hij op de “werkelijk onaanvaardbare verliezen onder niet-strijders in Noord-Israel”.

Syrië op zijn beurt gaf Israel de schuld van het escalerend geweld. Het herhaalde dat het Libanese volk het recht heeft te vechten tegen de Israelische bezetting van zijn land. Tegelijk beschuldigde Damascus de Israelische premier Shimon Peres ervan het vredesproces met de Arabische landen in gevaar te brengen om zijn kiezers te behagen. Op 29 mei hebben in Israel algemene verkiezingen plaats. Het Syrisch-Israelische vredesproces verkeert overigens al enige tijd in een impasse. Er kwam niet onmiddellijk een reactie uit Damascus op de Israelische aanval op de Syrisch-Libanese legerstelling bij Beiroet, afgezien van de mededeling over de Syrische verliezen daarbij.

De commandant van de VN-vredesmacht UNIFIL in Zuid-Libanon heeft gisteren een protest ingediend tegen de Israelische luchtaanvallen op dorpen in en rond het gebied waar UNIFIL opereert, aldus een VN-woordvoerder in New York. UNIFIL is sinds 1978 in Zuid-Libanon gelegerd. De secretaris-generaal van de VN, Boutros Boutros-Ghali, heeft zijn bezorgdheid geuit over de ontwikkelingen. (Reuter, AP, AFP)