Frankrijk: Jean-Paul Belmondo op de bres voor Franse film

PARIJS, 13 APRIL. Zondagavond barstte hij los, en sindsdien is Jean-Paul Belmondo (63) niet meer van de televisie en de krantenpagina's weg te branden geweest. Désiré, de nieuwste film waarin hij optreedt, ging deze week in première in maar twintig zalen in Frankrijk, waarvan slechts zes in Groot Parijs. Oorzaak: sabotage.

De gevierde filmster voert campagne tegen de Franse bioscoop-industrie: “De grote Franse distributeurs zijn de Trojaanse paarden van de Amerikaanse film. Ik veroordeel de Amerikaanse film niet, ik ben tegen iedere vorm van censuur, maar ik zou willen dat het publiek zelf mag oordelen. Deze film wordt vermoord voor iemand hem heeft kunnen zien.”

Zonder behoorlijke publiciteit en verspreiding krijgt Désiré, een remake van een Sacha Guitry-film uit 1937, geen kans in eigen land, zegt Belmondo. Met hem, Fanny Ardent, Béatrice Dalle en Claude Rich, heeft de film een voldoende sterke bezetting, maar Toy Story draait in 500 Franse zalen en Casino in 250. Vorig jaar mocht de Franse filmindustrie van een goed jaar spreken, met een marktaandeel in eigen land van 35 procent. In januari zakte dat tot 27 procent, maar dankzij Beaumarchais en Pédale Douce steeg het percentage verkochte kaartjes voor Franse films begin april even naar de veertig.

De Franse minister van Cultuur moest die zelfde zondagavond nog uit Lourdes, de stad waar hij burgemeester is, reageren. Philippe Douste-Blazy steunde Belmondo volmondig. “Wij moeten voorkomen dat de Franse film het lot volgt van de Italiaanse cinema, die ten prooi is gevallen aan de televisie en de weigering van distributeurs Italiaanse films te verspreiden.” Wat stelde de minister voor? De Franse film te subsidiëren - dat gebeurt al via diverse kanalen op flinke schaal - en “distributeurs vragen Franse films een eerlijke kans te geven”.

Dat antwoord paste binnen de strijd voor de francophonie, die hij heeft overgenomen van zijn voorganger Jacques Toubon. Mr Allgood, zoals Toubon wordt genoemd door Fransen die zuchten onder de Wet-Toubon die eist dat overal in Frankrijk alles in het Frans beschikbaar is. Het geldt voor wetenschappelijke congressen, maar ook voor produkten in winkels: de Body Shop werd onlangs in Chambéry veroordeeld tot 1.000 franc boete omdat er potjes smeersel werden verkocht waarop alleen in het Engels stond wat het was.

Toen Douste-Blazy laatst zijn campagne voor de verdediging van het Frans lanceerde, werd hem de vraag gesteld of hij alle wetenschaps-beoefenaars in het land niet simpelweg kon verplichten in het Frans te publiceren. De voormalig hoogleraar in de medicijnen moest even nadenken. Toen antwoorde hij: “Dat is wel een idee, maar u moet weten dat er in ieder vak een paar wetenschappelijke publikaties zijn die echt 'top, top, top' zijn. Die verschijnen in het Engels...” Het was er uit vòòr hij het door had. De zaal gniffelde. Top, top, top is net zo Frans als de joint venture die minister van Buitenlandse Zaken Hervé de Charette gisteren trots aankondigde na een paar dagen onderhandelen met de Chinese premier Li Peng. 'Société mixte', verbeterde Charette zich.

Fransen zijn net zo goed op de hoogte van de buitenwereld als Nederlanders, alleen hebben zij minder moeite trots te zijn op hun taal. Daarom is de Franse gevoeligheid interessant voor de rest van Europa. Désiré is misschien geen wereldfilm, maar Belmondo heeft enig gelijk wanneer hij aandacht vraagt voor de onbevredigende kant van de vrije markt voor cultuurpodukten: die is na een tijdje niet meer zo vrij.

Twee van de drie grote film-distributeurs in Frankrijk hebben zware contracten met Amerikaanse bedrijven: Gaumont met Disney, UGC met Fox. Dat betekent dat zij, om die paar kassuccessen te krijgen, een hele sliert middelmatige Amerikaanse films op de koop toe moeten vertonen. Daardoor raken de distributie-kanalen verstopt.

Frankrijk heeft de oplossing nog niet gevonden, maar zoekt strijdmiddelen. Soms neigen die naar protectie, zoals bij de instelling van het quotum op Franse radiozenders: die zoeken zuchtend hun verplichte veertig procent chansons van Franse bodem bij elkaar. Steeds vaker wordt gepleit voor positieve actie, zorgen dat je beter bent. Zoals door de voorzitter van de Conseil supérieur de la langue française, André Danzin. Naar aanleiding van de overmacht van het Engels op Internet zegt hij: “Waarom kan Frankrijk ook daar geen successen boeken door concentratie op kwaliteit, zoals dat gelukt is met de TGV en de Ariane-raketten?”

    • Marc Chavannes