Voorbeeldfunctie

Wie staatssecretaris Erica Terpstra ziet, denkt onwillekeurig: wat ziet dat mens eruit, zou die niet wat aan sport kunnen doen? Alleen aftrainen, gecombineerd met een streng dieet, kan hier nog uitkomst brengen. Het schijnt dat mevrouw Terpstra vroeger nog iets aan zwemmen heeft gedaan, maar dat zie je er nu niet meer aan af. Zij zwemt voornamelijk nog in het vet. Haar lopen is deinen. Ook is hier het werkwoord hobbelen op zijn plaats.

Het is ongepast om iemand op haar uiterlijk aan te vallen, maar als staatssecretaris van sport heeft zij nu eenmaal een voorbeeldfunctie. Je hoort dat woord de laatste tijd nogal vaak. Topsporters, filmsterren, politici, eigenlijk iedereen die wel eens met zijn neus in de publiciteit komt, heeft een voorbeeldfunctie. Het zijn allemaal mensen die in het leven zijn geslaagd. Zij zijn een voorbeeld voor ons allemaal. Vooral voor al die tienduizenden op de tribunes, die nooit beroemd zullen worden, omdat zij nooit iets zullen presteren van enig belang.

Daarin zit hem de crux van de massasport. Miljarden mensen die niets kunnen, kijken naar een heel select groepje dat wel iets kan. Dat geeft een enorme frictie. Het selecte groepje is heel benijdenswaardig: rijk, beroemd, jong en mooi. Dat is een voorbeeld dat men na wil volgen, maar dat is voor de massa tegelijkertijd onmogelijk. Die schuifelt na afloop van de wedstrijd langs de betonnen trappen het stadion uit, op weg naar het rijtjeshuis, de bingoavond en het modale loonzakje.

Het voorbeeld is onbereikbaar en de onderlinge afspraak tussen spelers en publiek is ook dat het voorbeeld onbereikbaar zal blijven. Vandaar de verwoestende agressie die plotseling kan oplaaien als de eigen club verloren heeft. Verliezen kan iedereen. Het hele stadion zit vol met verliezers. Daarom mogen zij die op de grasmat staan nooit zulke grote sukkels worden als zij die op de tribune zitten.

Schreeuwen, blèren, juichen, uitfluiten, dat alles hoort bij de sportwedstrijd. Het vreemde is dat spelers door al dat lawaai eerder worden gestimuleerd dan afgeleid. Het thuispubliek levert een extra speler op: de twaalfde man. Maar misschien is dit verkeerd geformuleerd en zou het juister zijn om te zeggen dat er bij de tegenpartij een speler moet worden afgetrokken.

Mevrouw Terpstra wil het racisme en het geweld in de sport aanpakken. Zij heeft Ruud Gullit gevraagd de komende vier jaar op te treden als Nederlands ambassadeur voor sport, tolerantie en fair-play. Ruud heeft ja gezegd. Onze held mag nu met een koffer vol moreel gelijk de hele wereld rondreizen. Vier jaar lang in volle congreszalen Erica Terpstra's toespreken en vertellen over je eigen jeugd. Wordt het wat met zijn voorbeeldfunctie?

Ik vrees van niet.

Alle sport heeft een element van oorlog in zich. Je kunt alleen maar een groot kampioen worden als je op de een of andere manier het gevoel bezit dat je je tegenstander wilt vernietigen. Pete Sampras, een lieve jongen? Ik geloof er niets van. Joop Zoetemelk, er zit geen kwaad bij. Maak dat de kat wijs. “To crush the other guy's ego”, heeft Bobby Fischer wel eens gezegd.

In het voetbal gaat het niet alleen om the other guy's ego, maar ook om the other guy's body. Blessures worden onder voetballers beschouwd als een normaal verschijnsel. Profvoetballers die nog nooit zijn geopereerd komen vrijwel niet voor. De benen van de gemiddelde profvoetballer zijn een lappendeken van littekens.

Elke sport krijgt het publiek dat zij verdient. Elke sport krijgt de scheidsrechter die zij verdient, want ook de scheidsrechter weerspiegelt de verlangens van het publiek. Het is niet voor niets dat de arbiter bij het boksen een vlinderdasje draagt. Hoe gewelddadiger de sport, hoe voornamer de façade die de arbiter moet ophouden. Heel anders ziet de arbiter bij het cricket eruit. Die heeft een vormeloos vrijetijdsjasje aan en een pet op. Bij het hockey fluiten veel scheidsrechters in hun dagelijkse kloffie, en dat is natuurlijk weer het andere uiterste. Die zijn zo gewoon dat het weer chic wordt.

De staatssecretaris wil eventueel wedstrijden laten staken bij wangedrag van de supporters. Nog nooit is het publiek zo machtig geweest, en dat zullen we binnenkort gaan merken.

    • Max Pam