Champs Elysées omgetoverd in tijdelijk beeldenmuseum

'Les Champs de la Sculpture', tot 9 juni, tussen Place de la Concorde en Rond-Point des Champs Elysées.

PARIJS, 12 APRIL. Parijs heeft er een nieuw top-museum bij, voor twee maanden. Op de Champs Elysées, tussen de Place de la Concorde en het Rond Point, zijn 49 monumentale sculpturen neergezet. Een eeuw beeldhouwkunst, om gratis van te genieten. Rodin en zijn twintigste-eeuwse opvolgers gloriëren op deze tijdelijke 'Champs de la sculpture'.

De gemeente Parijs voert al jaren een bijzonder actieve cultuurpolitiek. Theater, film, muziek, literatuur en beeldende kunst krijgen regelmatig festivals, nieuwe centra en kansen om een nieuw publiek te trekken: jaarlijks nodigt de stad bezoekers een week lang uit twee kaartjes te kopen voor de prijs van één. Maandag gaat de eerste grote tentoonstelling open in het gemeentelijke Maison Européenne de la Photographie, een fotografen-droom in een knap gerestaureerd 'maison particulier' in de Marais.

Het spectaculaire beginpunt van de beeldenexpositie is een niet eerder uitgevoerd idee van Yves Klein. In 1958 wilde hij de opening van een eigen tentoonstelling luister bijzetten door de obelisk op de Place de la Concorde 's avonds te verlichten met zijn 'International Klein Bleu'. Toen vonden de autoriteiten dat te ver gaan, nu is de gemeente er trots op dat Klein (1928-1962) alsnog zijn obelisk krijgt.

Het aantrekkelijke van deze tentoonstelling op de brede flaneervlaktes langs ruim één kilometer van Parijs' beroemdste boulevard is dat er zonder ingewikkelde bedoelingen tientallen prachtige, grappige, ernstige werken staan in de meest ontspannen omgeving. De soms strenge museumomgeving ontbreekt, al zijn ook hier de verklarende teksten te klein en te weinig talrijk voor alle nieuwsgierigen. Wie even voor de Mondriaan-achtige Kruisiging van Barbara Hepworth of Armans reuzefluitketel genaamd Kapitein Nemo wil uitpuffen, vindt bankjes genoeg. Zou het in Nederland kunnen: een cementen Picasso, een hagelwitte Arp, een zwart-witte Léger, een licht granieten Max Bill, een houten Stahly op de stoep, zonder dat de spuitbus er een andere kunstvorm van maakt?

Parijs heeft 2,5 miljoen gulden gevonden om deze merendeels volumineuze werken naar hun tijdelijke buitenlocatie te krijgen. Vele zijn te leen van particuliere eigenaars, meer dan eens de kunstenaars zelf. Hier staan zij, met speciale avondverlichting op een simpel houten bokspodiumpje.

Zo moedig en knap uitgevoerd als de hele operatie is, zo sterk is ook de keus, gemaakt door door Solange Auzias de Turenne. Die ene In and out No. 2 in aluminium (1995-96) van Louise Bourgeois zegt meer over haar werk dan een hele beschouwing. De variatie is groot, al zullen sommigen een zekere voorzichtigheid betreuren. Het zwaartepunt ligt bij het midden van de eeuw. Tussen Rodin, Maillol, Moore, Arp, Calder, Giacometti, Tinguély, Zadkine, Richier, De Saint-Phalle, Dubuffet en César komen ook kunstenaars voor die misschien minder bekend zijn bij het Parijse toeristenpubliek. Maar Magdalena Abakanowicz, Etienne-Martin, Gilioli, Hajdu, Marta Pan, Roberto Matta, Lynn Chadwick staan met even veel recht op de Elyséïsche stoepen.