Tekort noopt Gelderse thuiszorg tot ontslag

De directie van de Zorggroep Oost-Gelderland in Doetinchem heeft vanochtend de onderhandelingen heropend met de bonden over het aantal mensen dat ontslagen wordt.

DOETINCHEM, 11 APRIL. Algemeen directeur M. Noordhoek van de Zorggroep Oost-Gelderland in Doetinchem is vorige week dinsdag opgestapt. Over de reden van het vertrek wil woordvoerder Burcksen van de instelling niets zeggen, behalve dat “het vertrek van de algemeen directeur helemaal losstaat van de problemen bij de instelling”.

Het rommelt al maanden bij de Zorggroep Oost-Gelderland, een gefuseerde instelling van het Maatschappelijk werk, Kruiswerk en Gezinsverzorging voor de regio Winterswijk, Doetinchem en Zutphen. Begin dit jaar kwam de directie met het plan om alle 700 thuishulpen te ontslaan en weer te werk te stellen als zogeheten Alpha-hulp. Dat zou een besparing opleveren waarmee het tekort van 4,7 miljoen gulden van de instelling gedekt zou worden. A-hulpen zijn in dienst van de instelling, Alpha-hulpen in dienst van de cliënt.

Het plan stuitte echter op grote weerstand van de bonden, aldus regiobestuurder J. Kramer van de FNV-bond AbvaKabo. “Alpha-hulpen vallen niet meer onder de CAO, zijn niet meer automatisch verzekerd en krijgen minder betaald. Dat was voor ons een onverteerbaar voorstel.” Onder druk van de bonden werd afgezien van deze procedure.

Maar het tekort bleef, en dus besloot de directie van de instelling tot het ontslag van zo'n 150 personeelsleden; enkele tientallen gedwongen en de rest via afvloeiing. Tijdens de gesprekken bleek dat de bonden van deze constructie ook geen voorstander waren. Toen beide partijen volhardden in hun standpunt brak de delegatie van de instelling op 23 maart de onderhandelingen af.

De AbvaKabo besloot tot een eigen onderzoek om te bezien op welke wijze het tekort kon worden weggewerkt. Over 1995 komt de instelling, die werkt met een jaarbudget van 70 miljoen gulden, 2,7 miljoen gulden tekort, terwijl er voor dit jaar nog eens een miljoen gulden te weinig is. Aangevuld met een extra bezuiniging van een miljoen gulden per 1 januari 1997 brengt dat het tekort op zo'n 4,7 miljoen gulden. Na het onderzoek stemt ook de bond nu in met het ontslag van zo'n 150 van de 700 thuishulpen. “Ook vanwege die extra bezuinigingen werd het ons duidelijk dat inkrimping van het personeelsbestand onontkoombaar is”, zegt vakbondsman Kramer. Hij vindt dat de directie, die al in december 1994 wist van het eerste gat in de begroting, eerder had moeten ingrijpen. “Als ze eerder hadden ingegrepen was dit niet nodig geweest. Dan hadden we niet hoeven spreken over ontslagen.”

De instelling wijt het probleem echter aan de 'herallocatie van rijksgelden'. “Wij worden gekort in onze middelen, omdat het beleid erop gericht is de thuishulp in de grote steden te verbeteren”, aldus Burcksen. “En dat terwijl wij het afgelopen jaar te maken hebben gehad met zeven procent meer verzoeken om hulp.” De Zorggroep Oost-Gelderland zegt het te betreuren dat door de ontslagen de wachtlijsten langer zullen worden. De wachtlijsten bedragen nu zes weken.

Kramer beaamt dat de thuishulp fors wordt gekort, en verwijst onder andere naar de Thuishulp Enschede-Haaksbergen, waar hij als regiobestuurder ook betrokken is bij de plannen van die directie om 225 van de 1.600 medewerkers te ontslaan. Tegelijkertijd zullen circa 45 langdurig werklozen in Enschede-Haaksbergen worden aangenomen in het kader van de zogenoemde Melkert-banen. Hoewel deze banen door het rijk worden gesubsidieerd en het geld dus uit een andere pot komt, menen de met ontslag bedreigde medewerkers dat hun plaatsen worden opgevuld met Melkert-banen.

Net als de Zorggroep Oost-Gelderland is ook de vakbond uitgekomen op een noodzakelijk ontslag van zo'n 150 mensen. Maar anders dan de Zorggroep wil de AbvaKabo de ontslagen over de gehele instelling verdelen, en niet beperken tot de verzorgsters. “Dat idee van de directie is niet acceptabel”, zegt Kramer. De gesprekken zijn vanochtend begonnen, en worden maandag voortgezet. Van de ledenvergadering heeft de vakbond te horen gekregen dat er binnen twee weken meer duidelijkheid moet zijn. Ook de instelling kan zich daarin vinden. “Langer wachten zou te veel onrust betekenen voor ons personeel en voor de cliënten”, meent Burcksen.