Arabisch leerstuk

Een feestavond was het geweest, zegt Elouargui Joussef, vader van drie leerlingen op de Berlage scholengemeenschap in Amsterdam en sinds twee jaar lid van de medezeggenschapsraad. Hamdy Mighawry, leraar Arabisch, vond dat de drukbezochte bijeenkomst in de aula van de school het midden hield tussen een familieavond en een ouderavond. En voor Paul van Berkel, coördinator onderbouw en leerlingzaken, was het vooral een ouderavond waar op een gezellige manier informatie werd gegeven aan de ouders van Arabische, dus vooral Marokkaanse leerlingen.

De Amsterdamse Berlageschool voor Mavo, Havo en VWO, tegenwoordig deel uitmakend van de Esprit Scholengroep, heeft de afgelopen 25 jaar een rijke traditie opgebouwd in onderwijs aan allochtone leerlingen. Veel aandacht voor taalvaardigheid, veel leerlingbegeleiding en veel speciale projecten die de doorstroom naar vervolgopleidingen en werk bevorderen. Met deze aanpak heeft de school de laatste jaren een hoop bereikt. Maar tijdens die kwart eeuw is het contact met de ouders altijd een probleem gebleven. “Vooral met de Marokkaanse ouders”, zo legt Paul van Berkel uit, “want volgens de gewoonten in hun cultuur dragen zij de verantwoordelijkheid voor hun kroost volledig over aan de school.”

De animo voor rapport- en ouderavonden is onder deze groep dan ook niet groot. Toch wil de school de ouders graag betrekken bij het onderwijs van hun kinderen. Dat is belangrijk, vindt van Berkel, omdat sommige ouders geen idee hebben hoe de gang van zaken is op school. Het is beslist geen uitzondering dat twaalfjarige allochtone kinderen geheel op eigen gezag een school voor voortgezet onderwijs kiezen. “Neem de vader die laatst door ons gevraagd was naar school te komen omdat zijn zoon in de problemen zat”, geeft Van Berkel als voorbeeld. “De man spreekt nauwelijks Nederlands, iemand moet tolken, en dan blijkt dat hij absoluut niets begrijpt van het rapport dat zijn zoon mee naar huis neemt.” Daarom stopt de Berlageschool er veel energie in om ouders toch de school in te lokken en ze tussen de bedrijven door informatie te verschaffen. Op deze avond is dat uitstekend gelukt, vindt Van Berkel achteraf, ook al had de opkomst toch nog wel wat hoger gekund. Als het aan medezeggenschapsraadlid Joussef ligt wordt het de volgende keer een nog groter feest, met eten en drinken en muziek. “Dan zullen er nog veel meer ouders komen”, zo voorspelt hij.

Het programma van de avond is volledig tweetalig en wordt met flair gepresenteerd door Nora uit 5 Havo. “Ik wil graag iets doen voor deze te gekke school”, verklaart Nora in de pauze. Ze is 's morgens extra vroeg naar school gekomen om samen met haar Berbers sprekende klasgenoot Zaïda ouders te bellen om ze te bewegen naar de ouderavond te komen. “Ik heb wel vijftig of zestig telefoontjes gedaan en aldoor namen de moeders op”, legt Nora uit. “Ik vertelde ze hoe gezellig het zou worden, met muziek en toneel enzo, en dat ze de kinderen best mee mochten nemen. Daarom zijn er vanavond zoveel moeders gekomen”, glundert Nora, “en zie je ook hoeveel kleine kinderen er rondlopen?”

Begint de ouderavond nog vrij traditioneel met een toespraak - in het Nederlands - van directeur Sylvia Visser, die later vertaald wordt door een van de leerlingen, wanneer docent Arabisch Mighawry de ouders in hun eigen taal toespreekt komt de zaal aardig los. Er wordt flink gelachen en geklapt. Hij benadert de ouders ook met bekende spreuken, zoals traditie is in de Arabische cultuur. “Zoals onze profeet zei”, zo houdt Migrawhy de ouders voor. “Vraag om kennis, zelfs al moet je er helemaal voor naar China.” Maar de docent laat er meteen een eigentijdse variant op volgen: “Vraag om kennis, overal en op iedere plaats.” Als een muziekgroep bestaande uit leerlingen van de school op het podium verschijnt begint deze ouderavond inderdaad de trekken van een feestavond te krijgen. Er wordt in de pauze zelfs nog even voorzichtig gedanst op de opzwepende klanken van de viool en de citer. Ondertussen gaan grote schalen vol heerlijke koekjes rond en rennen de kinderen de aula op en neer.

Klapstuk van de avond is echter het toneelstuk, geschreven door Hamdy Mighawry en gespeeld door leerlingen en leraren. Het verhaal is voor iedereen herkenbaar: brugklasser Ali haalt slechte cijfers en zijn traditioneel geklede vader, ervan overtuigd dat zijn zoon dokter zal worden, wordt verzocht naar school te komen. De zoon moet tolken, maar gooit het op een op een akkoordje met zowel zijn vader als met de wiskundeleraar, meester Kwadraat. Hij vertaalt niet wat er gezegd wordt, maar wat hem zelf het beste uitkomt. Dit tweetalige en vooral erg komische toneelstuk - de vader in kaftan spreekt alleen Arabisch, de meester met bretels alleen Nederlands, brugklasser Ali beide - brengt niet alleen de ouderejaars leerlingen achter in de zaal tot groot enthousiasme, maar doet ook de ouders de handen voor het gezicht slaan van het lachen. Als aan het eind duidelijk wordt hoe de vlag er werkelijk bijhangt zegt vader tegen meester Kwadraat: “Gaat u maar aan uw werk, ik reken thuis wel met deze jongen af.”

“Uit het leven gegrepen”, zegt decaan Jet Benjamins, “wij hebben regelmatig met dit soort situaties te maken.” Haar collega decaan Tineke Klein knikt bevestigend. “Dit is echt een leerstuk dat de dagelijkse gang van zaken op de hak neemt.” Dat was ook precies de bedoeling, beaamt schrijver Mighawry. “Door zo'n humoristisch toneelstuk kun je zaken aan de orde stellen waar iedereen het over heeft. Het is een combinatie van humor en informatie die deze ouders erg aanspreekt.”

Als alle ouders naar huis zijn en de stoelen zijn opgeruimd staat Abdel uit 4-Havo, die de onovertroffen rol van vader speelde, een beetje verloren met een bos bloemen bij de deur. Mighawry legt aan directeur Visser uit dat Abdel vanavavond geen vrij had gekregen van de supermarkt waar hij werkt, maar toch voor zijn optreden op school had gekozen. “Hij vreest nu voor problemen op zijn werk”. Visser zegt tegen de sipkijkende leerling: “Als volgende week blijkt dat ze je willen ontslaan kom dan bij me langs, dan gaan we er iets aan doen.” Enigszins opgelucht verlaat Abdel de school. Mighawry zegt: “Zonder hem hadden we dit toneelstuk nooit kunnen spelen.”

    • Michaja Langelaan