Pas voor zowel auto, taxi, treintaxi als trein

DEN HAAG, 10 APRIL. Treintaxi BV heeft een nieuwe naam gekregen: Transvision. Tegelijk heeft het bedrijf een mobiliteitspas voor de zakelijke reiziger gepresenteerd, Odessey genoemd.

De Odessey is een pas waarop een bedrijf voor zijn werknemers een abonnement kan nemen (vijftig gulden per jaar per pas). Met de pas kan gebruik worden gemaakt van auto, auto met chauffeur, taxi, treintaxi en trein.

De pashouder die op reis moet, belt naar het 'Odessey-centre' en laat weten of het accent moet liggen op, bijvoorbeeld, snelheid (huurauto), snelheid en comfort (auto met chauffeur), of comfort en betaalbaarheid (eersteklas-treinreis in combinatie met een taxi). De rekening, inclusief een bijdrage voor het regelen van de reis, gaat naar de werkgever.

Transvision heeft contracten met de NS, Rent-a-Driver, alle treintaxibedrijven, een aantal andere taxibedrijven en de grote autoverhuurbedrijven. Net als Treintaxi BV is Transvision dus een 'regisseur van mobiliteit': het bedrijf bezit zelf geen wagens.

Volgens F. Remerie, directeur van Transvision, is het uniek dat nu zoveel verschillende soorten vervoer gecombineerd worden. “Nederland kent veel mobiliteitsvormen. Elke vorm heeft z'n eigen voor- en nadelen. Maar met die wetenschap wordt weinig gedaan. Transvision stelt dat het niet langer een óf-óf keuze is, maar een én-én keuze.” Met de Odessey-pas mikt Transvision op een doelgroep met een druk bezette agenda, die veel moet lezen.

Minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) kreeg de pas vanmorgen als eerste aangeboden. Namens haar prees J. Remmen, directeur individueel personenverkeer, het initiatief vanmiddag bij de officiële presentatie als een manier “om bij wijze van automatisme de auto te pakken te doorbreken”.

Van het Nederlandse wagenpark is 16 procent zakenauto; 27 procent van de autokilometers wordt voor zakelijke doeleinden afgelegd. Verkeer en Waterstaat wil het gevarieerd gebruik van auto en openbaar vervoer fiscaal aantrekkelijker maken. “Het moet mogelijk worden dat men 'mobiliteit' in plaats van 'modaliteit' koopt”, aldus Remmen.