Steve Wynn weet van geen ophouden

Concert: The Steve Wynn Quintet. Gehoord: 4/4 Para, Breda.

Steve Wynn zingt met een soortgelijk nasaal timbre als Lou Reed, maar zijn muziek is warmer, gevoeliger en een tikje gewoner. Sinds de groep The Dream Syndicate in 1986 ophield te bestaan, vecht de zanger/gitarist op soloplaten en met de gelegenheidsgroep Gutterball tegen de middelmatigheid. Zijn nieuwe cd Melting In The Dark laat een bescheiden opleving horen, met name door de inbreng van de groep Come die als begeleidingsband meedoet.

Op tournee reizen de twee voornaamste leden van Come, gitaristen Thalia Zedek en Chris Brokaw, met Wynn mee. Ook van de partij is de economisch meppende Dream Syndicate-drummer Dennis Duck, die enigszins voorbarig als 'een legende' werd voorgesteld. Vooral Brokaw is een aanwinst, want zijn onconventionele gitaarspel tilt Wynns muziek uit boven het niveau van een doorsnee college-rockgroep. Zoals Brokaw en Zedek samen hortend en stotend de blues speelden in het dreinerige Drizzle, had de grote bluesman Muddy Waters het zelf niet kunnen verzinnen.

Was het toeval dat het Dream Syndicate-nummer Burn tot de hoogtepunten van de avond behoorde? Steve Wynn lijkt tegenwoordig genoegen te nemen met zijn rol van gemoedelijk bandleider, die recht deed aan de verwachting dat zijn optredens langer dan twee uur kunnen duren. Na beknopte drie-minutensongs als de tot vermaak van bandleden en publiek uit het stof gehaalde pophit Draggin' The Line van Tommy James & The Shondells werden de nummers steeds langdradiger, zoals The Grateful Dead vroeger een simpel thema kon rekken tot hele plaatkanten. Ook daarmee keerde Steve Wynn terug naar het begin, want The Dream Syndicate wist in de toegift evenmin van ophouden.