Gewortelde Chinezen blijven toch vreemden

Opa Sik Shan is tevreden, zondag 7 april, Ned.3, 16.30-17.00u.

De loempia mag een typisch Nederlandse versnapering zijn, de loempiabakker zal nooit een echte Nederlander worden. Een echte Nederlander zal opa Chan ook nooit worden al blijft hij nog eens veertig jaar in Holland.

“Opa Sik Chan is tevreden”, heet de documentaire die de Nederlandse Programma Stichting komende zondag op Nederland 3 uitzendt. Bijna vier decennia geleden kwam hij uit Hongkong in Nederland aan. Op zoek naar een plek waar je een gezin kan stichten. “Het was nooit de bedoeling om in Nederland te blijven”, zegt opa Chan. “Maar als je het ergens goed hebt moet je er wortel schieten.”

Met een eigen goedlopend restaurant en kinderen en kleinkinderen in de buurt, heeft hij hier wortel geschoten. Maar opa Chan, noch zijn zoon, Mou Chun, die hier op zeventienjarige leeftijd kwam, hebben Nederlands leren spreken. Ze zijn gewortelde buitenstaanders gebleven.

Deze documentaire had de familie van opa Chan iets dichterbij kunnen brengen. Het enige wat nu echter duidelijk wordt, is dat deze familie hard heeft gewerkt. Mou Chun heeft tien jaar lang gewerkt, zonder een dag vakantie, zeven dagen per week, van tien tot tien. Als vader Chun naar bed ging sliepen zijn kinderen, als hij ging werken waren ze al naar school. Met zijn vrouw sprak hij nauwelijks.

Dat beeld, van de hardwerkende Chinees, hadden we al. Wat je nu zou willen weten is hoe het is, zo'n uitgesteld leven in een vreemd land. Daar kom je niets van te weten. Opa Chan wist niet alleen te sparen om zijn kinderen over te laten komen, hij kocht ook zijn eigen restaurant.

Hoe richtte opa Chan zijn leven in om dat allemaal mogelijk te maken? Deelde hij een huurkamertje met anderen, leefde hij karig, kreeg hij een lening van bevriende Chinezen? Je zou willen weten of hij, nu hij geslaagd is in het leven, bang is voor de Chinese gangsters die restauranthouders beroven of afpersen. Ware het niet voor kleinzoon Yen Chow, die Nederlands als een Nederlander spreekt, dan was de familie van opa Chan ons volledig onbegrijpelijk gebleven. Maar de kleinzoon rebbelt er sympathiek op los. Een Nederlands meisje ziet hij zich niet zo gauw mee naar huis nemen, dat zou opa niet leuk vinden. Maar wat zijn opa belangrijk vindt telt voor hem, met alle respect voor zijn opa, toch wat minder, zegt hij. “Je neemt toch de normen en waarden van hier over”. Zo is de kleinzoon, terwijl de opa en de zoon vreemden zijn gebleven, toch een van ons geworden.

    • Hans Moll