Van SM-kelder naar cat-walk

De uitdagende kleding, zoals die onder meer op kinky party's wordt gedragen, is mode geworden. Hoe dat in zijn werk ging beschrijft Valerie Steele in een boek over de symbolische waarde van fetisjisme.

Valerie Steele. Fetish - Fashion, Sex, Power. Oxford University Press, ƒ 62,65.

These boots are made for walking', zong Nancy Sinatra aan het begin van de jaren zestig onschuldig. 'Shiny, shiny, shiny boots of leather', zong Lou Reed in het nummer Venus In Furs enkele jaren later iets minder onschuldig. Wie ondertussen de tv-serie De Wrekers volgde, waarin detective Emma Peel in een strak-lederen catsuit haar werk deed, kreeg zo langzamerhand iets in de gaten; elementen van de zich tot dan toe in het verborgene afspelende 'fetisj'-cultuur begonnen door te dringen tot de populaire cultuur.

Inmiddels, dertig jaar later, hebben leren laarzen met een lengte naar keuze, strakgeregen corsetten en als bovenkleding gedragen ondergoed een plaats verworven in het modebeeld. Couturiers als Jean-Paul Gaultier, Azzedine Aïda, Vivienne Westwood en Dolce & Gabbana zijn er in geslaagd bepaalde onderdelen van kleding die tot dan toe als pervers beschouwd werden, voor een groot publiek populair te maken.

Een 'fetisj' is in deze context een object waar liefhebbers een bepaalde seksuele waarde aan toekennen. Daarbij kan het gaan om soorten kleding, zoals corsetten, leren laarzen of lange handschoenen, en om materialen, zoals rubber, leer of bont. Ook objecten als fietssturen, haarborstels of veiligheidsspelden kunnen een fetisjistische betekenis hebben.

De Amerikaanse wetenschapper Valerie Steele heeft over die symbolische waarde een boek geschreven met de titel Fetish - Fashion, Sex, Power. Als mode-historica richtte ze zich hierbij vooral op de fetisjistische aspecten van corsetten en minder op die van fietssturen. Steele's interesse was gewekt door de opvallende overstap die fetisj-kleding heeft gemaakt van de SM-kelder naar de catwalk. Ze verbaasde zich dat datgene wat altijd met 'afwijkend seksueel gedrag' werd geassocieerd plotseling tot het domein van de mode kon behoren. Hoe moet dat nou, vraagt Steele zich in haar boek quasi-bezorgd af, als straights en perverts er straks hetzelfde uitzien?

Door die 'crossover' kreeg ze twee verschillende vragen te onderzoeken: ten eerste die naar de fetisjistische symboliek van bepaalde kleding voor de fetisjist, en ten tweede de vraag wat de 'modieuze' aantrekkingskracht ervan is op de gemiddelde modebewuste vrouw of man.

Fetisjkleding begon eind jaren vijftig aan haar opmars. Leren jacks en broeken werden populair door sterren als Marlon Brando en Elvis Presley. In de jaren zestig had je Emma Peel in haar leren pak, de 'kinky boots' die zelfs gedragen werden door de keurige meisjes van The Supremes en werd er door modeontwerpers als Paco Rabanne geëxperimenteerd met ongewone materialen als plastic en metaal. De punkbeweging van de jaren zeventig bracht gescheurde netkousen, jarretels en hoge naaldhakschoenen; attributen die tot dan toe als 'hoerig' golden maar nu op straat werden gedragen door tienerpunks en zangeres Siouxsie Sioux (van de Banshees). Vivienne Westwood, de modeontwerpster die bij de lancering van punk betrokken was, verkocht in haar winkel SEX allerlei ontwerpen van rubber en latex, en bondage-kleding met veel riempjes. In de jaren tachtig en negentig zette de rubbertrend door, niet direct als dagelijkse garderobe, maar wel als uitgaanskleding en showkostuum. Hun fetisjistische bijbetekenis wordt in modereportages in de damesbladen ontzenuwd door onschuldige naamgeving als 'body conscious' of 'slik chic'. Wat ooit kinky was (van het Engelse woord 'kink': pervers trekje), is nu in het ergste geval sexy.

Dat de vrouwen van deze tijd dit soort kleding waarderen, zou samenhangen met hun groeiende zelfstandigheid. In tegenstelling tot vrouwen in door mannen gedomineerde samenlevingen als Iran of Saudi-Arabië, die geheel bedekt door het leven gaan, kiest de onafhankelijke vrouw juist steeds gewaagdere kleding, betoogt Steele. Toch zou je als lezer nog een genuanceerdere verklaring willen voor de vraag hoe 'kinky' kleding door kon dringen tot de mode. Maar doordat Steele zich specifiek bezighoudt met de relatie tussen kleding en seksualiteit, ligt de nadruk in Fetish - Fashion, Sex, Power op het fetisjistische aspect van de items.

Want corsetten, jarretels en rubber catsuits leiden inmiddels een dubbelleven. Het feit dat de accessoires tot de mode zijn gaan behoren heeft ze als fetisj niet minder interessant gemaakt. Voor haar verklaringen van die fetisjistische functie baseert Steele zich op Freud en symbolistische interpretaties. Vooral de symboliek van de fetisj blijkt vaak komisch. Zoals in het geval van de ouderwetse dameskousen: als vrouwenbenen de weg wijzen naar het vrouwelijk geslacht, is de dikgeweven rand van de kous een grafische afbakening - 'tot hier en niet verder'. De schoen staat symbool voor de vagina, maar ook, als het hooggehakte exemplaren betreft, voor een gemeen wapen. Kleding van rubber verwijst volgens Steele naar het mannelijke geslacht; 'rubber' is immers ook Engels voor condoom. Een in rubber catsuit gehulde vrouw zou zich in de ogen van een man transformeren tot een 'gigantische bewegende penis'.

Dat sommige mensen de concentratie op dit soort kledingstukken nodig hebben om tot seksuele opwinding te kunnen komen, verklaart Steele vanuit een verstoorde 'liefdes-landkaart'. Wie opgroeit in een omgeving waar seks taboe is, kan een psychologische scheiding ontwikkelen tussen 'liefde' en 'lust'; het object van liefde mag niet geschonden worden door lustgevoelens. Fetisjen kunnen de waarde krijgen van een amulet die de aandacht van de werkelijke daad afleidt; de projectie van lust op schoen of corset zorgt dan dat de geliefde onbezoedeld blijft.

Steele's aanpak is nogal academisch. Zo verwijst ze regelmatig naar Michel Foucault, Jacques Lacan, het marxistische 'commodity-capitalism' en andere filosofische modellen. Maar het vermakelijke aan Steele's boek zijn de, soms vergezochte, verklaringen: waarom doen mensen wat ze doen? Haar onderzoek is bovendien historisch en onthult dat veel zogenaamd nieuwe dingen lang geleden al bedacht werden. Hooggehakte schoenen blijken ook in de vorige eeuw onderwerp van verering te zijn geweest en de onderbroekjes van bont die Vivienne Westwood in 1994 op de catwalk presenteerde waren in de jaren dertig reeds verkrijgbaar bij de Diana Slip Company.