'Ideeëndichtheid' in jeugd blijkt indicator voor kans op Alzheimer

Taalgebruik en schrijfstijl op jeugdige leeftijd kunnen een graadmeter zijn voor de ontwikkeling van de ziekte van Alzheimer. Dat is de conclusie van een studie van de universiteit van Kentucky (Journal of the American Medical Association, 16 febr). Basis voor het onderzoek vormden de autobiografische geschriften van 93 Amerikaanse nonnen, allen School Sisters van Notre Dame. De nonnen, allen geboren voor 1917, hadden hun levensverhaal op papier gezet vlak voordat ze definitief tot de orde toetraden en hun eed van trouw zwoeren. Ze waren op dat moment twintigers, de meesten hadden al zo'n vier jaar binnen de muren van het klooster vertoefd.

De onderzoeksgroep was uiterst homogeen van samenstelling. Alle zusters waren blank, van vergelijkbare komaf en hadden een zelfde (academisch) scholingsniveau. Zestig jaar leefden ze in vrijwel identieke omstandigheden. De latere verschillen in de ontwikkeling van Alzheimer konden daardoor niet worden verklaard door een verschil in scholing, dieet of leefwijze.

Bij een op de drie nonnen - van wie er inmiddels veertien overleden zijn, de rest is nu in de tachtig - manifesteerde zich op latere leeftijd Alzheimer. Dat percentage komt redelijk overeen met het aantal ziektegevallen binnen de bevolking als geheel.

De onderzoekers ontdekten een opmerkelijk verband tussen het taalgebruik dat de intredende nonnetjes in hun autobiografieën hanteerden en het vóórkomen van Alzheimer. Vooral de 'ideeëndichtheid' van de egodocumenten bleek een goede indicator te zijn voor de kans op Alzheimer. Nonnen die op hun twintigste grammaticaal complexe zinnen formuleerden, doorspekt met vele ideeën en met een hoge informatiedichtheid, bleken zestig jaar later over het algemeen nog steeds scherp van geest. Maar van de jonge vrouwen die er eenvoudiger zinsconstructies op nahielden, begon een groot aantal op latere leeftijd te dementeren.

Bij het onderzoek werd gebruik gemaakt van methoden afkomstig uit de psycholinguïstiek. Onderzoekers die niet wisten welke nonnen wel en welke niet ten prooi waren gevallen aan Alzheimer, categoriseerden de autobiografieën naar moeilijkheidsgraad en ideeëndichtheid. In negen van de tien gevallen kwamen de indelingen van de onafhankelijk van elkaar werkende onderzoekers overeen.

Als de resultaten van de studie kloppen, betekent het dat al op zeer jeugdige leeftijd (bij twintigjarigen) de eerste voortekenen te vinden zijn van Alzheimer-dementie. Alzheimer zou dan weleens een levenslang proces kunnen zijn, een ziekte die men al vanaf zeer jonge leeftijd met zich meedraagt, maar die zich pas ontpopt als dementie wanneer een zekere drempel in hersenbeschadiging is overschreden.