Yoghurtclaims gebaseerd op vliesdun onderzoek

ROTTERDAM, 2 APRIL. Zeven weken zijn de cholesterolverlagende yoghurts Fysiq en Actimel Cholesterol Control nu op de markt en vijf weken lang was er sprake van een zegetocht. Het Woerdense Mona (Campina Melkunie) zag de afname van Fysiq na een introductie-actie zo toenemen dat ze “het Fysiq niet meer aan kon”. Vanuit Tiel meldt Danone een minstens zo grote belangstelling voor Actimel Cholesterol Control. In Denemarken leidde de introductie van het cholesterolverlagende melkprodukt Gaio ruim twee jaar geleden tot ongekende verschuivingen op de yoghurtmarkt.

En op die markt schuift al zoveel sinds het Japanse Yakult er in mei 1994 op verscheen met zijn mierzoete flesjes vol casei-bacteriën, die zo goed zijn voor het afweersysteem. Kort na Yakult introduceerde Mona haar Vifit, Danone haar Actimel Casei Imunitass, Nestlé haar LC1 en Nutricia haar Fyos - dat laatste alleen in België, omdat Nederland al 'dicht' zat. Stuk voor stuk goed voor de darmflora én het afweersysteem. Nu zijn er dus ook melkprodukten die het cholesterolgehalte kunnen verlagen: wel drie tot vijf procent bij regelmatig gebruik. Sinds een paar jaar wordt aangenomen dat elke procent verlaging van het cholesterolgehalte de kans op hart- en vaatziekten met twee à drie procent terugbrengt. Het liep dan ook storm in de supermarkt.

Twee weken geleden kwam de kentering. Toen werd bekend dat de Bond van margarinefabrikanten op aansporing van Unilever de claims ging onderzoeken, omdat, laat Unilever weten, de geloofwaardigheid van de voedingsindustrie op het spel stond. Ook de Consumentenbond maakte bezwaar tegen de claims van de zuivelfabrikanten. Mona en Danone worden er niet warm of koud van. “We hadden in december al begrepen dat onze claims zouden worden aangevochten. Voor ons is alleen de houding van de overheid van belang.” Ze worden op hun wenken bediend: de Hoofdinspectie Gezondheidsbescherming (Keuringsdienst van waren) bereidt een gang naar de rechter voor.

De overeenkomsten tussen Fysiq en Actimel Cholesterol Control (ACC) zijn groot. Het zijn beide yoghurt-achtige produkten waarin, naast de voor yoghurt kenmerkende bacteriën een stam van de melkzuurbacterie Lactobacillus acidophilus is opgenomen en bovendien een hoeveelheid van de suiker fructo-oligosaccharide (ACC) of inuline (Fysiq). Dat zijn sterk verwante suikers, voornamelijk bestaande uit ketens fructose, die als 'oplosbare voedingsvezels' worden beschouwd. Fysiq is geheel vetvrij, ACC bevat 1 procent vet dat voor de helft plantaardig is.

Aan zowel suikers als melkzuurbacteriën wordt een effect op het cholesterolgehalte van de consument toegeschreven.

De hamvraag is: kunnen Mona en Danone ook bewijzen dat hun yoghurts doen wat zij ervan beweren? Op verzoek wordt materiaal opgestuurd, Mona stuurt zelfs een hele map vol, maar houdt zich nu juist wat Fysiq betreft op de vlakte. Zij liet het cholesterol-onderzoek uitvoeren door de Amerikaanse hoogleraar J.W. Anderson die koos voor een zogeheten cross-over test. Daarbij kreeg de helft van een veertigtal proefpersonen vier weken dagelijks een bord (200 ml) van het nieuwe testprodukt te eten en de andere helft een gewone controle-yoghurt, waarna gedurende een zelfde periode de rollen werden omgedraaid en de twintig testers van het eerste uur controleyoghurt gingen eten. Het verschil tussen de cholesterolniveaus na vier weken controle- of vier weken testprodukt wordt dan als 'het effect' beschouwd. Een aanvaarde, maar toch niet geheel vanzelfsprekende procedure.

Wat vond Anderson? Mona kan alleen een ultrakorte samenvatting laten zien, omdat Anderson zijn studie nog hoopt te publiceren. Of het zover komt staat te bezien want de cross-over test is mislukt: in het tweede deel (waarbij de rollen werden omgedraaid) had de testyoghurt geen enkel effect op het cholesterolniveau. Waaròm weet Anderson niet, maar hij aarzelt niet het nul-effect verder te negeren. De facto verichtte hij dus een zogeheten parallel-studie en waarschijnlijk zelfs dat niet. En dat is niet alles: wie tussen de regels leest, merkt dat Anderson helemaal niet Mona Fysiq heeft getest maar een ander melkprodukt waarin de Fysiq-bacterie was opgenomen. Ach, zegt men in Woerden optimistisch, toevoeging van inuline had het effect alleen maar versterkt.

Ook Danone liet een cross-over studie doen, door TNO Voeding in Zeist, zoals de reclame vermeldt. De resultaten worden onverkort ter hand gesteld en ze lijken op het eerste gezicht overtuigender dan die van Mona, ook al waren er maar 30 proefpersonen en was de testperiode met twee keer drie weken aan de korte kant. De cross-over studie is met succes afgerond en ook is er werkelijk getest met Actimel Cholesterol Control waarvan driemaal daags 125 ml werd ingenomen, bijna twee keer zoveel als bij Fysiq dus. De controle-yoghurt was een yoghurt met een vetgehalte van 1 procent, wat in België 'mager' heet. (Danone produceert in België.) TNO heeft, geheel volgens de regels, het effect van ACC afgezet tegen dat van de controle-yoghurt en constateert dat het cholesterolgetal na drie weken ACC 4,5 procent lager is dan na evenlang controleyoghurt. Waar men wonderlijk genoeg aan voorbijgaat is dat dit voornamelijk is te danken aan een stijging van het cholesterolgehalte na consumptie van die magere Belgische controle-yoghurt. Ten opzichte van het cholesterolniveau van de proefpersonen aan het begin van de test is er een waarschijnlijk niet significant ACC-effect van maar 1 procent. Niettemin spreekt TNO van een 'substantieel resultaat'. “Regelmatige consumptie van de nieuwe yoghurt kan dus werkelijk helpen het bloedcholesterolniveau te beheersen.” Destijds kreeg het Japanse Yakult een soortgelijke aanbeveling mee die op even zwak onderzoek was gebaseerd.

Aan welke van de twee componenten in Danone's ACC het 'substantiële' effect is te danken kan de proefopzet van TNO niet duidelijk maken. De hoop dat de suikers fructo-oligosacchariden of inuline een gunstig effect hebben blijkt - afgezien van rattenonderzoek - gebaseerd op maar twee studies in mensen: een heel korte proef in 1984 van Yamashita met 18 suikerpatiënten en een langere, maar slecht gedocumenteerde van Davidson (1995) aan 26 mannen die dagelijks maar liefst 18 gram inuline kregen. Juist afgelopen maand verscheen in het tijdschrift 'Voeding' de weerslag van een Unilever-onderzoek bij 64 vrouwen naar het effect van een dagelijkse dosis inuline van 14 gram. Men vond geen effect op het cholesterol, wel was er sprake van 'gerommel in de buik'.

Dat laat de bacteriën over als actief bestanddeel. Ook hier staat weinig overtuigende literatuur ter beschikking. De mooie verwachtingen stoelen vooral op oude humane studies (uit de jaren zeventig) aan een paar slecht gedefinieerde, gefermenteerde melkprodukten en op wat recente laboratorium-proeven met melkzuurbacteriën. Proeven met ratten leverden geen eenduidig resultaat. Een ouder, verkennend onderzoek van Mona aan een Fysiq-achtig produkt toonde na twee weken een interessant cholesterol-effect dat een week later weer belangrijk was afgezwakt. Men schrijft het toe aan 'verminderde trouw aan het dieet', maar het is veelzeggend dat onderzoeker D.A. Jaspers in 1984 ook al opmerkte dat een gesignaleerd cholesterol-effect na een paar weken weer verdween.

De opwindende claims van Mona en Danone steunen dus op vliesdunne experimentele aanwijzingen. De Wageningse cholesterol-onderzoeker professor dr. M.B. Katan, die de yoghurts overigens een interessante ontwikkeling noemt, is dan ook nog niet overtuigd van de werking. Katan: “Een ei is geen ei in deze wereld, een studie is te weinig om met zulke vergaande claims te komen. Bovendien zou het wel eens geruime tijd kunnen duren voor een nieuw bacterieel darmevenwicht is ingesteld.”

Dr.ir. G. Schaafsma van TNO Voeding, sinds kort ook hoogleraar in Gent, verdedigt zich tegen de kritiek van Katan en die van Unilever: “We geloofden er hier aanvankelijk ook niet in en waren dus stomverbaasd een effect te vinden, ook al had Danone zelf onderzoek gedaan. Natuurlijk zijn nu lange-termijn studies nodig, maar de felle concurrentie in de voedingsindustrie stond dat tot dusver niet toe. Bovendien is het een zware belasting voor de proefpersonen.” Overigens legt Schaafsma de verantwoordelijkheid voor het gebruik van zijn onderzoek uitdrukkelijk bij Danone.

Zelf is hij niet zo bang dat het cholesterolverlagend effect van ACC na verloop van tijd weer zou kunnen verdwijnen. Deense onderzoekers van de universiteit van Aarhus toonden immers met het yoghurt-achtige produkt Gaio van MD Foods aan dat het effect in de loop van zes weken almaar sterker werd. Helemaal vergelijkbaar is Gaio niet. Het bevat geen speciale suikers en voor de bacterie is de stam enterococcus faecium gekozen die door de universiteit van Kiev werd geïsoleerd uit de darmen van oude Abchaziërs. Een veeg teken is dat de Deens gezondheidsraad MD Foods al in 1993 dwong de cholesterolclaims op te geven, omdat ze onvoldoende waren onderbouwd. Juist deze maand heeft ook de reclame code commissie in Engeland, waar Gaio sinds een jaar te koop is, uitgesproken dat MD Foods onvoldoende onderzoek had gedaan en de cholesterolverlagende eigenschappen van Gaio had overdreven. Een veroordeling die MD Foods waarschijnlijk geen schade meer berokkent: Gaio heeft inmiddels een comfortabele marktpositie ingenomen en zal die ook met afgezwakte reclame wel behouden.

Dat verklaart de haast van Unilever die onverwacht de Nederlandse markt voor cholesterolverlagers al ziet 'dichtgetimmerd' voor zij zelf een soortgelijk produkt kan leveren. Het moet het voedingsconcern goed uitkomen dat zij deze keer ook de Consumentenbond aan haar zijde vindt. De bond meent een medisch tintje in de cholesterol-claims van Mona en Danone te bespeuren, acht dit onwettig en overweegt een klacht bij de Reclame Code Commissie.

Ligt hier niet eerder een taak voor de overheid zelf? Inderdaad, zegt H. van Buuren van de Hoofdinspectie Gezondheidsbescherming. “De claims van Mona en Danone zijn in strijd met artikel 19, lid 1 van de Warenwet dat onder a verbiedt aan voedsel eigenschappen toe te schrijven 'inzake het voorkomen, behandelen of genezen van een ziekte' of daarop toespelingen te maken. Er wordt duidelijk een toespeling gemaakt op het voorkomen van hart- en vaatziekten en dat mag dus niet, of de produkten nu werken of niet. Wij zullen proces-verbaal opmaken en dat voorleggen aan de officier van justitie.” Of Fysiq en Actimel Cholesterol Control met afgezwakte etiketten en commercials weer snel hun marktpostitie zullen kwijtraken blijft te bezien.

    • Karel Knip