Openbaarmaking rapport over CID onderdeel van 'wreed spel'

DEN HAAG, 2 APRIL. Openbaarmaking of niet, daar lijkt het de laatste dagen alleen nog om te gaan bij de discussies over het vernietigende rapport van de rijksrecherche over de handel en wandel van de Haarlemse politie. Maar terwijl Tweede-Kamerleden, bewindslieden en burgemeesters gisteren over elkaar heen buitelden in hun pleidooien voor openheid, vroeg een adviseur van minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) aandacht voor de reden van al die spontane nobelheid. “Er wordt een wreed spel gespeeld”, zei hij, “dat is veel interessanter.”

Met het rapport van de rijksrecherche heeft de Criminele Inlichtingendienst (CID) van het Haarlemse korps zijn laatste beetje krediet verspeeld. Miljoenen guldens drugsgeld werden voor onderzoeken gebruikt en het Haarlemse politieduo Langendoen en Van Vondel blijkt de besteding van dat geld maar ten dele te kunnen verklaren. Ze worden zeer waarschijnlijk strafrechtelijk vervolgd.

Die conclusies waren afgelopen zaterdag in vrijwel alle kranten terug te vinden. Iemand had de pijpleiding opengezet. Ook talrijke in Den Haag gestationeerde verslaggevers bleken zich meester van het nieuws te hebben gemaakt. Het kwam blijkbaar niet alleen, zoals gewoonlijk, van wraakzuchtige of verontwaardigde functionarissen op parketten en politiebureaus, maar ook uit de Haagse politiek.

Het zaad daarvoor werd begin vorige week gezaaid. Toen werd op het Haagse parket van procureur-generaal A. Docters van Leeuwen - vorig jaar initiator van het onderzoek - besloten dat de enquêtecommissie opsporingsmethoden de beschikking moest krijgen over het resultaat van het rijksrecherche-onderzoek. Het stuk werd “onderhands” aan de commissie ter beschikking gesteld, zegt een bron rond de enquêtegroep. Het argument was dat de enquêtecommissie steeds was ingelicht over de voortgang van het rijksrecherche-onderzoek, en met het Tweede-Kamerdebat over haar rapport in aantocht had de commissie ook recht op het eindresultaat. Op die vormelijkheid viel weinig aan te merken.

Totdat vorige week woensdag de zogenoemde 'regiegroep' bijeenkwam, bestaande uit topambtenaren van Justitie en Binnenlandse Zaken, Docters van Leeuwen en de burgemeester van Haarlem, J. Pop. Dat hoofdcommissaris Straver van Haarlem eerste verantwoordelijke was van het CID-debacle mocht wel zo zijn, weerklonk het daar, maar wie was de rijksrecherche om dat te concluderen? De 'politie van de politie' was hier te ver gegaan, stelden burgemeester Pop van Haarlem en de ambtelijk vertegenwoordiger van minister Dijkstal. Maar ze vormden een minderheid: de vergadering ging met het stuk akkoord.

Donderdag werd het crisis. Terwijl de eerste functionarissen de gelegenheid kregen het stuk te lezen op het ministerie van Justitie - ze mochten het rode boekje niet meenemen wegens het gevaar van lekken - overlegden de ministers Sorgdrager (Justitie) en Dijkstal samen met hun topambtenaren over het rapport. Het was Dijkstal inmiddels duidelijk dat hem een loer was gedraaid. Het zinde hem niet dat de rijksrecherche als scherprechter optrad en de minister zag daarin de sturende hand van Docters van Leeuwen, die van stonde af aan kritisch was geweest over 'Haarlem'. Al vorig jaar nam hij een voorschot op de uitkomst van het onderzoek door de Haarlemse hoofdofficier van justitie De Beaufort te melden dat zijn “hoofd op het hakblok” lag - samen overigens met dat van Straver.

Dijkstal zag ook een probleem voor zichzelf opdoemen. Ongeveer in de tijd dat Docters doende was met zijn hakblok, deed Dijkstal hoofdcommissaris Straver nog het aanbod Docters van Leeuwen op te volgen en het nieuwe hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) te worden, wat moeilijk valt uit te leggen als een gebrek aan vertrouwen. Belangrijker echter is dat Dijkstal op 20 juni vorig jaar in een gesprek met Straver en Pop zijn volste vertrouwen in Langendoen uitsprak.

De Haarlemmers, zo bleek tijdens de parlementaire enquête, wilden toen van Dijkstal weten of er reden voor ontslag van Langendoen was. De toenmalige secondant van Dijkstal, H. Borghouts - nu secretaris-generaal van Sorgdrager - zei echter dat voor “maatregelen tegen mensen” geen reden was: “Er is geen enkele indicatie dat Langendoen niet koosjer is”, aldus het rapport van de enquêtecommissie. En juist die opmerking, destijds gemaakt, is in forse strijd met het hoofdverwijt van de rijksrecherche aan Straver: dat hij ondanks waarschuwingen niet eerder in zijn CID heeft ingegrepen.

Dijkstal zag vorige week maar één oplossing. Het stuk van de rijksrecherche moest geheim blijven. Formele argumenten waren er genoeg. Onderzoeken van de rijksrecherche worden nooit openbaar, de genoemde personen moesten eerst worden ingelicht en als het onderzoek strafrechtelijke consequenties heeft, geeft het geen pas de Tweede Kamer te betrekken bij het vervolgingsbeleid van het openbaar ministerie. Minister Sorgdrager ging akkoord. Haar nieuwe secretaris-generaal Borghouts gaf geen enkel teken van onbegrip. Aldus was besloten.

Maar op vrijdag werd dat besluit via de achterdeur alsnog ongedaan gemaakt. Het grote lek-spel begon. Minister Sorgdrager was er in het weekeinde op het D66-congres als de kippen bij om haar aanvankelijke besluit te redresseren. Tegenover de camera wilde ze niet langer “uitsluiten” dat het rapport openbaar wordt, ze wilde daar zelfs toe bijdragen.

Ten lange leste was er gisteren voorzitter Van Traa van de enquêtecommissie die meedeelde dat hij het stuk hoe dan ook openbaar maakt. Daarmee werd de identiteit van de winnaar van de week onthuld: Docters van Leeuwen. Zijn zet om het stuk al begin vorige week aan van Traa ter beschikking te stellen, bleek after all de beslissende.

Voor Docters opent dat de weg die hem al enige tijd voor ogen staat: De Beaufort moet verdwijnen als hoofdofficier in Haarlem. Maar dat vergt wel dat hoofdcommissaris Straver - immers hoofdverantwoordelijke - eerst het veld ruimt. Dijkstal voelt het moment naderen dat hem geen keuze meer rest, maar burgemeester Pop wil voorlopig niet meewerken.

Het rapport van de rijksrecherche wordt hoe dan ook openbaar. Het kan minister Dijkstal een schadelijke procedure van Straver voor de ambenarenrechter kosten. En het schaadt in ieder geval zijn geloofwaardigheid - zoniet tegenover de Tweede Kamer, dan toch tegen Straver. Bij de vice-premier resteert dan ook chagrijn over de onbetrouwbaarheid van Sorgdrager, omdat hij immers had afgesproken dat het rapport geheim zou blijven. Of, zoals een van zijn ambtenaren het gisteren uitdrukte: “Waarom kan je met haar geen afspraken maken?”

Bij de Haarlemse politie werd gisteren besloten dat een ontslagprocedure tegen Langendoen wordt ingesteld zodra het openbaar ministerie vervolging tegen hem instelt. Een reële vraag is intussen of Straver tegen die tijd nog in functie is.

    • Marcel Haenen
    • Tom-Jan Meeus