Ministers EU wijzen compromis af; Nog geen akkoord gekke-koeienziekte

LUXEMBURG, 2 APRIL. De Europese ministers van landbouw verzetten zich vanmiddag nog fel tegen een compromisvoorstel van de Italiaanse voorzitter over de aanpak van de 'gekke-koeienziekte' BSE in Groot-Brittannië. Een verzoek van de Britse minister van landbouw, Douglas Hogg, om het exportverbod op Brits runderen en rundvlees onmiddellijk op te heffen, werd door zijn veertien collega's gisteren unaniem verworpen.

Na een marathonvergadering van bijna twaalf uur schorsten de ministers van landbouw de afgelopen nacht rond drie uur hun bijeenkomst. Vanmiddag om half één hervatten zij hun overleg. Voornaamste knelpunten zijn dat de ministers de door Groot-Brittannië voorgestelde maatregelen niet ver genoeg vinden gaan en dat zij niet willen ingaan op de Britse eis van 80 procent schadevergoeding door de Europese Unie voor de vernietiging van runderen.

De Britse minister verzette zich vanmiddag vooral tegen de onwil van de anderen het exportverbod op te heffen. Behalve Groot-Brittannië, verzetten zich, om hele andere redenen, de Benelux-landen, Oostenrijk, Frankrijk en Duitsland. De Nederlandse minister Van Aartsen is gekant tegen de passage uit het compromisvoorstel dat vergoeding voor andere landen die maatregelen nemen nog niet zeker is. Ook heeft hij er bezwaar tegen dat landen niet apart maatregelen mogen nemen, zoals Nederland met de vernietiging van Britse kalveren heeft gedaan.

De Britse minister Hogg legde gisteren een eigen voorstel op tafel om de ongeveer vier miljoen Britse runderen ouder dan 30 maanden te vernietigen. Tot nu toe kwam de gekke-koeienziekte vrijwel uitsluitend voor bij koeien boven de 30 maanden. Dit voorstel zou neerkomen op de slachting van 15.000 dieren per week in een periode van vijf à zes jaar. De overige veertien landbouwministers waren tevreden dat Londen bereid is iets te doen, maar ze willen meer. “Het is de eerste keer dat de Engelse regering met voorstellen komt om iets te doen. Dat is positief”, aldus Van Aartsen. Maar het huidige voorstel garandeert volgens hem niet dat er geen BSE-vlees meer wordt geëxporteerd uit Groot-Brittannië, als het exportverbod wordt opgeheven. De Franse minister van Landbouw, Philippe Vasseur, noemde het Britse voorstel “een basis voor discussie”.

De landbouwministers eisen bijkomende maatregelen van Groot-Brittannië, zoals een sluitend systeem voor identificatie en registratie van runderen bijvoorbeeld met oormerken. Groot-Brittannie kent nu geen registratiesysteem voor runderen. De invoer ervan zou zo'n zes maanden duren. “De invoer van zo'n registratiesysteem zal moeilijk zijn”, erkende Van Aartsen. “Maar we moeten het vertrouwen herstellen.” Voorts willen de veertien weten wat er gebeurt met runderen onder de 30 maanden.

Pagina 16: Verzet tegen betaling

Ook over de vergoeding van de te vernietigen runderen bestaat meningsverschil. Groot-Brittannië wil dat 80 procent van de kosten wordt vergoed door de Europese Unie. Maar de overige lidstaten vinden dit te ver gaan. De Duitse minister van landbouw herinnerde er aan dat Duitsland in 1994 slechts voor 70 procent werd vergoed voor de toen heersende varkenspest en dat Groot-Brittannië destijds als eerste aandrong op “een zo laag mogelijke bijdrage” van de EU. Minister Van Aartsen wees er gisteren op dat de bestaande systemen van vergoeding uitgaan van 50 procent compensatie door de EU bij vernietiging van dieren en in andere gevallen 70 procent. Hij wil “aansluiten bij de systemen die we kennen”. De kosten van vernietiging van Britse runderen boven de 30 maanden lopen volgens schatting op tot 4 miljard gulden.

EU-voorzitter Italië heeft vannacht een compromistekst voorbereid, waarin is bepaald dat Londen de voorgestelde vernietiging uitvoert en dat het exportverbod op Brits rundvlees voorlopig blijft gehandhaafd. Brussel zou opdraaien voor 70 procent van de kosten van de vernietiging. De Britse minister Hogg zei vannacht dat het Italiaanse voorstel verschillende bepalingen bevat die Londen er in wil zien, maar dat het “nog veel werk behoefte”. De Nederlandse minister zou zich in het bovenstaande gedeelte van het Italiaanse voorstel kunnen vinden, maar niet in de bepaling dat de lidstaten geen individuele maatregelen mogen nemen om de verspreiding van de gekke koeienziekte tegen te gaan. Dat zou betekenen dat Nederland niet 64.000 Britse kalveren mag vernietigen, zoals Van Aartsen wil.

De crisis rond de gekke koeienziekte begon op 20 maart, toen de Britse regering erkende dat er een verband kan zijn tussen BSE en de voor mensen dodelijke ziekte van Creutzfeldt-Jakob. Tot dan toe ontkende de Britse regering een dergelijk verband. Vorige week besloot de Europese Commissie tot een exportverbod van Brits rundvlees. Op de Europese top afgelopen weekeinde in Turijn werd de Britse regering financiele steun in het vooruitzicht gesteld om de gevolgen van de 'gekke koeienziekte' BSE op te vangen. Zij spraken zich niet uit over de hoogte van het bedrag.

    • Birgit Donker