Een dagboek van emoties in grafiek

Tentoonstelling: Louise Bourgeois. Grafiek 1938-1993. T/m 14 april 1996 in het Bonnefantenmuseum te Maastricht, Avenue Ceramique 250. Di t/m zo 11-17u. Cat ƒ 156,20.

Vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog verliet Louise Bourgeois (1911) Parijs en vertrok net als zoveel andere Europese kunstenaars in die tijd naar New York. De beeldhouwster stuurde ansichten naar achtergebleven vrienden en familieleden. Het zijn beelden, zorgvuldig vervaardigde litho's en houtsneden, uit haar nieuwe, dagelijkse omgeving: interieurs, voorraadkasten, glazen potten of planten.

Het Bonnefantenmuseum stelt nu een selectie tentoon uit de zeshonderd prenten die Bourgeois enkele jaren geleden heeft geschonken aan The Museum of Modern Art in New York. De collectie valt uiteen in twee perioden: bladen uit die vroege jaren veertig en de meer surrealistische bladen met gevleugelde vrouwen, plantachtige wezens en vreemde organismen, die Bourgeois sinds de dood van haar man in 1973 heeft gemaakt. In de tussenliggende periode liet Bourgeois de drukpers volledig links liggen.

Bourgeois, op dit moment een van de belangrijkste kunstenaars uit de Verenigde Staten, was de zeventig al gepasseerd toen ze opeens in brede kring erkenning kreeg. Haar werk kwam op de Documenta in 1992, een jaar later vertegenwoordigde ze de Verenigde Staten op de biennale van Venetië. Met de toenemende belangstelling voor haar sculpturen en installaties, groeide ook de aandacht voor haar grafiek.

De 130 prenten in het Bonnefantenmuseum zijn afwisselend bevreemdend, onheilspellend, teder, zacht, wreed en humoristisch. Voor Bourgeois is het maken van kunst een vorm van 'exorcisme'. Haar emotionele ervaringen worden draaglijk door ze een materiële vorm te geven. Hoe ondoorgrondelijk de persoonlijke drama's van Bourgeois soms ook zijn, ze laten je niet snel los.

Bourgeois beschouwt haar werk als volstrekt autobiografisch: 'Ikzelf ben mijn oeuvre'. Als kind was ze getuige van de verhouding tussen haar vader en de inwonende kinderjuf, wat een diep gevoel van verraad en wantrouwen veroorzaakte. Deze traumatische gebeurtenis is een van de voornaamste drijfveren van haar kunstenaarschap.

De prenten in het Bonnefantenmuseum laten zien dat dat 'exorcisme' tot zeer uiteenlopende vormen kan leiden: soms zijn ze abstract en geometrisch, dan weer figuratief, zoals de serie Ste Sebastienne, de vrouwelijke versie van de met pijlen doorboorde martelaar. Verwijzingen naar vruchtbaarheid, seksualiteit, het vrouwelijk lichaam en gemoedstoestanden als eenzaamheid, wanhoop en woede komen vrijwel in al haar werk terug.

Indrukwekkend is de portfolio He disappeared into Complete Silence (1947), een serie gravures van iele antropomorfe gebouwtjes die willekeurig zijn gecombineerd met korte absurdistische teksten over kleine gebeurtenissen, zoals een geplande ontmoeting tussen een man en een mooi aangeklede vrouw. De man komt niet opdagen, reden voor Bourgeois om de vrouw als een soort paal met vogelhuisje te portretteren. Bourgeois merkte naar aanleiding van dit werk op: 'Schoonheid is een façade. Het uiterlijk en wat zich binnen in iemand afspeelt zijn twee verschillende dingen. Een lage eigendunk kan gecompenseerd worden met veel aandacht voor de buitenkant, maar de persoon zal hoe dan ook desintegreren'.

Observatie van het lichaam is ook het onderwerp van de serie droge-naald etsen Anatomy uit 1993. We zien een hoofd met vier gezichten, een lichaam met allemaal borsten, opengesperde benen die niet het geslacht laten zien maar een gebouw, lange haren, een voetzool en een prent met de ondertitel The sexy one: botten van het bekken, heupen en dijbenen, die blijk geven van een nogal klinische, zo niet morbide kijk op de seksualiteit.

Wat Bourgeois doet is arbeidsintensief en uitzonderlijk. Ze gebruikt het grafisch procédé als een dagboek, om haar gemoedstoestanden te 'vangen' en te herleiden. Voortdurend verandert ze haar werk: elke weergave van een ervaring of gebeurtenis roept een nieuwe emotie op en dat is weer aanleiding tot het maken van een volgend kunstwerk. Er zijn maar weinig kunstenaars die op vergelijkbare, onuitputtelijke wijze hun leven èn werk zo geschakeerd documenteren. En dat de toeschouwer bij een flink aantal prenten, hoe bevreemdend ook, een sfeer of een gemoedstoestand denkt te herkennen, getuigt van groot kunstenaarschap.