Joke Roobaard

T/m 11 mei. Kunstvereniging Diepenheim, Grotestraat 17. Ma t/m vr 10.30-16.30u, za-zo 12-16.30u.

Wanneer kun je het best een 'tentoonstelling in ontwikkeling' bezoeken? Kort na de opening is er meestal nog weinig te zien en halverwege geeft ook een onbevredigd gevoel. Het is alsof je voortijdig een filmvoorstelling heb moeten verlaten: hoe zal het aflopen? Het ideale moment om de expositie van Joke Roobaard (1953) in de Kunstvereniging Diepenheim te bezoeken is de feestelijke sluiting op zaterdag 11 mei. Op die dag zijn er lezingen en vindt de traditionele maaltijd plaats - kortom het ritueel dat zich in Diepenheim gewoonlijk bij een opening afspeelt. Tegen verwachting is de ruimte van de Kunstvereniging niet leeg en kaal. Roobaard heeft allerlei objecten, foto's en dia's uit haar atelier overgebracht naar Diepenheim. Citaten aan de wand, onder andere van filmregisseur Robert Bresson, geven een indicatie van Roobaards bedoelingen. De objecten lijken nog het meest op kledingstukken: 'oversized' lieslaarzen, schorten en broeken die aan één pijp zijn opgehangen waardoor ze doen denken aan kano's.

Roobaard wil, zoals zij zegt, de ruimte en de kledingstukken 'animeren'. Daartoe nodigt zij groepen Diepenheimers uit voor een fotosessie. Het eerste resultaat is een grote foto van enkele jeugdleden van de plaatselijke ruitervereniging die, mèt paard, wat onwennig in de kunstzaal staan. Binnenkort volgt een club mensen die al acht jaar lang elke week met elkaar uitgaan.

Sinds de tentoonstelling This is the show and the show is many things die Bart De Baere in 1994 in Gent organiseerde, is het procesmatige, onaffe en tijdelijke uitgegroeid tot een nieuwe trend in de beeldende kunst. De methode die Joke Roobaard sinds 1989 toepast, vertoont hiermee wel enige overeenkomst. Zij reageert met haar projecten op situaties die ze aantreft. Met 'rekwisieten', foto's en teksten die soms als folders verspreid worden, wil ze het isolement van de kunst doorbreken en haar nieuw leven inblazen.