Bij een shoot-out moet je tot drie tellen; Thrillerschrijver Elmore Leonard en de wetten van Hollywood

Veel van de boeken van de Amerikaanse thrillerschrijver Elmore Leonard zijn verfilmd, maar tot Get Shorty gebeurde dat nooit goed. Een van Leonards favoriete thema's is het verschil tussen het leven van alledag en de fantasiewerkelijkheid van de Hollywoodfilm. “Hollywood weet zich geen raad met understatement.”

De romans van Elmore Leonard zijn verkrijgbaar als Penguin en Dell pocket. Een aantal boeken is in het Nederlands uitgegeven door Van Holkema & Warendorff. De film Get Shorty van Barry Sonnenfeld draait in 33 bioscopen.

Een van de complimenten die je in literaire recensies regelmatig tegenkomt, is dat de besproken auteur 'zo filmisch schrijft'. Meestal wil dat zeggen dat het proza beeldend is, en dat de lezer de handelingen als een film aan zich voorbij ziet trekken. Het kan ook betekenen dat de stijl juist heel zakelijk is en dat de nadruk ligt op de intrige en de dialogen; het verhaal is zo onopgesmukt en heeft zo'n vaart, dat het leest als een filmscript.

Het werk van Elmore Leonard, Amerika's bijzonderste misdaadauteur, voldoet aan beide criteria. Zijn romans over sukkelende criminelen en hun gedoemde scenario's bevatten weinig beschrijvingen of metaforen die het verhaal zouden kunnen ophouden; hun beeldende kracht ligt in de ingenieuze dialogen en in de snelle plotwendingen. Maar Leonard is in nog een ander opzicht een filmisch schrijver: een van zijn favoriete thema's - en de bron van verwarrende en humoristische situaties in zijn werk - is het verschil tussen het leven van alledag en de fantasiewerkelijkheid die de (Hollywood-)film ons voorspiegelt.

Veel van de personages in de boeken van Leonard zijn filmsterren in het diepst van hun gedachten; ze voelen zich Edward G. Robinson of John Wayne, en gedragen zich zoals ze denken dat een gangster of een outlaw zich dient te gedragen. In LaBrava, dat in 1983 bekroond werd met de prestigieuze Edgar Allan Poe Award, draait de plot om een uitgerangeerde Hollywood-diva die een grote slag hoopt te slaan door een afpersingszaak uit een van haar minder bekende films te kopiëren. Ze verleidt een ex-politieman, die haar niet meteen doorziet, maar die wel worstelt met het feit dat ze om de haverklap praat in filmdialogen. 'Hij begon de twee Jean Shaws door elkaar te halen', mijmert de verteller op tweederde van LaBrava. 'Er was de echte en die van het witte doek (-) Het zou heel wat makkelijker zijn om te weten met wie je te maken had als je in het dagelijks leven gewaarschuwd werd door de achtergrondmuziek.'

Zombies

Ook in Leonards recentste roman, Riding the Rap (1995), zijn de misdadigers geobsedeerd door moving pictures. Als ze met zijn drieën een rijkaard kidnappen om losgeld te krijgen, houden ze hem gegijzeld volgens de romantische regels die ze kennen van de televisie - ook al zijn die alleen maar onhandig. En als ze nagejaagd worden door een politieagent, zien ze zichzelf als eenzame cowboys die een oude vete uitvechten met de sheriff. Met desastreuze gevolgen. Twee van de drie schurken sterven in een ouderwetse shoot-out; de ene realiseert zich net voordat hij geraakt wordt dat zijn tegenstander niet, zoals in de gemiddelde western, keurig wacht met vuren totdat er tot drie geteld is. 'Cheating', denkt hij terwijl hij dood neervalt, 'The man never said three.'

De verhouding tussen film en werkelijkheid wordt door Leonard humoristisch op de spits gedreven in zijn meesterwerk Get Shorty (1990), dat nu verfilmd is met John Travolta, Danny DeVito en Gene Hackman. Hoofdpersoon van Get Shorty is de 'shylock' (woekeraar/geldinner) Chili Palmer, die vanuit Miami een schuldenaar van zijn mafiabaas nareist naar Los Angeles. In Hollywood stort de van films bezeten Chili - het type movie buff dat je vroeger tegenkwam in quizzen als Voor een briefkaart op de eerste rang - zich in de filmwereld. Door handig manoeuvreren weet hij zijn eigen belevenissen in Miami en L.A. als synopsis voor een film aan de man te brengen. En passant schakelt hij een aantal misdadige concurrenten uit, krijgt hij een relatie met de sci-fi-horror-actrice Karen Flores, en wordt hij goede vrienden met Harry Zimm, de producent van ZigZag Pictures ('Zig voor de films over psychopaten, ontsnapte gekken en gedrogeerde Hell's Angels; Zag voor films over mutanten die zich voeden met kernafval, over zombies en twee meter hoge ratten, over maden zo groot als onderzeeërs').

Het boek Get Shorty is in de eerste plaats een satire op Hollywood, vergelijkbaar met Michael Tolkins The Player, maar dan geestiger en zonder de psychologische dimensie. Aan de hand van de doorgewinterde 'scream queen' Karen Flores wordt Chili wegwijs gemaakt in de mores van de filmwereld: welke kleding je draagt (wel een pak, geen das, bovenste knoopje dicht), wat je drinkt (Evian en decafé), in welke auto je rijdt ('a Rolls was too pretentious; low-key was in'), en hoe je je gedraagt als je een ster bent (bestel nooit iets dat op de kaart staat). Maar ondanks de strenge etiquette, merkt Chili, is het niet zo moeilijk om je als producer of filmmaker te manifesteren. Per slot van rekening zijn alle films verschillend en heeft niemand in L.A. de wijsheid in pacht. 'The movie business, you can do any fuckin' thing you want 'cause there's nobody in charge.'

Chili is niet de enige crimineel die het in Hollywood probeert te maken; maar hij heeft een belangrijke voorsprong op zijn concurrenten. Hoe hartstochtelijk hij ook van films houdt - en hoezeer hij ook bezig is om een filmscript maken van zijn belevenissen - hij weet dat hij de dingen niet door elkaar moet halen: wat werkt in de film, werkt niet in de realiteit. Zijn tegenstanders vergeten dat: zij proberen Chili uit de weg te ruimen met even romantische als ineffectieve trucs, die zich een voor een tegen hen keren. En zo eindigt Bo Catlett, de cocaïnesmokkelaar die zo dolgraag de filmbusiness in wil ('wat heeft het anders voor zin om hier te wonen?'), te pletter geslagen onder het balkon van zijn eigen huis, als slachtoffer van een val die hij voor Chili wilde zetten.

Jonge Hemingway

De eigenaardigheden van de personages, en niet hun misdaden, zijn het belangrijkst in de 'crime thrillers' van Elmore Leonard (New Orleans, 1925). Zelden wordt de lezer geconfronteerd met een mysterie dat door de hoofdpersoon moet worden opgelost, zoals in de klassieke misdaadromans van Raymond Chandler en Dashiel Hammett. Leonard, die zijn carrière begon met het schrijven van westerns 'om het vak te leren', is geïnteresseerd in het reilen en zeilen van kleine maar ambitieuze criminelen, en zijn boeken lezen als spannende, bijna antropologische beschrijvingen van de onderwereld - vooral die in Miami Beach, Florida.

Anders dan Chandler en Hammett is Leonard ook geen verteller die in zijn boeken duidelijk aanwezig is. Niet alleen doordat hij nooit in de ik-vorm schrijft en bijna altijd van een andere hoofdpersoon gebruik maakt, maar vooral doordat hij uitleggerige beschrijvingen schuwt en het verhaal vertelt via de handelingen en vooral de gesprekken van de personages. Leonards voorbeeld is de jonge Hemingway, die hij naar eigen zeggen leest 'voor zijn dialogen, en, nog belangrijker, voor wat hij níet schreef, voor wat hij wegliet.'

Leonard is een meester in het weergeven van spreektaal, die hij niet zozeer, zoals veel andere (misdaad-)schrijvers, gebruikt voor couleur locale als wel voor het karakteriseren van zijn personages. De psychopatische moordenaar mag dan uit dezelfde stad komen en hetzelfde accent hebben als de politieagent die hem achternazit, hij praat en denkt - Leonard maakt veel gebruik van innerlijke monologen - compleet anders. Ieder karakter heeft zijn eigen stem en krijgt steeds persoonlijker contouren naar mate hij meer aan het woord komt. De hardboiled dialogen van de altijd praatgrage onderwereldfiguren, vol met ironische wendingen en sprankelend idioom, maken het lezen van een Leonard-roman tot een feest.

Je zou denken dat Leonards dialogen en zijn kleurrijke karakters zijn boeken perfect geschikt maken voor verfilming. Maar hoewel er sinds de jaren zestig zes films werden gebaseerd op zijn misdaadromans (en twee op zijn westerns), was er tot Get Shorty nog nooit een die de schrijver ook maar enigzins recht deed. Leonard ('van een boek een film maken is hetzelfde als van een sofa een stoel maken') vertelde ooit in Vrij Nederland dat zowel Ryan O'Neal als Candice Bergen zich beschaamd bij hem geëxcuseerd hebben voor hun rollen in de artistiek en commercieel mislukte verfilmingen van The Big Bounce (1969) en Stick (1985). In een interview met deze krant, drie jaar geleden, legde hij ook uit waarom films naar zijn boeken gedoemd zijn te mislukken. Hollywood, zei hij, weet zich geen raad met ironie en understatement; het is te bang dat het publiek het niet snapt. 'In films moet alles dik worden aangezet en onderstreept. Mijn werk komt dan gewild over, theatraal.'

Quentin Tarantino

Dat Elmore Leonards ironische kijk op het misdaadverhaal - getuige het succes van Get Shorty - inmiddels in Hollywood beter begrepen wordt, is te danken aan de invloed en het succes van een filmer die zijn schatplichtigheid aan Leonard nooit onder stoelen of banken heeft gestoken: Quentin Tarantino. In de door hem geschreven en geregisseerde films Reservoir Dogs (1992) en Pulp Fiction (1994) gaf hij een beeld van misdadigers en hun milieu dat Hollywood verraste (en schokte door het geweld) maar dat heel herkenbaar was voor lezers van Leonard. Tarantino's helden - of het nu juwelendieven zijn die in de diner discussiëren over Madonna en de juiste fooi, of huurmoordenaars die praten over voetmassages en friet met mayonaise - leggen dezelfde mengeling van meedogenloosheid en menselijkheid aan de dag als Leonards personages. En net als Leonard is Tarantino niet in de eerste plaats geïnteresseerd in de misdaden die ze beramen en uitvoeren, maar in hun onderlinge gekibbel en hun soms oeverloze gelul vooraf en achteraf.

De afgelopen jaren heeft Tarantino herhaaldelijk gezegd dat het de crime fiction van Leonard was die hem het meest heeft beïnvloed bij het ontwikkelen van zijn stijl. 'Hij was de eerste schrijver die ik las die inzicht gaf in zijn personages door hen over doodnormale dingen te laten praten.' Met zijn eerste script, True Romance (in 1993 verfilmd door Tony Scott), probeerde hij naar eigen zeggen 'een film als een Elmore Leonardroman te schrijven'. Daarnaast wil het verhaal dat Leonard hem ook letterlijk voor het eerst deed kennismaken met de wereld van de misdaad: als tiener werd Tarantino ooit opgebracht wegens winkeldiefstal: onder zijn jas zat Leonards The Switch.

Bij al deze zielsverwantschap zal het verbazen dat de eerste Elmore-Leonardverfilming sinds tien jaar niet van Quentin Tarantino is. Get Shorty werd bewerkt door Scott Frank en geregisseerd door Barry Sonnenfeld, bekend van The Adams Family. Maar de invloed van Tarantino is onmiskenbaar. Met zijn frivole soundtrack, zijn toneelachtige, op dialogen gefundeerde scènes en zijn weinig heroïsche portret van gewelddadige krabbelaars lijkt de film schaamteloos op Pulp Fiction (dat geproduceerd werd door hetzelfde bedrijf, Jersey Films). Sonnenfeld is zich daar goed van bewust: met een knipoog naar Tarantino, de koning van het citaat, kopieert hij in Get Shorty de klassieke scène uit Pulp Fiction waarin een huurmoordenaar (John Travolta) op de wc een boek zit te lezen. Alleen is het dit keer geen klassieke spionageroman (Modesty Blaise van Peter O'Donnell), maar de autobiografie van de filmster Martin Weir, de 'shorty' uit de titel.

Het was ook Tarantino die John Travolta overhaalde om na zijn rol in Pulp Fiction Chili Palmer in Get Shorty te spelen. Travolta speelt Chili zoals Leonard hem bedoeld heeft, als 'a cool guy, without even trying'. Maar wat belangrijker is: hij bracht ook zijn in Pulp Fiction opgedane ervaring en tarantijnse gevoel voor ironie mee. Als we Travolta mogen geloven, deed het oorspronkelijke script geen recht aan Elmore Leonards genie. Hij bedong de vrijheid om veranderingen aan te brengen. In een Amerikaans interview gaf hij als voorbeeld de scène waarin Chili ontdekt dat zijn leren jasje uit een garderobe in een Italiaans restaurant is gestolen. In het oorspronkelijke script zei Chili tegen de restauranthouder: 'Dat jasje heeft 400 dollar gekost.' Na raadpleging van het boek maakte Travolta ervan: 'My Al Pacino finger-length leather jacket that cost $379 at Alexander's. That my ex-wife gave me.' Want, concludeerde hij, 379 dollar is veel grappiger dan 400 dollar, en de verwijzingen naar Al Pacino en de trendy kledingzaak vertellen je iets over Chili's karakter.

Rechten

Humor is in de details, zouden zowel Leonard als Tarantino beamen. De invloed en het spel van John Travolta hebben van Sonnenfelds Get Shorty een van de aardigste komedies van het seizoen gemaakt. Maar het is nog altijd niet de perfecte Elmore Leonard-film. Daarvoor vallen te veel grappen dood en lijden te veel scènes aan gebrek aan timing. Bovendien is Leonards spel met fantasie en werkelijkheid, met films in een film en verhalen in een verhaal, met boeven die filmsterren willen zijn en filmsterren die boeven willen zijn, ondergesneeuwd door de neiging van Hollywood om alles glashelder te houden. En zo is het sublieme half-open einde - Chili die na kritiek op het einde van zijn filmscript verzucht: 'Fuckin' endings, man, they weren't as easy as they looked' - in de film vervangen door een scène waaruit we te weten komen dat Chili het in Hollywood gemaakt heeft.

Tarantino had het ongetwijfeld beter gedaan. Met zijn eerdere films heeft hij bewezen wel raad te weten met geconstrueerde en goed getimede plots vol flashbacks en door elkaar lopende verhaallijnen. Het zal dan ook voor Elmore Leonard goed nieuws zijn geweest toen hij vorig jaar hoorde dat de maker van Pulp Fiction de rechten van vier van zijn romans had gekocht: Killshot, Bandits, Freaky Deaky en Rum Punch. De eerste film die Tarantino zal regisseren is Killshot, over twee boeven met het ambitieuze plan om een bank te beroven in iedere Amerikaanse staat, van Alaska tot Florida. Als die film volgend jaar uitkomt, is de cirkel rond. De filmische schrijver zal dan eindelijk verfilmd zijn door de schrijvende regisseur die hij zo beïnvloed heeft; bijna dertig jaar nadat zijn eerste misdaadroman in Hollywood door de mangel werd gehaald.