Opsomming; 'Verandering: dringende noodzaak' Krishnamurti.

Vandaag geen grapjes. We kunnen niet altijd vrolijke stukjes schrijven over de intermenselijke relaties tijdens het onderricht. Lezers die geen boodschap hebben aan gezever over structuren, regelingen en andere belangrijke zaken: wegwezen. Ook u, mevrouw L.H. te E., beperkt u zich deze week tot Youp van 't Hek. Dat is tenminste echte humor. Vandaag tijd voor het bikkelharde regelneverige, een opsomming van de verbazingwekkende veranderingen van het voortgezet onderwijs, waar sinds Cals niks gebeurde, en waar het nu al een paar jaar stormt.

Eerst kwam de basisvorming, hetzelfde onderwijs voor alle kinderen van 12 tot 15 op verschillende niveaus. Veel politiek lawaai leidde tot een compromis van een compromis. Per slot is er niet zoveel veranderd. Er kwamen nieuwe vakken: verzorging en informatica, en voor alle vakken nieuwe boeken, gebaseerd op nieuwe uniforme programma's, de kerndoelen. De belangrijkste ingreep, landelijke toetsing, flopte volkomen. Een fantastische mislukking waar je niet veel van hoort.

Veel belangrijker is de fusiegolf van de laatste jaren, afgedwongen met behulp van financiële druk. De solistische leraar aardrijkskunde in de buurtmavo fietst nu naar een complex waar hij zich moet verstaan met drie collega's, die hem een boek aanpraten dat hij niet wil, waar hij moet lesgeven aan kinderen die hij vorig jaar niet heeft gehad, waar hij een minderwaardigheidscomplex krijgt omdat hij nooit verder is gekomen dan de lerarenopleiding dertig kilometer verderop en les geeft in een lokaal dat niet het zijne is. Maar de didactische tweedeling in Nederland is aan het verdwijnen. De kinderstroom splitst zich niet langer in slimmen naar links en dommen naar rechts. Iedereen komt in hetzelfde gebouw, waar iedereen niemand kent.

Taakbelasting: leraren worden tegenwoordig niet meer betaald voor het aantal lessen dat ze geven, maar voor het werk dat ze verrichten. In iedere school rekenen taakbelastingscommissies uit hoeveel het werk buiten de les waard is, wat het kost om een excursie te organiseren, in de medezeggenschapsraad te zitten of te praten over groot en klein kinderleed. Er komt een lumpsum regeling. De rector, die vroeger alleen maar gezag had, en gezag is flauwekul, krijgt nu macht. Hij krijgt meer vrijheid geld te besteden naar eigen goeddunken. Eén gevolg: straks zal iedereen, ook op het gymnasium, in de onderbouw les van tweedegraders krijgen.

En dan zijn er 'Van Veen' voor bovenbouw VBO/Mavo en 'De Profielnota'voor bovenbouw Havo/VWO, in 1998 in te voeren. Gevolgen: nieuwe vakken, nieuwe voor buitenstaanders begrijpelijke examenprogramma's voor alle vakken, profielen in plaats van vakkenpakketten en wijziging van 'doorstroomrechten', de toelatingseisen van het vervolgonderwijs. In het beroepsonderwijs zullen afdelingen tussen scholen worden geruild. En dan is er natuurlijk de invoering van het 'studiehuis'. Lesroosters in bovenbouw Havo en VWO gaan drastisch veranderen. Het aantal lessen wordt teruggebracht tot misschien de helft. De rest van de tijd besteedt de leerling aan zelfstudie, tegenwoordig zelfstandig leren genoemd.

Deze opsomming is niet eens compleet. Waarom pikt iedereen het? Hier zijn twee mogelijke redenen. De vakbonden zijn door hun stommiteit (zoals de hos-operatie) veel invloed kwijtgeraakt. En we hebben een paars kabinet, waardoor net als in de landbouw de informele macht van het CDA wegsiepelt. Of is het toch het broeikaseffect? Op het Ministerie van Onderwijs snappen ze er niets van. Het leidt tot grote spanningen: een verhoogde incidentie van nachtzweten, zenuwschimmel, giechelbuien en andere psychosomatische klachten is gesignaleerd.