Senaat verwerpt voorstel Tommel

DEN HAAG, 27 MAART. De Eerste Kamer zal volgende week het wetsvoorstel van staatssecretaris Tommel (Volkshuisvesting) ter versterking van de rechten van huurders verwerpen. Het beroep dat Tommel deze week in een brief namens het kabinet op de senaat deed om alsnog met dit voorstel in te stemmen, maakt op de meerderheid van VVD en CDA geen indruk.

De VVD-fractie heeft al besloten het wetsvoorstel af te wijzen, liet senator De Beer vanochtend desgevraagd weten. Het CDA moet formeel nog vergaderen, “maar in ons standpunt is geen verandering gekomen”, aldus Eerste-Kamerlid Baarda. Beide fracties lieten vorige week in de Eerste Kamer weten dat ze het voorstel van Tommel te bureaucratisch vinden en dat het de verhuurders met te veel wettelijke regels opscheept. De Beer vindt het “typisch een taak voor de Eerste Kamer om op deregulering te letten”.

De afwijzende houding van de Eerste Kamer leidde gisteren tot kritiek van de Tweede Kamer op Tommel. De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel eerder dit jaar met algemene stemmen aangenomen. De nieuwe wet zou verhuurders verplichten een huurverhoging boven een bepaald percentage (dit jaar 2,8 procent) speciaal te motiveren en er eerst overleg over te voeren met hun huurders. De staatssecretaris en de Tweede Kamer gingen ervan uit dat dit een neerwaarts effect zou hebben op de huurverhogingen van 1 juli.

Het standpunt van VVD en CDA in de Eerste Kamer kwam hun partijgenoten in de Tweede Kamer op kritiek van D66'er Jeekel te staan. Hofstra (VVD) en Esselink (CDA) wezen echter op de eigen verantwoordelijkheid die de Eerste Kamer heeft. Zij lieten weten dat zijzelf ook nu nog voor het wetsvoorstel zouden stemmen.

Hofstra suggereerde Tommel het voorstel nu onderdeel te laten worden van een nieuwe wet over de huurprijzen die de staatssecretaris in voorbereiding heeft. Tommel vond dat een goede suggestie. Hofstra's partijgenoot in de Eerste Kamer, De Beer, zei vanochtend dat ook zo'n voorstel “op een warme ontvangst” in de senaat mag rekenen, “als het eindresultaat ons niet bevalt”.