'Nou, zag dat er enig uit of niet?'

Voordat we overgaan naar het thema-van-de-week moet ik even gewag maken van dé intrigerendste vraag die de afgelopen week op de Nederlandse televisie gesteld werd, namelijk deze: “Zouden die buitenaardsen zelf ook sperma hebben?”

Dat vroeg Tineke Vos op 20 maart 1996 in haar programma op RTL 4 Tineke en de paranormale wereld. Uit de antwoorden van de experts (een UFO-loog en een 'regressietherapeute') begreep ik dat de buitenaardsen niet meer tevreden zijn met hun sperma - ze ervaren zichzelf als emotieloos - en daarom naar de aarde komen om mensen te ontvoeren, wier sperma vervolgens gemengd wordt met het buitenaardse sperma.

Wanneer komen die buitenaardsen nu eindelijk eens Tineke Vos zèlf ontvoeren? Het resultaat zou een daverende bevruchting zijn waarvan het universum nog lichtjaren zal natrillen. Het risico dat we, hopelijk samen met RTL 4, door vloedgolven buitenaards sperma worden weggespoeld, moeten we op de koop toenemen.

En als die buitenaardsen hier zijn, zouden ze dan niet in één moeite door Jac. Goderie kunnen meenemen? Jac. Goderie is de presentator van Filmspot, het wekelijkse filmprogramma van de AVRO. Dat programma is representatief voor bijna alle filmprogramma's in binnen- en buitenland. Het is in alle opzichten krukkig, truttig, zakkig en hoerig.

Goderie babbelt met de parmantigheid van een slechte onderwijzer clipjes en non-interviewtjes aan elkaar en omlijst dit alles met uitroepjes als: “Nou, zag dat er enig uit of niet?” en “Keanu Reeves in de hoofdrol, mijn liefje wat wil je nog meer.”

Kritiek kom je in dergelijke programma's nooit tegen, want dan zouden de filmmaatschappijen wel eens boos kunnen worden en geen clips meer afstaan. Programma's als Filmspot zijn de etalages van de filmwereld, de maatschappijen kunnen er hun waren gratis uitstallen onder het mom van serieuze consumentenvoorlichting. De redactionele inbreng van de AVRO beperkt zich tot het zenuwachtig wegpiepen van het woordje 'fuck', want het moet wel netjes blijven. De kijker moet genaaid worden, zonder dat hij zich gefuckt voelt - op dat credo baseren zich nu eenmaal hele omroepen.

Veronica heeft zijn eigen Jac. Goderie: hij heet René Mioch. Hij lijkt me iets minder lui dan Goderie - Mioch gaat ten minste zelf nog naar Hollywood om zich tamelijk ontuchtig te laten misbruiken - maar voor het overige is het van hetzelfde laken een pak. Clips, tips en andere non-informatie, bedolven onder het lawaaisausje van de internationale promopraat. Mooi scenario, prachtig spel, films waarvan de rillingen je over de rug lopen et cetera.

Mioch gaat er altijd prat op dat hij de grote sterren zo gemakkelijk voor zijn diepte-interviews kan strikken. Zo'n interview gaat dan ongeveer als volgt.

“Vindt Geena Davis het spannend om in een echte piratenfilm te spelen?”

Antwoord: “Yes!”

Mioch verkeert inmiddels op vertrouwelijke voet met de megasterren. Laatst zagen we hem in de weer met John Travolta. “Sinds ons laatste interview in Cannes is er zoveel met je gebeurd”, zei Mioch. Travolta knikte peinzend en ook wel een tikkeltje dankbaar. Zijn leven deelt hij voortaan in twee fasen in: vóór en na het Grote Mioch-interview in Cannes. Daarvóór was hij aan de bedelstaf geraakt, een gevallen ster in de goten van Los Angeles. Daarna begon hij, ondersteund door René Mioch from Holland, aan een formidabele terugkeer naar de top.

Bijna alle filmprogramma's lijken op elkaar. Als je er één hebt gezien, heb je ze allemaal gezien. Dezelfde filmfragmenten, dezelfde interviews. In Nederland wordt nog wel eens een gunstige uitzondering gewaakt voor het filmprogramma van Barry Norman op de BBC. Maar het is teveel eer voor Norman: ook hij is niet veel meer dan een Ivo Niehe-achtige babbelkous die zó blij is met zijn interviewtjes en zijn fragmenten dat hij nauwelijks toekomt aan een kritische noot.

De machtige promotiemachine - in deze Oscar-dagen op volle toeren - van de filmindustrie verricht wonderen. Ondermaatse produkten worden tot meesterwerken verklaard, middelmatige acteurs mogen zich opeens de nieuwe Jack Nicholson of Meryl Streep wanen. Ik wil niet beweren dat de schrijvende pers ongevoelig is voor al die hype - een slappe kitschfilm als Leaving Las Vegas kreeg vrijwel overal goede kritieken - maar de televisie maakt zich tot uitgesproken onderdeel van de promotiemachine. Ik ken eigenlijk maar één uitzondering: Stardust, het aardige filmprogramma van de VPRO, waarin Bram van Splunteren en Harry Hosman serieuze interviews met filmmakers proberen te maken.

Terug naar Jac. Goderie. Ik vrees dat de buitenaardse lievelingetjes van Tineke veel te kieskeurig zijn om hem ooit te ontvoeren. Jac. is blij met 'onze' Oscar voor Marleen Gorris. In Avro's Televizier zien wij hem kraaiend temidden van de Nederlandse filmelite. “Wat een fantastische revanche op al die azijnpissers die zich hier recensent noemen”, roept hij.

“Onze eigen filmexpert”, noemde Karel van de Graaf hem in zijn inleiding.

Ik zou bijna zeggen: Karel, 'piep' you.