Minder vertrouwen consument

AMSTERDAM, 26 MAART. Het vertrouwen van Nederlandse consumenten in de economie is in maart sterk gedaald. Dit blijkt uit het maandelijkseconsumenten-conjunctuuronderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het is de tweede achtereenvolgende maand waarin het vertrouwen scherp terugloopt.

Met name het oordeel over het algemene economische klimaat, een van de twee componenten waaruit het cijfer voor het consumentenvertrouwen wordt samengesteld, liep scherp terug tot een score van -23, tegen -12 in februari. In die maand was er al een forse daling vanaf januari, toen het oordeel over de economie met een cijfer van 4 per saldo nog positief was. De indexen van het CBS lopen van -100 tot 100. Een indexcijfer van 0 betekent dat van de rond duizend mensen die het CBS ondervraagt er evenveel positief als negatief antwoorden. De score van -23 in maart is de laagste sinds april 1994.

Ook de andere component van het consumentenvertrouwen, de koopbereidheid, daalde in maart maar bleef positief met een score van 2. Dat is evenveel als in maart een jaar geleden. In februari van dit jaar bedroeg het cijfer nog 4. Op de deelvraag in de CBS-enquete, waarbij de respondenten werd gevraagd of zij bereid waren grote aankopen te doen, overtroffen de positieve antwoorden de negatieve met 7 procent. Het CBS noemde het vanmorgen “betrekkelijk zeldzaam, dat bij een sterk dalend vertrouwen deze vraag zo positief beantwoord wordt.”

Het CBS vraagt niet naar de motieven achter de beantwoording van de vragen in de enquête. Een medewerker zei vanmorgen dat de sterk negatieve inschatting van het economisch klimaat door de consumenten beïnvloed kan zijn door de berichten over teruglopende economische groei, bijvoorbeeld in Duitsland, en het faillissement van Fokker. Economen hechten doorgaans meer waarde aan de deelcijfers over de koopbereidheid dan aan de deelcijfers over de inschatting van het algemene economische klimaat.