Dunblane

Na het gruwelijke bloedbad in het Schotse Dublane, waar de 43-jarige Thomas Hamilton zestien kleine kinderen en hun onderwijzeres doodschoot, hebben psychologen en psychiaters zich gestort op de verderfelijke geest van de moordenaar. Hoeveel er ook mis zal zijn met het brein van een massamoordenaar, toch wijzen Hamiltons lotgevallen, waarover hij zich in brieven aan talloze autoriteiten beklaagde, niet zozeer op een persoonlijke, psychische stoornis, maar op een mogelijk verband met een veelomvattender sociaal en cultureel probleem. Hamiltons bitterheid lijkt te zijn gegroeid door zijn voortdurende confrontatie met het paranoïde klimaat dat in Groot-Brittannië heerst zo gauw het gaat over lichamelijkheid, erotiek en seksualiteit. Het is in Groot-Brittannië, voor elke (niet-familiaire) volwassene, maar zeker voor leraren of groepsleiders uitermate riskant om een minderjarige ook maar aan te raken. Een troostende hand op de schouder, een aai over de bol, of een poging om twee vechtende jongens te scheiden door ze beiden vast te houden, leidt al snel tot een klacht van de ouders vanwege ongewenste intimiteiten. Wie keurig getrouwd is, krijgt waarschijnlijk het voordeel van de twijfel, maar wie alleenstaand is en niet geheel past in het voorgeschreven patroon heeft het dan al snel moeilijk. Vrijwel iedereen die in Groot-Brittannië bemoeienis heeft met kinderen zal tot in zijn of haar graf zwijgen over de eigen gevoelens voor zover die afwijken van het 'normale'.

Thomas Hamilton lijkt een man die veel plezier ondervond aan de omgang met kinderen, maar daarin bij voortduring ernstig gefrustreerd werd door zijn omgeving. Hij lijkt niet zozeer ernstig gefrustreerd te zijn geweest door onvervulbare 'homo-pedofiele verlangens', zoals psychiater D. van Beek meent in NRC HANDELSBLAD van 14 maart, maar veeleer door een samenleving die hem een onschuldige, en voor hem voldoening gevende, omgang met kinderen onmogelijk maakte. Alle berichten wijzen erop dat hij zich bij zijn sportactiviteiten voor jongens geheel binnen wettelijke en morele grenzen heeft bewogen, maar toch was daar altijd de verdenking van 'perversiteit', al bleken beschuldigingen op roddels te berusten. En dat moet hem steeds dieper hebben gekrenkt. Hamilton was, zoals ook de Nederlandse kranten het beschreven, een eenzelvige, werkloze man die, naar het schijnt, foto's van jongens (met ontbloot bovenlijf?) in huis had: nou, dan weet je het wel! Deze man is de samenleving die hem weinig levensruimte gunde gaan haten. En toen heeft hij op een vreselijke wijze wraak genomen door het liefste bezit van de samenleving te vernietigen: kinderen. Nergens werd hem de huur van een gymlokaal gegund voor zijn sportclubs, en uitgerekend in een gymlokaal vermoordde hij zestien kinderen. Aldus vernietigde Hamilton ook wat hem het meest dierbaar was en daarmee zichzelf.