Sarajevo laat 109 Servische gevangenen vrij

MOSKOU/SARAJEVO, 25 MAART. De Bosnische regering heeft zaterdagavond 109 Bosnisch-Servische krijgsgevangenen vrijgelaten - enkele uren nadat de internationale contactgroep in Moskou had gedreigd de tweede donorconferentie over de wederopbouw van Bosnië af te gelasten als de Bosnische partijen niet eindelijk hun gevangenen vrijlaten.

Na de vrijlating van zaterdagavond worden er in Bosnië nog iets meer dan honderd krijgsgevangenen vastgehouden. Van hen zitten er nog 26 in gevangenissen van de Bosnische regering, 51 worden er vastgehouden door de Bosnische Kroaten en 28 door de Bosnische Serviërs. De Bosnische Serviërs lieten vandaag een gevangene vrij, een moslim-journalist.

De ministers van Buitenlandse Zaken van de vijf landen van de internationale contactgroep - de Verenigde Staten, Rusland, Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië - bespraken het haperende Bosnische vredesproces zaterdag in Moskou met hun collega's van Bosnië, Kroatië en Joegoslavië. Na afloop zei de Russische minister Primakov dat de Bosnische partijen hun gevangenen “onmiddellijk” moeten vrijlaten, op straffe van de afgelasting van de donorconferentie die op 12 en 13 april in Brussel wordt gehouden. Op die conferentie, die wordt georganiseerd door de Europese Unie en de Wereldbank, wordt geld bijeengebracht voor de wederopbouw van Bosnië.

Primakov tekende aan dat de drie Bosnische partijen hun gevangenen op grond van het vredesakkoord van Dayton al in januari hadden moeten vrijlaten en dat ze alle drie in gebreke zijn gebleven. De contactgroep heeft Carl Bildt, verantwoordelijk voor de civiele aspecten van het vredesproces, gemachtigd verdere sancties aan te bevelen tegen de partijen die bij de vrijlating van gevangenen in gebreke blijven.

De contactgroep riep zaterdag in Moskou ook op tot actie om te verzekeren dat de verkiezingen in september doorgaan en dat zoveel mogelijk vluchtelingen voor die tijd naar hun woonplaatsen kunnen terugkeren om aan die verkiezingen deel te nemen. De Franse minister Hervé de Charette riep in Moskou de internationale gemeenschap en de leiders van Bosnië, Kroatië en Joegoslavië op stappen te ondernemen om de etnische opdeling van Bosnië te verhinderen. Hij zei dat er steeds meer aanwijzingen zijn dat de partijen “stilzwijgend instemmen met een opdeling van Bosnië-Herzegovina”.

Tijdens het overleg in Moskou beloofden de ministers uit Bosnië, Kroatië en Joegoslavië zich in te spannen voor de vrijlating van de gevangenen - verzekeringen die overigens niet langer werden geaccepteerd. De Britse minister Rifkind zei dat “in het licht van de ervaringen uit het verleden, zulke verzekeringen op zich niet meer acceptabel zijn”.

In de nacht van zaterdag op zondag liet de Bosnische regering de 109 Servische gevangenen vrij uit de gevangenis van Tuzla. Ze werden met vrachtwagens en bussen naar de bestandslijn bij Gracanica gebracht en aan de Bosnische Serviërs overgedragen. De Bosnische Serviërs en de Bosnische Kroaten lieten gisteren niemand vrij, maar beloofden dat wel de komende dagen te zullen doen. Een woordvoerder van Carl Bildt zei gisteren te verwachten dat de Bosnische moslims vandaag Ninko Djuric vrijlaten, een Servische journalist die afgelopen zomer werd opgepakt.

De drie Bosnische partijen houden sommige gevangenen nog vast met het argument dat ze oorlogsmisdaden hebben begaan. Volgens het akkoord van Dayton mogen ze deze gevangenen vasthouden tot het Haagse VN-tribunaal hun zaak heeft beoordeeld.

De vrouw van de Amerikaanse president Clinton, Hillary Clinton, is vandaag in Tuzla aangekomen voor een bezoek aan de Amerikaanse militairen die deel uitmaken van de vredesmacht IFOR. (Reuter, AFP, AP)