Liberale FDP verlaat voorlopig de intensive care voor een feestje met de CDU; Ongehoord zware klap voor de SPD

BONN, 25 MAART. SPD-gedelegeerden die vorig najaar op hun partijcongres in Mannheim in een emotionele uitbarsting hun degelijke maar te saai bevonden partijchef Rudolf Scharping vervingen door Oskar Lafontaine zullen zich gisteravond hebben afgevraagd wat zij daarmee hebben aangericht. Want nadat Lafontaines eerste honderd dagen als voorzitter een paar weken geleden in Duitse media al waren gerecenseerd als teleurstellend, terwijl Scharping als “ontbaarde” fractieleider in de Bondsdag juist revalideerd leek, kregen de sociaal-democraten gisteren bij de verkiezingen in Baden-Württemberg, Rijnland-Palts en Sleeswijk-Holstein een ongehoord zware klap. Een klap die volgens velen - ook SPD'ers - aardig wat te maken had met de bijdrage die Lafontaine aan de campagne had geleverd.

Precieser gezegd: Lafontaines bezwaren tegen de geplande Europese muntunie en zijn pleidooien voor beperking van de toelating van Aussiedler waren niet alleen in strijd met traditionele opvattingen van de SPD, zij zijn bovendien behoorlijk contraproduktief gebleken. Zó contraproduktief dat niet alleen Sleeswijk-Holsteins SPD-premier Heide Simonis daaruit haar nederlaag tenminste gedeeltelijk verklaarde, maar ook de regeringspartijen in Bonn en de Groenen schande spraken van de campagne.

Zodoende heeft de SPD in een land met een recordwerkloosheid van 4,3 miljoen en een ernstige economische malaise als oppositiepartij nu toch weer zichzelf als voornaamste probleem. Immers: niet alleen blijken Lafontaines thematische taxaties verkeerd geweest, maar ook lijkt de SPD in de hoek te zitten waar de slagen vallen. Zij verspeelt jongere kiezers aan de CDU en de FDP, ook en juist in de grote steden, en zij ziet bovendien veel vrouwelijke kiezers naar de Groenen gaan. En, dat bleek ook uit eerste onderzoeken naar het stemgedrag van gisteren, zij is weliswaar in trek bij werkloze kiezers maar heeft bij de mensen met een baan veel sympathie verspeeld. Voor een potentiële regeringspartij zijn dat slechte berichten. Het zal bij de partijtop hard aangekomen zijn dat CDU-minister Wissmann (verkeer) gisteravond concludeerde dat de SPD in menig opzicht zelfs geen volkspartij meer is.

Opiniepeilers en media-commentatoren, de laatsten politiek en intellectueel vaak zelf produkten van het omwentelingsjaar '1968', hadden in gedachten al afscheid genomen van de FDP als politieke factor van betekenis. Van Die Zeit tot Der Spiegel en van de Bildzeitung tot de Frankfurter Rundschau waren al mooie redevoeringen aan de rand van de open liberale groeve te horen geweest. Soms gingen zulke toespraken nog verder, en werd niet alleen het overlijden van de FDP maar van het liberalisme tout court betreurd. Naar het schijnt was dat verkeerd, of tenminste te vroeg, want - ongeacht de elders in Europa wel blijkende vitaliteit van liberale partijen (die van Bolkestein in Nederland bijvoorbeeld) - de Duitse kiezers hebben blijkbaar nog niet genoeg van de FDP. Meer nog, al kan na veertien jaar coalities-Kohl toch niet worden gezegd dat de CDU/CSU en de FDP niets te maken hebben met de over Duitsland neergedaalde crisis van de economie en het politieke bedrijf, die partijen worden blijkbaar toch door veel kiezers nog competenter geacht dan de SPD. Zeker als die in regionale coalities met milieubewiste pressiegroepen van de Groenen twist op een manier, zoals in Noordrijn-Westfalen, waarvan bedrijven en kiezers met (nog) een baan schrikken. Een interessant aspect van de regionale uitslagen van gisteren is trouwens dat de FDP voor die commentatoren weliswaar niet meer die beminde links-liberale partij van vroeger is, maar als partner van de CDU/CSU en als propagandist van belastingverlaging en uitgavenbeperking door de overheid kennelijk nog wat losmaakt.

Daarmee, en dat zou de SPD kunnen troosten, is voor de coalitie-Kohl in Bonn een probleem gerezen. De FDP heeft een paar weken geleden in haar permanente profileringsgevecht bij haar grote coalitiepartner weten af te dwingen dat de fiscale Solidariteitsheffing (voor de opbouw van Oost-Duitsland) medio 1997 wordt verlaagd. Wegens gebleken succes, gisteren, zal zij dadelijk op fiscaal gebied méér willen. Niemand betwijfelt, ja, iedereen verwacht, dat de coalitie-Kohl in de komende weken met vergaande maatregelen zal komen, al was het maar om Duitsland nog tijdig gekwalificeerd te krijgen voor de Europese muntunie. Sinds gisteren staat vast dat de FDP haar politieke overleving meer dan ooit met belastingbeperkingen wil verdienen. Wat kan betekenen dat Kohl c.s. morgen nog strenger naar het kapmes moeten gaan grijpen, hetgeen voor een grote volkspartij met een breder gestrooid electoraat moeilijker is. En wat voor de CDU/CSU moeilijker is omdat zij met de vakbonden, en met de SPD in de Bondsraad, nationale consensus moet zien te vinden om de Duitse economische reus weer gezond te krijgen. Anders gezegd: de FDP heeft de intensive care gisteren voorlopig verlaten en er misschien zelfs plaats gemaakt voor de SPD. De CDU kan met de FDP even een feestje vieren, maar overmorgen komen alle rekeningen weer op tafel. En als de internationale conjunctuur niet snel aantrekt, en de Duitse export dus evenmin, blijft Kohl zitten met wat de kwadratuur van de cirkel lijkt: belastingen en uitgaven (ook die voor sociale zekerheid) verlagen, de nationale consensus niettemin bewaren, Oost-Duitsland opbouwen en 'slagen' voor Europa. Hij heeft één troost: het duurt zestien maanden tot er weer verkiezingen zijn.