NKF ingehaald door het eigen succes

AMSTERDAM, 23 MAART. Na een korte adempauze medio deze week stoomde de Amsterdamse effectenbeurs gisteren door. De AEX-index sloot gisteren 0,99 punten hoger op 528,20 een nieuw slotrecord en een winst van meer dan tien punten over de gehele week.

Het Finse telecommunicatieconcern Nokia maakte maandag de verkoop bekend van het in 1990 verkregen belang in het Delftse kabelbedrijf NKF. Eind vorig jaar kondigden de Finnen al aan het belang van 55 procent in NKF te willen terugbrengen tot een minderheidsbelang (49 procent), dat vervolgens “op termijn” tot nul zou worden teruggebracht.

“Dit is wel heel erg snel”, constateert M. Fleskens van Barclays de Zoete Wedd. “De directie van NKF was waarschijnlijk zelf ook wat verrast door de gunstige koersontwikkeling van het aandeel.” Het aandeel NKF sloot het jaar 1995 af op een koers van 246,50 gulden en noteerde vorige week nog precies 300 gulden. NKF wordt daarmee een beetje ingehaald door het eigen succes

Donderdag werd door ABN Amro Hoare Govett de herplaatsing van aandelen NKF afgerond. Beleggers die hebben ingeschreven betalen 316 gulden per stuk voor 559.798 (een 41 procentspakket) aandelen NKF. Dat is 4,50 beneden de slotkoers van gisteren. ABN Amro-Directeur M. de Jager die namens leadmanager leiding heeft gegeven aan de herplaatsing toont zich desondanks “zondermeer tevreden” over de prijs.

Het systeem van bookbuilding “sondeert daadwerkelijk de interesse van beleggers”, zegt hij. Het verschil tussen de beurskoers en de koers waarvoor beleggers inschrijven is volgens De Jager bij een fonds met een geringere omzet logischerwijs iets groter. Beleggers die vrezen in het systeem van bookbuilding achter het net te vissen en toch willen speculeren op een voortgaande koersstijging van NKF hebben mogelijk de koers opgedreven.

Van het 55-procentspakket aandelen dat Nokia verkoopt wordt 14 procentpunt van de beurs gehaald en omgezet in cumulatief preferente aandelen (cumprefs), deze worden ondergebracht bij institutionele beleggers. In tegenstelling tot bijvoorbeeld bij DSM het geval was moeten institutionele beleggers voor de 'cumprefs' evenveel geld op tafel leggen als voor de gewone aandelen moet worden betaald. Directeur drs P. de Vries van de Vereniging van Effectenbezitters, de VEB is content dat NKF zich de kritiek van beleggers heeft aangetrokken over de lage uitgiftekoers voor de preferente aandelen. “NKF was eerst van plan de prefs tegen een lagere koers uit te geven dan de gewone aandelen”, aldus De Vries, die in dit opzicht een overwinning claimt. Door de gelijke prijs kopen de beleggers in de preferente niet onevenreding goedkoop stemrecht ten opzichte van de gewone aandeelhouders. Daarmee onderscheidt NKF zich bijvoorbeeld van chemiebedrijf DSM, waar beleggers disproportioneel goedkoop stemrecht kregen, doordat de prefs tegen een lagere koers werden uitgegeven dan de gewone aandelen.

NKF ontkent nadrukkelijk dat met de plaatsing van preferente aandelen een beschermingsconstructie wordt beoogd. Via een stichting aandelenbeheer heeft NKF overigens al een aardige bescherming tegen een eventuele vijandige overname. Analisten erkennen dat andere argumenten een rol kunnen hebben gespeeld bij de onderhandse plaatsing van de cumulatief preferente aandelen.

Het totale pakket van 55 procent van de aandelen is “aardig wat voor een kabelbedrijf”, vindt Fleskens. Aan een dergelijke plaatsing kan volgens de analist van BZW “cosmetisch” door de plaatsing van cumprefs het eén en ander verbeterd worden. “De cumprefs tellen niet mee in het uitstaande aandelenkapitaal”, legt analist M. Bosman van ING Barings uit. “De winst van NKF kan dus over een kleiner aantal aandelen worden verdeeld, zodat de winst per aandeel toeneemt.”

De netto winst en omzet van NKF zijn in het afgelopen jaar door de overname van de kabelactiviteiten van Nokia explosief gegroeid met respectievelijk ruim 43 en ruim 63 procent tot 40,5 miljoen en 1,2 miljard gulden. Daarmee behoort NKF tot de grotere spelers op een kabelmarkt waar het overigens giganten als het Franse Alcatel (omzet circa 10 miljard), het Britse BICC en Pirelli, het Zweeds-Zwitserse ABB en Siemens voor zich moet dulden.

Volgens Fleskens doet NKF het momenteel “aardig in een moeilijke markt. Op langere termijn ziet hij problemen. NKF behaalde in 1995 48 procent van de omzet met de levering aan kabels aan telecombedrijven en 46 procent van de omzet met leveranties aan energiebedrijven.

“Steeds meer telecombedrijven zijn geprivatiseerd en letten daarom meer op de kosten”, zegt hij. “Jongens die telecomkabels maken zullen de oude marges nooit meer terug zien.” Een vergelijkbaar proces voltrekt zich volgens Fleskens onder de elektriciteitsmaatschappijen, de tweede belangrijke groep afnemers van NKF.