Zorgen bij de buren om China en Taiwan

SINGAPORE, 22 MAART. Ze begrijpen als geen ander wat er aan de hand is en ze zijn als de dood dat het uit de hand zal lopen, maar ze zeggen er voorlopig niets van.

In het conflict tussen China en Taiwan spelen de landen in Zuidoost-Azië dezer dagen de rol van een even nerveuze als neutrale buurman. Landen als Vietnam, Thailand, Maleisië, de Filippijnen en Indonesië worstelen om politieke en economische redenen met hun houding ten opzichte van China en Taiwan. Geen van de landen in de regio wil openlijk partij kiezen in het conflict. “Voorop staat dat niemand in problemen wil komen in zijn relatie met China. Daarom handhaven deze landen naar buiten toe een 'één-China' politiek, waarin Taiwan als provincie van China wordt beschouwd. Voor hen is dit dus binnenlandse politiek waarmee men zich niet wil bemoeien”, zegt Daljit Singh van het Instituut voor Zuidoostaziatische Studies in Singapore.

China heeft aan de landen in de regio laten weten dat zij zich op geen enkele wijze moeten bemoeien met, wat Peking “een volledig interne affaire” noemt. De Chinese leiders reageerden met die stelling op uitspraken van Singapore's voormalig premier Lee Kuan Yew. Hij is de enige die zich tot nu toe durfde uit te spreken over de oplopende spanning door China's militaire oefeningen aan de Taiwanese kust.

De 72-jarige oud-Singaporese staatsman, een etnische Chinees, die als senior-minister nog steeds actief is in de politiek en in Zuidoost-Azië geldt als een invloedrijk politicus, pleitte een paar dagen geleden voor geduld en overleg. Lee had verder voor de huidige Taiwanese president Lee Teng-hui een advies. Volgens de Singaporees moet Lee Teng-hui op korte termijn concrete stappen ondernemen om te bewijzen dat diens eerdere uitlatingen over toenadering van Taiwan naar China serieus zijn. “Het zou bijvoorbeeld van symbolische maar tegelijkertijd ook significante betekenis zijn, als Taiwan zegt dat het zijn aanvraag om toe te treden tot de Verenigde Naties wil heroverwegen”, opperde Lee Kuan Yew. Taiwan onderhoudt op dit moment slechts met een handjevol landen in de wereld diplomatieke banden en is geen lid meer van de Verenigde Naties. (In 1971 werd Taiwan in de VN vervangen door China).

Verder zullen Taiwan en China, zo meent Lee Kuan Yew, vooral moeten praten met elkaar. “Beide partijen moeten serieus onderhandelen over een oplossing in de huidige situatie. Er moet overeenstemming komen over afspraken over de 'internationale ruimte' die Taiwan voor economische en culturele doeleinden zal moeten krijgen. Maar dat kan alleen als Taiwan aan China belooft dat het die internationale ruimte niet zal misbruiken om uiteindelijk onafhankelijkheid te bewerkstelligen”, aldus Lee.

Hoewel niemand het hardop heeft gezegd, kunnen vrijwel alle Zuidoostaziatische landen zich vinden in de woorden van Lee. Voor alle landen in de regio staat voorop dat geweld moet worden voorkomen. Want als het conflict tussen China en Taiwan zou uitmonden in een oorlog, heeft dat enorme gevolgen voor de regio: de vrede en stabiliteit, essentiële factoren in de explosieve economische groei die Zuid Oost Azië de afgelopen jaren heeft ondergaan, zouden zo in één klap verdwijnen.

De Aziatische 'buurlanden' zijn vooral bang voor Amerikaanse militaire interventie. Zodra de Verenigde Staten zich actief met het conflict gaan bemoeien en Taiwan zullen steunen, wordt de druk op de landen in de regio groot om partij te kiezen in een conflict dat China tegenover Taiwan en de VS zet.

Japan, dat militaire banden heeft met de Amerikanen, zal in een dergelijk conflict waarschijnlijk aansluiting zoeken bij Taiwan en de VS. Zo'n scenario bezorgt regeringsleiders in Zuidoost-Azië slapeloze nachten. Neem bijvoorbeeld de Filippijnen en Thailand: beide landen hebben defensie-afspraken met de VS. Amerikaanse interventie in het Chinese conflict betekent voor deze landen dus vrijwel zeker dat zij zullen vechten tegen China. “Dat soort gedachten maakt de angst onder de landen in deze regio zo groot. Als het conflict werkelijk tot uitbarsting komt, worden zij allemaal gedwongen om partij te kiezen. Hoe graag ze zich ook afzijdig willen houden, de meeste landen zijn te betrokken om dan aan de zijlijn te blijven staan”, zegt Daljit Singh.

De speurtocht naar hun rol in het China-Taiwan conflict wordt voor de Zuidoostaziatische landen verder bemoeilijkt door de intensieve banden die ze hebben met zowel China als Taiwan en de economische belangen die daar voor hun spelen. China biedt de komende jaren enorme economische kansen waarvan Aziatische 'tijgers' en 'draken' als Singapore, Maleisië, Thailand en Indonesië willen profiteren. In veel Zuidoostaziatische landen bestaat een krachtige Chinese gemeenschap, die sinds jaar en dag de belangrijkste aanjager is van het zakenleven. Deze zogenoemde 'overzeese Chinezen' hebben hun eigen familienetwerk in China waardoor de toegang tot 's werelds grootste consumentenmarkt van de 21-ste eeuw is verzekerd. Voorwaarde daarvoor is wel dat de landen waarin deze overzeese Chinezen zich bevinden, zich niet tegen China keren.

Ook met Taiwan bestaan stevige economische banden, maar meer nog is de situatie daar andersom: Taiwan is de grootinvesteerder in Zuidoost-Azië. In vrijwel alle landen in de regio zijn het Taiwanese investeerders die miljarden dollars investeren in de zich razendsnel ontwikkelende economieën. “Vanuit economisch oogpunt bekeken is Taiwan op dit moment belangrijker en vooral ook invloedrijker voor de landen in Zuidoost-Azië dan China”, zegt Gary Klintworth, een Australische politicoloog, in een onlangs verschenen boek.

Tegenover Taiwans dominante economische rol in Zuidoost-Azië staat het politieke isolement van het land in de regio. Zo was de Taiwanese president Lee Teng-hui in tegenstelling tot de Chinese premier Li Peng, begin deze maand niet aanwezig bij de eerste topontmoeting tussen regeringsleiders uit Europa en Azië. Hoewel de banden met de associatie van Zuidoostaziatische landen, de ASEAN, (Brunei, de Filippijnen, Indonesië, Maleisië, Singapore, Thailand en Vietnam) goed zijn, maakt Taiwan geen deel uit van dit gezelschap. Taiwan behoort wel tot APEC, het jaarlijkse, economisch georiënteerde overleg tussen Amerika en Azië.

De vraag blijft hoeveel 'internationale ruimte' China in de toekomst aan Taiwan zal geven. Zuidoost-Azië wacht dat in spanning af en onthoudt zich voorlopig van bemoeienis in deze voor China 'binnenlandse affaire'. Maar die houding sluit niet uit dat de regio zich kritisch opstelt tegenover China wanneer dit land zich mengt in Aziatische kwesties. Het gekonkel om het bezit van de Spratly-eilanden, een eilandengroep in de Zuidchinese Zee waar zich olie- en gasvoorraden zouden bevinden, is daar een voorbeeld van. Vietnam, de Filippijnen, Maleisië en Brunei maken net als China en Taiwan, geheel of gedeeltelijk, aanspraak op de Spratleys.

De Zuidoostaziatische landen namen vorig jaar, veel duidelijker dan in het Taiwan-China conflict, stelling tegen China uit angst dat de Aziatische reus plotseling een directe buurman in de regio zou worden mocht het de eilanden in bezit krijgen. Om die 'veiligheidsreden' plaatste ASEAN zich zelfs en bloc tegenover China.

“Hier ging het om een internationale kwestie. De kleinere landen in deze regio zijn hard bezig om hun militaire apparaat te moderniseren, maar zullen altijd te klein blijven om alleen tegenover China te staan. Daarom is het zo belangrijk dat ASEAN zich als één groep opstelt tegenover China in kwesties zoals de Spratlys”, zegt Daljit Singh.

Intussen hopen alle ASEAN-landen dat het bij militaire oefeningen blijft in de Straat van Taiwan en dat deze 'interne affaire' niet uitgroeit tot een oorlog in Azië. Geduld en overleg zijn voorlopig de codewoorden voor alle betrokkenen. En Singapore's Lee Kuan Yew lijkt voorlopig de officieuze woordvoerder voor de regio. “Oorlog zou ook voor China een enorme terugslag betekenen, net nu het de afgelopen jaren aan het uitgroeien is tot een moderne, geïndustrialiseerde natie. Na alle ellende die de Chinezen de afgelopen twee eeuwen hebben doorgemaakt, zouden het Chinese volk en zijn leiders toch nog even geduld op moeten kunnen brengen”, aldus Lee.