Bulgaarse premier raakt ook in eigen kring krediet kwijt

Op papier zit Zjan Videnov, ex-communist en premier van Bulgarije, op rozen. Zijn Bulgaarse Socialistische Partij (BSP) bezit nog steeds de absolute meerderheid in het parlement die ze bij de verkiezingen van december 1994 kreeg en de oppositie is nog net zo gefragmenteerd, marginaal en machteloos als een jaar geleden. De guerrilla van de onvermoeibare president Zjeljoe Zjelev tegen Videnovs ex-communisten - neo-communisten is wellicht een beter woord - leidt van tijd tot tijd tot gevoelige nederlagen, maar dit jaar komen er presidentsverkiezingen en wie weet komt er dan een eind aan Videnovs belangrijkste hoofdpijn.

Maar sinds enige maanden steekt een ander soort hoofdpijn op: onenigheid in eigen kring. Steeds vaker krijgt Videnov, de golden boy van de communistische nomenklatoera van vroeger, te maken met verwijten uit zijn eigen BSP over mismanagement van zijn regering, haar duidelijke onwil om te hervormen en haar onwil of onvermogen om de criminaliteit aan te pakken.

President Zjelev verweet eind januari de BSP niet in staat te zijn Bulgarije “op competente en verantwoordelijke manier te besturen”. “De BSP-regering is gevaarlijk geworden voor Bulgarije, zijn nationale veiligheid en het nationaal belang.” Zjelev hekelde de “samenzweerdersgeest” binnen de regering, zei dat ze “terugkeert naar de totalitaire denkbeelden van het verleden” en stelde dat ze niet in staat is de criminaliteit aan te pakken omdat ze “te nauw verbonden is met mafiagroepen”. “Je kunt de corruptie niet bestrijden als je zelf corrupt bent.” Vorige week zei hij dat Videnov er “de stalinistische notie op na houdt dat de staat identiek is aan zijn socialistische partij”.

De kritiek uit eigen kring is een echo op die harde verwijten. In januari kondigde vice-premier Kiril Tsotsjev, tevens minister van Handel, zijn aftreden aan uit protest tegen wat hij noemde “de atmosfeer van constante controle en verdachtmakingen” in alle sectoren van de overheid. Zijn vertrek hing tevens samen met het zogenoemde graanschandaal, dat vorig jaar ontstond toen de regering in een verbijsterende misrekening toestemming gaf voor de export van 'overtollig' graan. Officieel werd een half miljoen ton uitgevoerd, in werkelijkheid waarschijnlijk twee keer zoveel. Bulgarije werd daardoor niet alleen opgezadeld met een graantekort dat nog steeds aanhoudt, maar werd - landbouwland bij uitstek - zelfs gedwongen voor het eerst in zijn moderne geschiedenis graan te importeren. De voorzitter van de parlementscommissie voor Landbouw pleegde, mogelijk in verband met dit schandaal, vorige maand zelfmoord.

Begin deze maand kwam het partijbestuur van de BSP bijeen, achter gesloten deuren. Maar na de bijeenkomst klapte het BSP-blad Doema uit de school met onthullingen over kritiek die binnen het BSP-bestuur was geuit op Videnovs beleid op financieel gebied en inzake de graancrisis en de bestrijding van de criminaliteit.

De belangrijkste criticus op deze bijeenkomst was Andrej Loekanov, een voormalige premier die nog lang in het politburo van de communistische partij heeft gezeten en in de jaren tachtig doorging voor de kroonprins van de toenmalige partijchef Zjivkov. Loekanov hekelde de tendens van de staat en de politie om zich met elkaar te vereenzelvigen als “een teken van terugkeer naar het stalinisme”. “De partij fuseert met de staat en de staat fuseert met de politie. De mensen worden meedogenloos vervolgd”, aldus Loekanov. Daarnaast “misbruiken staatsdienaren de geheime dienst als instrument voor hun eigen interne politieke strijd”.

Dat was kritiek die hard aankwam. Vorige week deed ook een belangrijke vakbondsleider, Krastjoe Petkov, een duit in het zakje. Petkov zei: “Het belangrijkste probleem van de socialistische partij is dat ze een asociaal programma ten uitvoer brengt. Dat zal de partij van binnenuit opblazen”, zo voorspelde hij. Hij klaagde dat de BSP “het model van autoritair kapitalisme van het Aziatische type heeft geïntroduceerd”.

Daar kwam nog bij dat Zjelev, wiens strijd tegen het herlevende communisme door het ontbreken van een effectieve oppositie al te vaak lijkt op een eenmanscampagne, op belangrijke momenten steun krijgt van het Constitutionele Hof. Dat heeft op verzoek van de president twee belangrijke door de BSP ingediende en door het parlement aangenomen wetten getorpedeerd, een amendement op de wet op de teruggave van landbouwgrond die het privébezit van grond zou hebben beperkt en collectieve boerderijen zou hebben beschermd, en een wet die de teruggave van door de communisten onteigende woningen met drie jaar zou hebben uitgesteld.

Ook de relaties tussen Videnov en de media lijken onherstelbaar beschadigd sinds de regering in december zeven kritische journalisten bij de staatsradio ontsloeg. Ondanks de storm van verontwaardiging die daarover opstak zijn sindsdien bij de radio, de televisie en het persbureau BTA tientallen journalisten aan de dijk gezet. Er werden er zelfs twee even gearresteerd wegens onwelgevallige berichtgeving, een optreden dat zelfs in de regeringgetrouwe pers als een schandaal werd bestempeld. In het Bulgarije van Zjan Videnov zijn weer verenigingen actief die waarschuwen tegen censuur.

Ook het Westen is inmiddels begonnen het bewind in Sofia te wantrouwen. In het jaarlijkse rapport over de mensenrechten in de wereld hekelde het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken de Bulgaren op een reeks punten, zoals het grondwettelijke verbod van partijen op etnische grondslag, het gebrek van parlementaire controle op de geheime dienst, schendingen van de mensenrechten door de politie, de terugkeer van oude communistische kaders op hoge functies in de geheime dienst en pogingen om de media politiek in het gareel te dwingen.