Bestuur CTSV woedend

DEN HAAG, 22 MAART. Het bestuur van het CTSV is woedend over het rapport van de Leidse hoogleraar M. Rood, de adviseur van staatssecretaris Linschoten. Dit blijkt uit de reactie van het bestuur.

Het zegt “ernstig bezwaar” te maken tegen de werkwijze van Rood. Diens rapport is “onheus en onnodig beschadigend”.

De drie bestuursleden, D. van Leeuwen, G.J. van Otterloo en M. van Rooijen, verwijten Rood “elementaire normen voor de behandeling van personen” niet te hebben gerespecteerd. Hij heeft geen “hoor en wederhoor” toegepast, stellen zij. De bestuursleden zijn niet één keer gezamenlijk gehoord, maar alleen afzonderlijk. Ook mochten zij, ook weer afzonderlijk, slechts kort het advies van Rood aanhoren. Ze mochten het concept niet inzien, laat staan erop reageren.

Het bestuur verwijt Rood een “oncontroleerbaar rapport” te hebben gemaakt. De citaten erin zijn anoniem. Rood heeft geen feitenonderzoek verricht, constateren de bestuursleden. “De beweringen van de gesprekspartners van de heer Rood zijn niet bij het bestuur geverifieerd.” Het rapport is volgens de bestuursleden dus niet onderbouwd. De wijze waarop Rood de citaten heeft gebruikt zijn “zonder meer beschadigend”.

Het CTSV-bestuur voelt zich ook “het slachtoffer” van zijn “bewust terughoudende opstelling in woord en geschrift”. Het ging er immers vanuit dat het nog in gezamenlijkheid de gelegenheid zou krijgen zijn visie aan Rood te geven.

De Leidse hoogleraar heeft volgens het bestuur alleen personen gehoord “die kunnen worden beschouwd als getuigen à charge”.