Beroep op Kamer: zet nucleair onderzoek voort

ROTTERDAM, 22 MAART. Het besluit van minister Wijers om na dit jaar geen geld meer beschikbaar te stellen voor het Programma tot Instandhouding van Nucleaire Kennis (PINK) betekent dat de vele miljoenen die de afgelopen jaren zijn geïnvesteerd in het opbouwen van kennis over kernenergie voor niets is besteed. De opgebouwde kennis en ervaring, ook van moderne, inherent veilige kernreactoren, zal weer afbrokkelen.

Dit schrijft de coördinator van het PINK-programma, tevens directeur van de kerncentrale Dodewaard, dr. H Arnold in een notitie aan de Tweede Kamer. Arnold doet een dringend beroep op de Kamer om het beleid van Wijers bij te sturen, omdat Nederland anders in de toekomst “niet meer op een rijdende trein kan springen” en met eigen kennis nieuwe kerncentrales kan exploiteren als dat nodig is.

Het PINK-programma is in 1993 door de voorganger van minister Wijers, Andriessen, ingesteld. Hij stelde voor vier jaar 25 miljoen beschikbaar, op voorwaarde dat de partners in het onderzoeks- en kennisprogramma een even groot bedrag uit eigen zak zouden betalen. Dat is gebeurd en de resultaten van PINK bleken de verwachtingen te overtreffen, aldus Arnold. Onder meer is van Nederlandse zijde meegewerkt aan internationale programma's om de veiligheid van centrales op een hoger niveau te tillen en het risico van menselijk falen bij de bediening te verminderen. “Nederland werd door dit werk in internationale projecten niet alleen een gerespecteerde partner, maar ook een partner waarvan een sturende en stuwende werking uitgaat”, aldus de notitie.

De partners van de overheid in het PINK-programma zijn het Energie Onderzoeks Centrum Centrum Nederland, Nucon (een dochterbedrijf van de machinefabriek Stork, het Interfacultair Researchinstituut van de Technische Universiteit Delft en de kerncentrales Borssele en Dodewaard.

Thans is er nog geen noodzaak tot het bouwen van nieuwe kerncentrales in Nederland, schrijft Arnold, omdat er nog voldoende aardgas is. Maar in de toekomst neemt de voorraad af en zullen de prijzen stijgen. Nederland kan dan in een moeilijke concurrentiepositie komen. De prijs van uranium is laag en stabiel. Bovendien dragen kerncentrales niet bij aan het broeikaseffect omdat ze geen CO uitstoten. De werkgelegenheid bij Nederlandse industrieën en -instellingen zal “aanzienlijk teruglopen” als er geen PINK meer is, waarschuwt Arnold.