Zalm wil geen tweede Vie d'Or; Scherper toezicht op verzekeraars

DEN HAAG, 21 MAART. Het toezicht op de verzekeraars wordt verscherpt om de kans op een herhaling van een faillissement zoals bij verzekeringsmaatschappij Vie d'Or te voorkomen. Dat schrijft minister Zalm (Financiën) in het evaluatie-rapport Vie d'Or, dat gisteren naar de Tweede Kamer is gestuurd.

In 1993 ging verzekeringsmaatschappij Vie d'Or failliet ten gevolge van “mismanagement”, zoals de curator concludeerde. De 13.000 polishouders leden een verlies van in totaal 150 à 180 miljoen gulden.

“De Verzekeringskamer heeft zich als toezichthouder weliswaar intensief bemoeid met Vie d'Or, doch achteraf bezien had zij in een aantal opzichten actiever kunnen zijn en het haar ter beschikking staande instrumentarium beter kunnen benutten”, aldus Zalm.

Het evaluatierapport van de minister van Financiën is onder meer gebaseerd op het rapport van de Commissie-Ybema. Het toezicht van de Verzekeringskamer bij het faillissement van Vie d'Or is niet “adequaat” geweest. “De Verzekeringskamer heeft het toezichtsinstrumentarium niet ten volle benut” en heeft passief gehandeld toen de financiële problemen bij Vie d'Or zich manifesteerden. Dat concludeerde een parlementaire onderzoekscommissie in oktober onder voorzitterschap van het Tweede-Kamerlid Ybema (D66).

Minister Zalm stelt op grond van de aanbevelingen van de Commissie-Ybema en de Verzekeringskamer een aantal verbeteringen in het toezicht van de Verzekeringskamer voor. Hij wil onder meer de toetsing van het management van een verzekeringsbedrijf verbeteren. Tot nu toe gebeurt dat alleen marginaal. Ook wil de bewindsman de rapportage door de bedrijven aan de Verzekeringskamer verscherpen en administratieve boetes en dwangsommen invoeren.

Bij de behandeling van het rapport van de Commissie-Ybema deed Zalm - onder druk van de Kamerleden - de toezegging dat hij het Verbond van Verzekeraars en andere betrokkenen bij de ondergang van verzekeringsmaatschappij Vie d'Or overleg gaat voeren over een schadeloosstelling voor de gedupeerde polishouders. Volgens Zalm is zijn ministerie, noch de Verzekeringskamer aansprakelijk voor de verliezen die zijn ontstaan na het echec van Vie d'Or.