Nationale Ballet: mooi plaatjesboek zonder spanning

Gezelschap: Het Nationale Ballet. Premieres: Derde Symfonie, choreografie: Krzysztof Pastor, muziek: Henryk Górecki, decor en kostuums: John Otto, licht: Bert Dalhuysen. Duet, choreografie: Wayne Eagling, muziek: Richard Wagner, kostuums: Netty de Swardt, licht; Bert Dalhuysen. Reprise: Symphony in C, choreografie: George Balanchine, muziek: Georges Bizet, kostuums: Netty de Swardt, licht: Jan Hofstra. M.m.v. het Nederlands Balletorkest o.l.v. Nicolette Fraillon en Nicola Ferner Waite (sopraan). Gezien: 19 maart, Muziektheater, Amsterdam. Daar nog: 21, 22, 25, 27, 28, 30 en 31 maart en 2, 4, 5 en 7 april.

Voor zijn derde choreografie voor Het Nationale Ballet, het gezelschap waaraan hij tien jaar als danser verbonden was, koos Krzysztof Pastor de Derde Symphonie van zijn landgenoot, de Pool Henryk Górecki, als inspiratiebron. Een ruim vijftig minuten durend werk voor sopraan en orkest, dat ook de Symfonie der Klaagzangen wordt genoemd, en doordrenkt is van melancholie, verstild verdriet en machteloze wanhoop. Centraal bij Pastor staat een vrouw (Anna Seidl), die de dramatische momenten uit haar leven herleeft. Niet als realistische gebeurtenissen, maar als herinneringen aan gevoelens van verlies, angst, hoop en liefde. De bewegingen van haar in strak, wit tricot gestoken lichaam weerspiegelen die emoties. Ze zijn langlijnig, maar steeds worden die lange lijnen afgebroken waardoor ledematen en romp lijken op geknakte bloemstengels.

Tegenover de vrouw zet Pastor een grote groep van dertig dansers, die zich opsplitsen in aparte vrouwen- en mannenformaties, zich dan weer formeren tot vijftien identieke paren. Uit de massa maken zich figuren los die zich in soli, duetten, trio's en kwartetten manifesteren. Het geheel is zeer abstract gehouden - emoties moeten voel- en zichtbaar worden via de dynamiek en vorm van de beweging, via het toneelbeeld en belichting. Hoe fraai al die elementen ook zijn, toch weet Pastor niet een zodanige spanningsboog te creëren dat je meegevoerd wordt. Het blijft een beetje een prachtig, dik plaatjesboek waarbij je bij het omslaan van de bladzijden wel telkens even geïntrigeerd wordt door een nieuw accent in beeld of kleur, maar dan toch je aandacht weer voelt wegdwalen. Vijfenvijftig minuten is ook wel erg lang.

Het nieuwe werk Duet van artistiek directeur Wayne Eagling is daarentegen juist kort - net zeven minuten. Het is een vaardig en met duidelijk vakmanschap gecomponeerd, romantisch getint duet op muziek van Wagners Isoldes Liebestod. Het zit vol gecompliceerd tilwerk en lijkt vooral bedoeld om de niet geringe fysieke en danstechnische kwaliteiten van het solistenpaar (in deze voorstelling Nathalie Caris en Boris de Leeuw) te etaleren.

Na lange tijd is Balanchines bruisende en feestelijke Symphony in C op Bizets gelijknamige compositie eindelijk weer terug op het repertoire. Een werk dat van solisten en corps de ballet een grote precisie en virtuositeit vraagt, met name wat snelheid, attaque en energie betreft. Die snelheid en attaque was er nog lang niet voldoende bij iedereen, met hoeveel enthousiasme er ook gedanst werd. Draaien zijn over het algemeen te traag en veel bewegingen missen de attaque in het lichaam als totaal: de benen zijn al gearriveerd maar de torzo en de armen zijn nog onderweg. Van de solisten was Caroline Sayo Iura, met partner Wim Broeckx het meest overtuigend. Anna Seidl was goed en Sofiane Sylve zeer veelbelovend. Gewoon veel doen deze Symphony in C en niet na twaalf voorstellingen weer van het repertoire halen.