Kabinet wil drugsbeleid niet wijzigen onder druk van buitenland

DEN HAAG, 21 MAART. Het kabinet is niet van plan onder druk van buitenlandse kritiek het drugsbeleid in Nederland fundamenteel te wijzigen. Dit zei minister Borst (Volksgezondheid) vanochtend tijdens het debat met de Tweede Kamer over het drugsbeleid.

Borst zei dat het moeilijk is een ander land te noemen dat betere resultaten kan laten zien dan Nederland. “Wij blijven meer geïnteresseerd in feiten dan in mythen”, zei Borst. Zij wees erop dat het drugsbeleid in Nederland, opgezet vanuit het perspectief van de volksgezondheid, succesvoller is geweest dan het repressieve beleid dat in andere landen wordt gevoerd. “Wij hebben minder harddrugsverslaafden, er zijn minder drugsdoden, de aantallen verslaafden en verslaafden die zijn besmet met het HIV-virus zijn in Nederland uitzonderlijk laag. De relatief goede gezondheid van harddrugsverslaafden in Nederland wordt als vanzelfsprekend beschouwd, maar dat is het niet.”

Borst zei verder dat de buitenlandse kritiek op het liberale Nederlandse drugsbeleid, met name uit Frankrijk en Duitsland, vooral afkomstig is uit de hoofdsteden en niet van lokale of regionale autoriteiten die dichter bij de praktijk staan. “Hoe meer men beschikt over feitelijke kennis, des te meer begrip er bestaat voor ons drugsbeleid. Vanachter een bureau roept men sneller dat alle coffeeshops in Nederland dichtmoeten. In landen met een repressief beleid komen jongeren ook aan cannabis en marihuana als ze dat willen.” Zij wees erop dat elf van de zestien Duitse deelstaten een beleid willen voeren dat aansluit bij het Nederlandse. “De scheiding van de markten voor harddrugs en softdrugs is wel degelijk effectief geweest”, aldus Borst.

Volgens de minister is het een illusie te denken dat het cannabisgebruik zal afnemen als we de coffeeshops sluiten. “Daar zouden we spijt van krijgen”, zei ze. “Het aanbod van softdrugs zou zich verplaatsen naar de straat en naar particuliere woningen en zou steeds meer worden vermengd met harddrugs. Dat willen we voorkomen.”

Pag.3: Borst neemt initiatief tot onderzoek met Fransen

Bovendien zouden gebruikers ondergronds moeten, wat grotere risico's voor de volksgezondheid met zich meebrengt, aldus Borst.

De Nederlandse zorg bereikt tachtig procent van de verslaafden. In landen waar geen voorzieningen als spuitenomruil of methadonprogramma's zijn, is de sterfte onder gebruikers veel hoger en de gezondheid slechter, zei de bewindsvrouw. “Onze conclusie is dat we met ons drugsbeleid erger hebben voorkomen.”

Borst wil samen met Frankrijk een onderzoek opzetten naar de effecten van het drugsbeleid in beide landen. “Ik wil daartoe graag het initiatief nemen”, zei Borst. “Ik denk dat wij zelf ook kunnen leren als wij met Frankrijk in gesprek raken over het drugsprobleem.” De grote fracties in de Tweede Kamer wezen er vorige week op dat een onafhankelijk internationaal feitenonderzoek naar drugsgebruik en verslaving een belangrijke bijdrage kan leveren aan een toenadering tussen de Europese landen. De fracties van PvdA en D66 vinden dat met name de Franse autoriteiten het drugsprobleem te veel op basis van ideologie en te weinig op basis van feiten benaderen.

Het kabinet wil in een voorstudie in vier gemeenten laten onderzoeken of een experiment met de vrije verstrekking van heroïne aan zwaar verslaafden technisch uitvoerbaar is. De fracties van VVD en CDA lieten direct weten hun twijfels te hebben over de voorstudie en het experiment. “U spreekt nu al over vier steden”, zei Korthals (VVD). “De richting is de verkeerde.” CDA'er Van de Camp kreeg van Borst de toezegging dat het kabinet opnieuw met de Kamer zal overleggen voordat definitief wordt besloten tot het opzetten van het onderzoek naar heroïneverstrekking.

Met dat experiment, naar Zwitsers model, wil het kabinet onderzoeken of de gezondheidstoestand van zwaar verslaafden kan verbeteren als onder streng medisch toezicht heroïne wordt verstrekt. De verstrekking kan er mogelijk toe bijdragen dat de verslaafde naast heroïne minder andere middelen gebruikt en betere toegang tot zorginstanties krijgt. “Het experiment is niet primair gericht op afkicken”, zei Borst. “We hopen uiteraard wel dat de toestand van de verslaafde zodanig verbetert dat hij de motivatie vindt om een nieuwe poging tot afkicken te ondernemen.”

Het Kamerdebat over de drugsnota duurt nog de hele dag.