Gemeente Groningen zet Melkertbanen in tegen ernstig spijbelgedrag

De gemeente Groningen wil dit jaar vier 'verzuimsignaleerders' aanstellen. Onder leiding van de leerplichtambtenaar gaan zij jongeren die spijbelen opsporen en hen proberen te bewegen naar school te gaan. Ook zullen de verzuimsignaleerders scholen ondersteunen bij de registratie van spijbelaars.

Deze maatregel maakt deel uit van een plan om de jeugdcriminaliteit in de stad Groningen aan te pakken. Het vroegtijdig signaleren en corrigeren van spijbelgedrag ziet de gemeente Groningen als belangrijk wapen in de strijd tegen criminaliteit onder jongeren. Per jaar komen circa duizend jeugdigen uit Groningen met politie en justitie in aanraking. De harde kern bestaat uit 25 jongeren. Wethouder T. Bruinsma: “Bij die groep is nauwelijks nog sprake van enig normbesef. Als we er tien van de 25 op het rechte pad kunnen helpen, zal dat al heel mooi zijn.”

De vier 'signaleerders' worden aangesteld volgens de regeling voor Melkertbanen. Hun werk zal er volgens een gemeentewoordvoerder vooral uit bestaan de spijbelaars en hun ouders thuis op te zoeken. “Het is de bedoeling dat ze ouders op het spijbelen attent maken. Daarna moeten ouders het zelf doen.” Omdat scholen volgens haar niet meer de mankracht hebben om veel aandacht aan spijbelen te besteden, is besloten hen de relatief goedkope ondersteuning te geven. De verzuimsignaleerders hoeven niet hooggeschoold te zijn, maar moeten wel over goede communicatieve vaardigheden beschikken, aldus de gemeente.

Sinds 1994 hebben in Groningen alle scholen de beschikking over hetzelfde verzuimregistratiepakket. De registratie is volgens de gemeente beter geworden. De invoering van gegevens laat echter nog wel eens te wensen over. Daarom worden de verzuimsignaleerders ook ingeschakeld om de conciërges hierbij te helpen. Groningen had in 1994 een harde kern van 197 spijbelaars. Het betreft hier leerplichtigen die geruime tijd ernstig spijbelgedrag vertoonden. De gemeente wil dit aantal met twintig procent terugdringen.