Fonds wil subsidie voor beeldvorming

AMSTERDAM, 21 MAART. Het Fonds voor de Letteren wil de komende jaren ruim 1,1 miljoen gulden meer voor het Letterenbeleid. Het Fonds wil vooral meer aandacht besteden aan de 'beeldvorming' rondom schrijvers. Acht ton van de extra 1,1, miljoen gulden zou ten goede moeten komen aan de subsidiëring van schrijvers en vertalers en drie ton zou nodig zijn om de stijgende uitvoeringskosten te dekken. Het aandeel van de overhead op de totale begroting zou daarmee in één jaar tijd van 6 naar 8,5 procent stijgen. Het Fonds krijgt nu bijna 9 miljoen gulden subsidie per jaar. De wensen worden toegelicht in het vorige week gepubliceerde Beleidsplan 1997-2000. Het Fonds voor de Letteren, dat zich op de ondersteuning van individuele schrijvers en vertalers richt, verwijst daarbij naar zijn nieuwe taken en naar nieuwe groepen schrijvers en vertalers die voor subsidie in aanmerking zouden komen.

Volgens het Fonds zouden Nederlandse schrijvers in de toekomst meer gebruik moeten gaan maken van de 'beeldvorming' die rondom hun werk mogelijk is. Het Fonds ziet als een van zijn belangrijkste nieuwe taken om daarover te adviseren. Het Beleidsplan signaleert dat het oordeel over het werk en talent van een schrijver de laatste jaren steeds meer door de beeldvorming wordt bepaald en steeds minder door de literaire kritiek. “Een auteur die in interviews, beschouwingen, forumoptredens, als bloemlezer, tijdschriftredacteur of als columnist zijn werk intelligent presenteert, achtergronden ervan toelicht, het in een specifieke traditie weet te plaatsen, draagt sterk bij aan de de kwaliteit die aan zijn werk wordt toegekend.” De relevante activiteiten die het Fonds in die richting wil helpen ontplooien zouden gericht moeten zijn op 'de vorm en het tempo van de loopbaan van veel schrijvers' en op 'de reacties van uitgevers, critici en lezers op hun werk'. Het Fonds biedt aan 'instrumenten' te helpen ontwikkelen waarvan een 'kwaliteitsbevorderende impuls' door middel van beeldvorming uitgaat.

Van de nieuwe groepen schrijvers die sinds kort voor subsidie in aanmerking komen noemt het Beleidsplan in de eerste plaats de Vlaamse auteurs die het door de Europese wetgeving gelijk moet behandelen met de Nederlandse. Alleen al op het gebied van de aanvullende honoraria kost dat het Fonds op dit moment 150.000 per jaar. Daarnaast noemt het Beleidsplan debutanten en in Nederland wonende buitenlanders als nieuwe doelgroepen. Het Fonds signaleert een substantiële toename van het aantal literaire vertalingen, dat subsidiëring verdient, met name van 'zeer lijvige werken'. Deze 'ontwikkeling van de markt' zou van de literaire vertalers volgens het Fonds steeds meer inspanningen vragen die via subsidiëring moet worden opgevangen. Het aantal vertalers dat redelijke tot goede prestaties levert, en dus niet uit een subsidieregeling geweigerd kan worden, schrijft het Fonds, is daarbij ook nog voortdurend toegenomen. Dat maakt dat het budget voor vertalingen nu sterk onder druk staat.